Author Archive

Het Watersnoodmuseum bij Ouwerkerk

zondag, juni 20th, 2010

EINDELIJK EENS GEEN POLITIEK? 

Gisteren schreef ik op een felicitatiekaart met de afbeelding van een schilderij “Carnaval” de volgende quote: “Het hele leven is één carnaval. Niets is wat het lijkt, maar je kunt er wel om lachen!”. Naderhand bedacht ik, dat het mooi van toepassing is op de kabinetsformatie. 

Op deze Vaderdag vroeg ik mij af, of ik eigenlijk ooit een doorwrochte feministische visie op dit fenomeen heb gezien. Dan bedoel ik niet de vanzelfsprekende uithalen naar het commerciële karakter van Vaderdag. Het klemt des te meer nu we waarschijnlijk een man zonder partner en geen vader als minister-president krijgen. Hij is een vertegenwoordiger van de groeiende groep singles in onze samenleving en zo mogen we dus van een nieuwe ontwikkeling spreken. Wat moeten we daar nu van vinden? Ik ben geen ervaringsdeskundige en ik laat het dus gaarne aan anderen over. 

Eigenlijk wilde ik al sinds ons verblijf in Zeeland schrijven over een bijzonder geheel vernieuwd en uitgebreid Watersnoodmuseum bij Ouwerkerk. Ik moet mij elke keer weer realiseren, dat de Deltaramp van 1953 voor een groot deel van de Nederlandse bevolking geschiedenis is, een gebeurtenis, die je zelf niet hebt meegemaakt. Als het goed is, wordt erover op school verteld, maar mijn ervaring leert, dat je er niet op moet rekenen, dat mensen er dan ook met inzicht over kunnen praten. Na een bezoek aan het museum bij Ouwerkerk iets Oostelijk van Zierikzee wordt dat anders, want het is een echt beleefmuseum. Het is alsof je de ramp meemaakt. 

Op Schouwen-Duiveland waren twee zeer grote gaten. Bij elke vloed stroomde er water naar binnen en bij eb er weer uit. Daarbij komt, dat in het Zuidwesten de getijverschillen groter zijn door de trechterwerking van de Noordzee en van de zeegaten. Bovendien was het overstroomde gebied erg groot en kon er meer water naar binnen. De stroomgaten bij Schelphoek en bij Ouwerkerk waren zeer moeilijk te dichten. Men heeft daar gebruik gemaakt van caissons, enorme betonnen dozen, die men in de overgebleven openingen bij dood tij tot zinken bracht. Over die caissons is de dijk gebouwd. Het museum is nu gevestigd in de vier caissons, die onderling door gangen verbonden zijn. Dat maakt het allemaal extra spectaculair. 

In de eerste caisson wordt de ramp verteld aan de hand van Polygoonbeelden (TV bestond nog nauwelijks), mappen met krantenknipsels uit de hele wereld, fotoboeken, geluidsopnamen van radiozendamateurs en een grote maquette met alle dijkdoorbraken. De ramp was wekenlang wereldnieuws. Vanuit de hele wereld werd hulp geboden. Dat was echte internationale solidariteit metterdaad. 

De tweede caisson begint met een ruimte, waar je via een brug over stromend water loopt. Op dat water schuiven namen van slachtoffers voorbij. Je kunt zo’n naam oproepen en dan vertelt een nabestaande iets over het slachtoffer. Eén van de 1835 + 1. Je ziet er foto’s van begraafplaatsen en van individuele slachtoffers. Duizenden vrijwilligers gingen dat jaar in Zeeland werken om de overgebleven huizen weer bewoonbaar te maken. En je maakt de sluiting van dit laatste dijkgat bij Ouwerkerk vlak voor het begin van het stormseizoen in het najaar van 1953 mee. Het land viel weer droog. De wederopbouw kon beginnen. Die wordt vooral in beeld gebracht in de derde caisson. In het dorp Ouwerkerk zagen we nog steeds de toen gebouwde houten Zweedse woningen bewoond. Er wordt ook aandacht besteed aan de Deltawerken, maar daarvoor kun je beter naar de Neeltje Jans op de Oosterscheldedam. 

De laatste caisson is gewijd aan de toekomst. Hoe zal het onze planeet vergaan? Zeer instructief. Altijd als ik de Deltaramp en alle waterstaatkundige werken in de klas besprak vertelde ik weer, dat de deskundigen van Rijkswaterstaat, de ambtenaren en de betrokken politici heel goed wisten, dat zo’n ramp door de te lage dijken goed mogelijk was, maar dat ze om financiële redenen andere zaken prioriteit gaven. De ramp had niet hoeven gebeuren als men tijdig maatregelen genomen had. De waakzaamheid is nu groter en men is ook open over een tiental zwakke plekken in onze zeewering. Maar er zijn nieuwe rampen, die ons bedreigen en nog steeds zijn er politici, die de mensen in slaap sussen. Ik hoop niet, dat we nog ooit in onze slaap verrast worden.

 

 

Jaargang 3, Nr. 16.

Een baan voor Wilders

vrijdag, juni 11th, 2010

DE NIEUWE BISSCHOP VAN LIMBURG 

Ze komen nog maar weinig in de kerk, de Limburgse katholieken, maar volgzaam zijn ze nog steeds. Dat leerde je altijd al als katholiek; gehoorzaam zijn aan de paus, de bisschop en de pastoor. Automatisch aannemen, dat wat zij zeiden de eeuwige waarheid was. En automatisch gehoorzamen, ook aan alle hoger geplaatsten. Daarom zijn gebieden met veel katholieken ook zo vatbaar voor fascisme: Beieren, Italië, Spanje, Portugal en Hongarije. Limburg heeft nog veel van een feodale standenmaatschappij. De rijken en de Kerk speelden er onder een hoedje. Wilders is nu de nieuwe bisschop van de rechtse kerk. 

Er is daar ook alle reden voor ontevredenheid. Vroeger was er in ons land een regionaal economisch beleid. Achterblijvende gebieden werden geholpen bij het aantrekken van werkgelegenheid. Zo werd bovendien de Randstad ontlast, want daar dreigde de leefbaarheid te ernstig te worden aangetast. Maar Europa integreerde en binnen die grote Euromarkt zouden de economische kerngebieden sterker met elkaar gaan concurreren. Alle aandacht werd gericht op de Randstad. Daar bij de havens en bij Schiphol moest het gebeuren. De Randstad werd volgeplempt met bedrijfsterreinen en woongebieden. Limburg en het Noorden liepen leeg en dat was niet genoeg. Dus kwamen er ook de gastarbeiders, eerst uit Zuid-Europa, later uit Marokko en Turkije. Ze kwamen in de oude wijken en de naoorlogse flats terecht. De problemen zijn bekend. In de perifere vertrekgebieden vergrijsde de bevolking. Er worden minder kinderen geboren en het sterftecijfer stijgt. De bevolking krimpt en voorzieningen worden minder. Je wordt er niet vrolijk van. Herhaaldelijk heb ik ervoor gewaarschuwd. Opeens is Limburg zwart gekleurd, maar nu niet door het kolenstof. Resultaat van kortzichtig beleid, dat in de Randstad wordt ontwikkeld. 

Zal het succes van de PVV daaraan iets veranderen? Ik geloof er niets van. Rutte roept alsmaar, dat Nederland weer economisch sterker moet worden. Dan ligt de nadruk op de Randstad voor de hand. Extra geld voor de krimpgebieden zal er niet zijn. Er moet bezuinigd worden. Voor Limburg zal er weinig veranderen. Bij een volgende verkiezing zal de PVV winst in Limburg snel verdampen. Voor het oplossen van de problemen in de zwarte wijken zal evenmin veel geld zijn. De conflictsituaties blijven bestaan. Het zou mooi zijn als de PVV in de regering komt. Een oplossing voor de problemen zal door een PVV minister niet snel gevonden worden. Stemmen op de PVV is dus voor niets geweest. Dan hoeven er geeneens ruzies tussen PVV ministers te komen zoals eerder bij de LPF. Geef de PVV regeringsverantwoordelijkheid en ook de PVV zal van voorbijgaande aard blijken, net als de LPF en Boer Koekoek. 

Het zal geeneens zo gemakkelijk zijn de PVV in de regering te krijgen, want er is een derde partij nodig. Daarvoor komt alleen het CDA in aanmerking. Deze partij zal er weinig voor voelen. Niet alleen omdat het CDA in een crisis verkeert en eerst orde op zaken moet stellen. Het CDA heeft veel welgestelde kiezers verloren aan de VVD. Die namen niet het risico, dat het CDA opnieuw met de PvdA zou gaan regeren en bij de VVD zullen de rijken minder last hebben van bezuinigingen. Voor het CDA blijven de eenvoudige brave burgers over. Voor zover ze niet thuis zijn gebleven zullen ze een nog rechtser CDA-VVD-PVV beleid niet erg op prijs stellen. Als zij ook nog bij de partij weglopen blijft er van het CDA weinig over. De informateur zal ontdekken, dat een CDA-VVD-PVV bewind niet mogelijk is. Het op het buitenland georiënteerde bedrijfsleven zit er evenmin op te wachten.  Maar ik ga er geen weddenschap op afsluiten. 

Een nationaal kabinet met VVD, PvdA en CDA zit er na het pijnlijke scheidingsproces tussen de laatste twee niet echt in. Het CDA is nog dizzy van de klap. Dan blijft paars plus over. Dat is de combinatie, die in mijn woongemeente, Bunnik het college vormt. Perspectief 21 omvat de PvdA en GroenLinks, maar heeft ook andere linkse kiezers getrokken. VVD en D66 hebben de Liberalen opgericht. P21 heeft twee wethouders en de Liberalen één. De Liberalen hebben goed naar de bevolking geluisterd en zijn wat groener geworden. Ze zijn nu ook tegen de weg van Houten naar de A12 dwars door het groene landschap van het Krommerijngebied. Bunnik als laboratorium voor de landelijke politiek? Och een grapje moet kunnen. Maar ook grapjes kunnen een serieuze ondertoon hebben. Misschien zijn er meer, die een positieve ervaring hebben met zo’n combinatie. Schrijf erover!

 

Jaargang 3, Nr. 15.

Waar deed GroenLinks het ’t beste?

donderdag, juni 10th, 2010

Percentages GROENLINKS per gemeente

De top-twintig 2010  

 1.  Utrecht                         15,4%

 2.  Wageningen                  15,1%

 3.  Nijmegen                      14,5%

 4.  Groningen                     12,6%

 5.  Amsterdam                   12,5%

 6.  Terschelling                  11,7%

 7.  Leiden                      11,5%

 8.  Haarlem                       11,4%

 9.  Bunnik                         11,0%

10. Ubbergen                     10,8%

11. Arnhem                        10,6%

12. Zutphen                       10,5%

13. Delft                           10,5%

14. Haren                          10,3%

15. Alkmaar                       9,9%

16. Vlieland                       9,5%

17. Amersfoort                   9,3%

18. Winsum                        9,3%

19. Schiermonnikoog           9,2%

20. Deventer                       9,1% 

De drie Waddeneilanden zijn hoog geëindigd doordat daar veel gasten hun stem hebben uitgebracht en kennelijk hebben GroenLinksers een voorkeur voor de eilanden om op vakantie te gaan of het Oerolfestival te bezoeken.Zonder die Waddeneilanden is Haarlem de eerste stad zonder universiteit. Bunnik, Ubbergen, Haren en Winsum grenzen aan een universiteitsstad.

Wie geeft nog het goede voorbeeld?

vrijdag, juni 4th, 2010

DE LASTEN EN DE LUSTEN 

Aan demissionair Minister van Financiën de Jager werd gevraagd of het niet zinnig zou zijn voor de hoogste inkomens een extra belastingschijf in te voeren, zodat ze hun bijdrage aan de oplossing van de financiële problemen concreet zouden kunnen maken. Ze profiteren vaak al extra van belastingmaatregelen als de aftrek van de hypotheekrente. Dat profijt is vaak meer, dan het totale inkomen van iemand in de bijstand of iemand met een minimumloon. De minister kwam met het gebruikelijke antwoord. Waarom nu juist weer deze hardwerkende Nederlanders in hun portemonnee treffen? Zij leveren al zo’n belangrijke bijdrage aan de welvaart in Nederland. De totale opbrengst van zo’n maatregel zou ook niet al te veel zijn en bovendien leert de ervaring, dat zulke slimme rijke Nederlanders altijd wel weer een maniertje vinden om er onderuit te komen. Daarbij worden ze geholpen door zeer deskundige en goed betaalde belastingadviseurs. 

Zo zie je maar weer eens, dat je als CDA’er het alleen maar tot bewindspersoon brengt als je je zeer dienstbaar opstelt naar de rijken, die in het CDA  vanouds de macht hebben. Het schijnt dat velen van hen maar het zekere voor het onzekere kiezen en op de VVD gaan stemmen. Nog eens in een kabinet met de PvdA is te veel gevraagd. Dat de VVD intussen heftig flirt met de PVV tekent nog meer hun mentaliteit. 

Wat zou je eigenlijk mogen verwachten van deze goed ontwikkelde en goed verdienende topfunctionarissen, die zich christen noemen of noemden? Zulke mensen hebben in onze samenleving een voorbeeldfunctie. Ik ken er, die inderdaad een sobere levensstijl hebben, uitstekende sociaal voelende werkgevers zijn, die ook nog veel vrijwilligerswerk doen. Maar voor velen geldt het spreekwoord: “Wie het breed heeft, laat het breed hangen”. Ze zijn niet vies van een bonus in zes of zeven cijfers geschreven ook al verdienen ze het niet, gezien de resultaten van het bedrijf. En dankzij dat “goede” voorbeeld zie je in toenemende mate, dat kiezers alleen aan hun eigen belang denken en hebben allerlei partijen hun specifieke doelgroep. De VVD is er voor de rijken al hebben veel VVD’stemmers dat niet in de gaten. Zij stemmen VVD wegens de belofte de belastingen te verminderen of de hypotheekrenteaftrek te handhaven. En zij vergeten, dat ze voor allerlei voorzieningen vervolgens veel meer moeten betalen. Dat heet profijtbeginsel. Minimumloners en uitkeringtrekkers stemmen SP. De middengroepen op CDA of D66 of CU of PvdA en de mensen uit de volkswijken of sommige nieuwe steden op de PVV. Mensen, die het allemaal doorzien en weten, dat een volksvertegenwoordiger onder ede belooft het algemeen belang te dienen stemt dan GroenLinks. Dat zullen er nooit erg veel worden, want het algemeen belang stellen boven je eigen belang, dat brengen niet zo veel  mensen meer op. 

We weten, dat er een financiële crisis, een bankencrisis is en een economische crisis en een energiecrisis en een klimaatcrisis, maar de meesten van ons hebben nog niet in de gaten, dat er vooral ook een mentaliteitscrisis, een crisis van waarden heerst. Het gaat nog vrij goed met Nederland, maar deze mentaliteitscrisis is een bom onder onze welvaart. Het gebrek aan onderlinge solidariteit en het toenemende egoïsme kan ons economische systeem ernstig ondermijnen en onze samenleving kapot maken. 

Als u lezer, dit in gedachten houdt en dan het programma van GroenLinks op de website bestudeert, zal ontdekken, dat deze partij de problemen ook echt onderkent en in een goed samenhangend programma oplossingen geeft. Als onze Nederlandse samenleving u lief is, dan is een stem op GroenLinks een prima idee.

 

Jaargang 3, Nr. 14.

Ja of neen tegen modellen?

maandag, mei 31st, 2010

KOMEN MODELLEN OOIT UIT? 

Een van de bekendste Nederlandse klimaatsceptici is van huis uit econoom. Hij probeert vooral twijfel te zaaien over de betrouwbaarheid van klimaatmodellen. Maar omarmt met het grootste gemak even onbetrouwbare economische modellen. Iedereen weet, dat geen enkel klimaatmodel voor 100% zekerheid biedt. Je moet met zo veel factoren rekening houden. Veranderingen hebben gevolgen voor andere factoren. Dat noemen we terugkoppelingseffecten. Als het klimaat warmer wordt, geeft dat meer verdamping. Meer waterdamp in de lucht geeft meer bewolking en die gaat de opwarming weer tegen. Maar tegelijk blijkt waterdamp ook een broeikasgas en zorgt waterdamp in de atmosfeer, net als koolzuurgas en methaan en nog meer gassen ervoor, dat de zonnewarmte en eigenlijk de uitstralingswarmte van de aarde beter door de atmosfeer wordt vastgehouden. Maar zo zijn er nog veel meer factoren van invloed en ook weer met terugkoppelingseffecten. Een beetje betrouwbaar klimaatmodel bouwen is dus een hels karwei. 

Dat geldt ook voor economische modellen. Economen bestuderen menselijk gedrag. Menselijk gedrag is eigenlijk niet in wiskundig geformuleerde regels te vatten. Mensen willen zich vaak onlogisch gedragen. Opeens worden veel mensen vegetariër. Wat klopt er dan nog van de verwachte vleesconsumptie? Maar vegetariër zijn kan ook een tijdelijke mode zijn. Kloppen de aangepaste prognoses weer niet. 

Toch haalt geen politicus zich in het hoofd geen rekening te houden met de verwachtingen van het CPB. Het beleid wordt vastgesteld op grond van de uitkomsten van modellen waarvan we weten, dat ze onbetrouwbaar zijn. Maar we moeten toch wat. Nog veel bonter maken politieke partijen het als ze op grond van gereken met die modellen menen te weten hoeveel extra banen hun voorgestelde beleid er in 2040, dus over dertig jaar zijn bijgekomen. GroenLinks baseert zijn verwachtingen tenminste op een groot aantal milieumaatregelen, die productie en plaatsing en onderhoud van allerlei apparatuur nodig maken. Als men geen windmolens gaat bouwen, komt de werkgelegenheid in de molenbouw en in de offshore er niet. 

Waar het mij vooral om gaat is, dat rechtse politici hun economisch beleid probleemloos baseren op onzekere economische modellen en dat heel vanzelfsprekend vinden, maar weigeren een gedegen klimaatbeleid voor te stellen omdat ze beweren, dat de klimaatmodellen geen 100% zekerheid bieden. Intussen is er wel zoveel zekerheid, dat wanneer vliegtuigpassagiers met dezelfde zekerheid zouden weten, dat hun vliegtuig zou kunnen neerstorten zelfs Mark Rutte of Geert Wilders niet in dat vliegtuig zouden stappen. 

In mijn veertig jaar onderwijs heb ik heel wat voorbeelden gegeven van dom menselijk gedrag, waardoor het natuurlijk milieu werd aangetast. Het verbazingwekkende was, dat dezelfde stommiteit vervolgens herhaald werd. Na de Dust Bowl in de USA ging de Sovjet Unie  maïs verbouwen in een te droge steppe en kwamen daar ook stofstormen. Overal in de wereld zie je bodemerosie, het wegspoelen van de teeltlaag en de vorming van geulen en toch blijft men de vegetatie op hellingen wegnemen. Oorspronkelijk was er in het Middellandse Zeegebied veel meer bos. Dat is om allerlei redenen veel minder geworden en het klimaat is er droger door geworden. In gebieden als de Afrikaanse Sahel breidt de woestijn zich door overbegrazing uit. De mens maakt meer kapot dan ons lief is en heeft er zelf de nadelen van te dragen. 

In de natuurlijke situatie kan een ecosysteem ook schade ondervinden, maar al spoedig ontstaat er een nieuw evenwicht. Bij het begin van een ijstijd schoven de plantengordels bij ons zuidwaarts en kregen wij een toendravegetatie. Na de ijstijd kwam het oorspronkelijke eikenbeukenbos weer terug. Maar we weten niet wat het mondiale ecosysteem aan kan, wanneer het klimaat ingrijpend verandert en de kringloop van het water fundamenteel anders wordt. Dat zien we dan wel weer, is eigenlijk geen optie. Je kunt de ontwikkelingen niet zo maar terug draaien. Koolzuurgas, dat in de atmosfeer zit, kun je er niet meer uithalen. De gok maar wagen?  Je zelf voor het lapje houden met de smoes, dat het allemaal niet zeker is? Stemmen op zulke politici lijkt mij zeer onverstandig  Alleen een partij met een robuust klimaatbeleid verdient mijn stem. Voor mij is dat GroenLinks!!

Jaargang 3, Nr. 13.

KRO in de fout

vrijdag, mei 28th, 2010

WAAROM EEN PUBLIEK NET MINDER? 

Het GroenLinks programma bevat een punt, waarin wordt voorgesteld de drie publieke TV-netten terug te brengen tot twee en de omroepverenigingen de zendmachtiging te ontnemen. Ze mogen TV-programma’s blijven produceren en die aan de netredacties leveren. In de toelichtende tekst is nergens een motivering te vinden. De KRO is er niet blij mee en roept de leden op hun stem te laten horen. Dat lijkt een verkapt stemadvies om maar niet op GroenLinks te stemmen. De KRO bezweert mij, dat de brief aan de leden niet bedoeld is als stemadvies. Zo’n brief vlak voor de verkiezingen is een forse miskleun van programmadirecteur Becking. Ik hoop, dat hij tijdig publiek excuus maakt en zijn excuses niet overlaat aan een redactrice van de KRO-bladen, die protesten van lezers beantwoordt. 

Blijft het raadselachtige programmapunt. Ziet men het als een ordinaire bezuinigingsoperatie? Bezuinigen kan ook op een andere manier. De KRO is bereid te fuseren en zo efficiënter te gaan werken. Maar de KRO is een vereniging en de leden willen graag zeggenschap houden over de programma’s. Dat is het sterke van de omroeporganisaties. De kijkers en luisteraars hebben zeggenschap en worden niet overgeleverd aan de willekeur van een “neutrale” netredactie.  Zo krijgen we leuke en mooie en boeiende en “waarden”-volle programma’s van een veel hogere kwaliteit dan het gros van de programma’s op de commerciële netten. Die kwaliteit horen we te bewaken en dan is het vreemd als er een publiek net geschrapt wordt. 

Of vindt men, dat de zuilen hun tijd gehad hebben en dat we dus? Naar een BBC-achtige nationale omroep toe moeten. Is de Nederlandse samenleving dan hetzelfde als de Britse? Daar geloof ik helemaal niets van. 

Ik laat naar beide zijden mijn stem horen. De KRO en GroenLinks zijn mij beide lief. Ik wens ze beide een behouden vaart.

De grenzeloze generatie

zaterdag, mei 22nd, 2010

ANTIAUTORITAIRE OPVOEDING VRAAGT OPVOEDERS MET AUTORITEIT 

Ik keek naar het IKON-programma “Paul Rosenmöller en het hart van Afrika”. Paul was in Rwanda en daar waren een aantal massamoordenaars bezig met dwangarbeid, een berghelling terrasseren met als enige werktuig een eenvoudige hak. Een van de mannen werd door Paul geïnterviewd. Of hij werkelijk mensen had gedood. Ja, dat had hij gedaan en hij vertelde hoe dat ging. Dat hadden we in alle gruwelijkheid al gehoord van een zeldzame overlevende. Die had een moordpartij in een kerk meegemaakt. Paul vroeg waarom  de moordenaar de mensen gedood had. Dat doe je toch niet zo maar. Hij antwoordde: “Het moest van de regering!” Dat herhaalde hij nog een paar keer. Het was een verbijsterend interview. Paul bleef doorvragen. Hij wilde deze man begrijpen. Ja, nu had hij wel spijt, maar toen kon hij niet anders. 

Ik dacht: “Die man is nooit antiautoritair opgevoed. Hij heeft nooit geleerd, dat je niet zo maar een autoriteit, een regering moet gehoorzamen, maar altijd je eigen geweten moet volgen.” Die discussie is ook in Nederland actueel. Hoe ver mag de dwang van de staat gaan? Als een wet democratisch tot stand is gekomen, mag je dan ook neen zeggen? Hoort een democratie respect te hebben voor het eigen geweten van de burgers? Soms heb ik een nachtmerrie en droom van de mogelijkheid van een regering van CDA en VVD met gedoogsteun van de PVV. Er zijn nu al wetten, die strijdig zijn met internationale verdragen. Kinderen mogen niet zo maar op straat gezet worden. Wat kun je allemaal van een dergelijke regering verwachten? Ik vrees, dat ik dan gemakkelijk in gewetensnood kan komen. Zoals ik het nu al misdadig vind, dat het officiële defensiebeleid inhoudt, dat Nederland bereid is als eerste kernwapens te gebruiken. 

Daarom vind ik het heel belangrijk kinderen antiautoritair op te voeden. Kinderen moet je leren hun eigen geweten te volgen. Dat vraagt goed gefundeerde opvattingen over wat goed is en wat kwaad. Zulke opvattingen, zulke waarden kun je alleen maar aan je kinderen overdragen als je ze goed het waarom kunt uitleggen. Dat bedoel ik met autoriteit, echt gezag door de kwaliteit van jouw oordelen. Juist aan die waardenoverdracht mankeert het tegenwoordig bij veel opvoeders.. 

De achtergrond daarvan is, dat antiautoritair vaak gezien wordt als a-autoritair, zonder autoriteit. Je moet vooral je kinderen niet jouw waarden opdringen. Ze moeten hun eigen keuzes maken. Alleen moet ze dat wel eerst leren en daarvoor hebben ze hun ouders, hun opvoeders nodig. Het resultaat van 25 jaar waarden-loze opvoeding is de grenzeloze generatie.

Ik heb daarover gelezen in een publicatie van twee Morivaction-medewerkers: “De grenzeloze generatie en de eeuwige jeugd van hun opvoeders”. De opvoeders van de grenzeloze generatie willen eeuwig jong blijven en vriendje met hun kinderen. Ze stellen nooit grenzen. Zo krijg je de grenzeloze generatie, jonge mensen, die doen waar ze zin in hebben en alles achterwege laten waar ze geen zin in hebben. Je wordt er niet vrolijk van als je dit alles leest. Het geldt uiteraard niet voor alle vijfentwintig-minners, maar voor mij aanvaardbare mentaliteitsgroepen vormen onder deze jeugd slechts een kleine minderheid. Besef daarbij dat dit niet het traditionele verhaal over de jeugd van vandaag is. Het boek is het resultaat van gedegen onderzoek. Is er een oplossing? Ja, eigenlijk heel simpel: opvoeders moeten weer gaan opvoeden.

Jaargang 3, Nr. 12.

Dag van Europa

donderdag, mei 6th, 2010

EUROPADAG 9 MEI: VALT ER IETS TE VIEREN? 

Op 9 mei 1950 hield de Franse Minister van Buitenlandse Zaken, Robert Schumann een rede, waarin hij de oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal voorstelde. Hij koos deze datum omdat hij gezien wordt als het eind van de Tweede Wereldoorlog in Europa. Zijn doel was immers een volgende oorlog in Europa onmogelijk te maken. Kolen, staal, ijzererts en schroot spelen immers een belangrijke rol in oorlogen en door de macht over deze materialen over te dragen aan de Hoge Autoriteit van de Gemeenschap zou de voorbereiding van een oorlog in ieder geval veel moeilijker worden. De Europese Integratie is wat dit betreft succesvol geweest. Een grote oorlog is in Europa sindsdien niet meer voorgekomen en voor de Europeaan van vandaag ondenkbaar geworden. Dat valt te vieren en daarom zou er eigenlijk massaal gevlagd moeten worden. 

Het is ongelofelijk, dat het nog steeds niet verboden is te speculeren op een faillissement van Griekenland of Spanje of Portugal. Juist dat speculeren leidt tot een steeds hogere rente op leningen door deze landen, waardoor hun problemen alleen maar verergeren en uiteindelijk ten voordele van de profiteurs. Zulke lieden zouden voor jaren achter de tralies moeten belanden. Anderzijds biedt het zwakke beleid van de betreffende regeringen, dit soort internationale criminelen ook een kans. Ik schreef het al vorige week. Het is te hopen, dat de EU krachtiger uit deze crisis te voorschijn komt. Er zijn mensen, die zich angst voor een Europese superstaat hebben laten aanpraten. Ik hoop, dat ze nu inzien hoezeer een krachtig Europees bestuur noodzakelijk is. 

Dat betekent weer niet, dat Europa een papieren tijger is. Door Europese wet- en regelgeving is veel macht naar Brussel verschoven. Handhaving is in eerste instantie een taak van nationale overheden en daaraan schort het nogal eens. Ook het doorvoeren van Europese regelgeving in nationale wetten loopt vaak vertraging op. Brussel moet nationale regeringen – ook Den Haag – nogal eens aanmanen of adviseren of in enkele gevallen een procedure starten bij het Europees Hof van Justitie. Voor Den Haag was 2003 een topjaar. De Nederlandse regering kreeg uit Brussel 95 aanmaningen, 40 met redenen omklede adviezen en in 2004 werd 15 keer een beroep gedaan op het Europese Hof van Justitie. Sindsdien heeft onze nationale overheid haar leven gebeterd. In 2008 waren de cijfers 36 aanmaningen, 17 adviezen 4 procedures bij het Hof. Nederland is structureel te laat met het implementeren van Europese wetten en regels, concludeerde de Rekenkamer in 2008. Het gaat dan om de Antonvenetarichtlijn, die overnames over nationale grenzen vergemakkelijkt. Nederland mag een rem zetten op de komst van Roemeense en Bulgaarse arbeidskrachten, maar niet als zij in dienst zijn van een uitzendorganisatie, want dan is er sprake van dienstverlening. 

Nu zo veel beleid in feite in Brussel tot stand komt, waarbij de Nederlandse minister in de Raad meestal gewoon instemt, is het te hopen, dat de Nederlandse bevolking zich dat realiseert en beter beseft, dat het Europees Parlement over meer zaken zeggenschap dient te krijgen. Waar ministers in een onderonsje beslissen en het Parlement niets te zeggen heeft is er duidelijk sprake van een democratisch tekort. Dat zouden we niet moeten accepteren. 

Het leuke is echter, dat veel Europese regelgeving erg gunstig voor burgers uitpakt. Wat in Nederland vaak niet of moeilijk is rond te krijgen zien we in Brussel wel vorm krijgen. Denk aan gelijke beloning voor mannen en vrouwen voor hetzelfde werk, regels op het terrein van landschap, natuur en milieu en nu ook de verlenging van het zwangerschapsverlof en het verlof voor vaders van een nieuwgeborene. Maar dat is nog niet rond. Vandaar, dat men op Moederdag en tegelijk Dag van Europa, 9 mei een wedstrijd voor jonge vaders organiseert, die moeten laten zien, dat zij allerlei vaardigheden als luiers aandoen, de fles geven en een boertje laten doen goed beheersen. Ik had graag meegedaan, maar zelfs de jongste kleinzoon is al tien jaar de luiers ontgroeid. Dat wil weer niet zeggen, dat ik de vaardigheden kwijt ben, maar ik laat het toch maar liever aan de jonge vaders over. Nu maar hopen, dat Europa er voor zorgt, dat moeders minder zwaar belast worden. Want dan valt er op de Dag van Europa toch nog iets te vieren. 

Jaargang 3, Nr. 11.

De Griekse crisis

vrijdag, april 30th, 2010

EUROPA ONTBEERT KRACHTIG LEIDERSCHAP 

Koninginnedag biedt een prima gelegenheid om weer eens over Europa te schrijven. Beatrix is immers een sterke voorstander van Europese integratie, zelfs als dat het mettertijd verdwijnen van de monarchie zou betekenen. De bestaande Europese verdragen bieden overigens alle ruimte aan welke vorm van monarchie of republiek dan ook. Van mij mag de monarchie blijven. Ze heeft een hoge symboolwaarde. Dat blijkt vooral in tijden van rampspoed. Weliswaar zijn er ondeugende prinsen geweest, maar ook presidenten bleken wat dat betreft niet brandschoon. Het zijn allemaal mensen. 

Maar ik wilde over de EU schrijven. Voor mij is een ontwikkeling naar een federatieve staatsvorm onontkoombaar en dat blijkt maar weer nu het Griekse potverteren de euro en daarmee de gehele EU ernstig in de problemen brengt. Er is veel betrekkelijk eenvoudige werkgelegenheid zoals textielproductie uit Griekenland verdwenen, maar er is geen of weinig moderne hoogwaardige industrie voor in de plaats gekomen. Door de economische crisis heeft ook het toerisme het moeilijk. Als het BNP daalt en men toch hetzelfde consumptieniveau handhaaft raak je in de schulden. Een betrouwbare Griekse regering zou de tering al veel eerder naar de nering hebben gezet. Een krachtig Europees bestuur zou Griekenland veel beter hebben gecontroleerd en het bedrog eerder ontdenkt hebben. Nu zitten we met de brokken. Het bejubelde Europa der Vaderlanden steunt vooral op de grote lidstaten en dan met name de Bondsrepubliek Duitsland. Als Angela Merkel te lang aarzelt, wordt de crisis alleen maar erger. Europa kan eigenlijk alleen maar de beurs trekken. Een krachtig Europees bestuur had al lang maatregelen genomen om speculeren op een Grieks faillissement te verbieden. Hoe schadelijk kan het nationalistische denken zijn voor de Europese economie en de economie van de lidstaten. De zwakke Euro versterkt weliswaar onze concurrentiekracht, maar stimuleert de inflatie. Met zijn allen worden we armer. 

In de hoog ontwikkelde lidstaten past de economie zich aan als laagwaardige werkgelegenheid wordt verplaatst naar Azië. Hoogwaardige industriële productie en hoogwaardige internationale dienstverlening komen er voor in de plaats. Zo houden we onze betalingsbalans positief. In de Mediterrane lidstaten gebeurt dat niet. Daar werkt de Lissabonstrategie kennelijk niet. Deze landen zouden beter geholpen zijn door onze laagwaardige werkgelegenheid niet naar Azië te verplaatsen, maar naar lidstaten met een hoog percentage werkzoekenden. Geld aan ze lenen is immers geen structurele oplossing. Ze moeten weer zelf geld gaan verdienen. De EU moet er vooral voor zorgen, dat deze landen kunnen concurreren met goedkope import uit vooral Azië. Er ligt ook een belangrijke taak voor het Europese bedrijfsleven. Als teveel werkgelegenheid naar Azië wordt verplaatst en de werkloosheid binnen de EU toeneemt, dan vermindert de koopkracht zodanig, dat de omzet in Europa er onder gaat lijden. Een proces om tot een evenwichtige handelsbalans te komen vergt weer een krachtige Europese leiding, die volop gesteund wordt door de grote lidstaten.  

Binnen de EU geldt een verbod op concurrentievervalsing. Tegelijk is er een groot verschil in concurrentiekracht. Dat kan er bij een gemeenschappelijke markt toe leiden, dat de werkgelegenheid zich concentreert in de economisch sterkste gebieden. Perifere gebieden zijn dan de verliezers. De EU moet onderzoeken hoe regionale overheden hun economie kunnen stimuleren zonder het verbod op concurrentievervalsing te overtreden. Onze Europarlementariërs wacht een belangrijke taak om dit te bevorderen. Europese burgers moeten gaan beseffen, dat schulden aflossen en een hoog consumptieniveau niet samengaan. Voor de mensen, die aan de Europese regeringen geld geleend hebben, ziet het er anders uit. Zolang er afgelost wordt en rente betaald zitten ze goed. Voor mij is het probleem, dat mijn bank mijn spaargeld ten dele aan Griekenland heeft uitgeleend. Tsja, het treft iedereen.

 

Jaargang 3, Nummer 10.

Over misbruik van kinderen

donderdag, april 29th, 2010

Onderstaand artikel werd eerder gepubliceerd in het aprilnummer van het parochieblad van de Paus Johannes XXIII parochie “Open Venster”, editie H. Nicolaasgeloofsgemeenschap Odijk. Het werd geschreven kort nadat de eerste berichten over misbruik waren gepubliceerd. Nadien wijdde ik twee keer mijn Column van de Week aan dit onderwerp. Zie de betreffende rubriek. Een van mijn lezers belde mij na een week aarzelen op. Zij vertelde over haar dochter, die gehuwd is met haar schoondochter en waardeerde het zeer, dat op deze wijze over dit onderwerp in een parochieblad wordt geschreven. 

Meten met twee maten

John Jorna 

De kranten staan er vol van. Onze kerk is in het nieuws, maar niet bepaald positief. Vroeger dacht je, dat er eigenlijk maar één zonde bestond, die van onkuisheid. Die blijkt er volop geweest te zijn, maar op een andere manier dan we toen dachten. Terwijl de media overstromen van berichten over seksueel misbruik van minderjarigen door priesters, fraters en nonnen, heeft de kerk een grote mond over homo’s en lesbiennes, die elkaar liefhebben en daar geen geheim (meer) van maken. Wat moeten we daar nu van vinden? 

Pedofilie
In situaties, waar veel kinderen bij elkaar zijn, moet je altijd attent zijn op de mogelijkheid, dat iemand van de leiding niet met zijn vingers van de kinderen kan afblijven. De laatste jaren is de publieke verontwaardiging over het verschijnsel sterk gegroeid. Pedofielen kunnen na het uitzitten van hun straf niet meer naar hun vroegere woonplaats terug. Op Internet verschijnen sites, waarop pedofielen met name genoemd worden en met een foto erbij. Soms vraag ik mij af of al die boosheid van mensen uit hun omgeving de gevolgen voor de slachtoffers niet verergert. Lang niet alle pedofielen zijn boosaardige wezens. Anders zouden ze niet zo gemakkelijk het vertrouwen van de kinderen kunnen winnen. Maar waar ligt de grens tussen onschuldige vriendschap en onaanvaardbare handelingen?

Het is inmiddels wel duidelijk, dat die grenzen in een aantal internaten ver overschreden zijn. Het is goed, dat dit onderzocht wordt, want dan kunnen de slachtoffers zo nodig en weliswaar laat toch nog hulp krijgen bij de verwerking van hun trauma. Het zou mij niet verwonderen als uit het onderzoek blijkt, dat sommige daders als kind zelf slachtoffer zijn geweest.

Wat mij echter zeer verbaast, is, dat oversten en bisschoppen vaak wel degelijk geweten hebben van dit misbruik, maar geen echte maatregelen hebben genomen om voort te gaan op het slechte pad te voorkomen. Zouden ze echt gedacht hebben, dat met een keer biechten alles voor elkaar is? De misbruikers werden elders gewoon weer benoemd en vaak konden ze daar opnieuw hun gang gaan. Als priester bleven ze voorgaan in de H. Eucharistie. Als dat geen ontwijding van het Lichaam en Bloed van Christus is, dan weet ik het niet. 

Protesterende homo’s
Volgens een Vlaamse pastoor in het Noord-Brabantse Reusel zou de openlijk homofiele carnavalsprins niet te communie mogen gaan. Hij zou een kruisje kunnen krijgen, maar niet de H. Hostie. De prins bleef dus maar zitten. Intussen werd hij er wel publiekelijk als zondaar neergezet. Wie is er nu begonnen met een publiek protest tijdens een Eucharistieviering?
Ik ga niet opnieuw uiteenzetten waarom ik vind, dat twee homo’s of twee lesbiennes, die elkaar liefhebben, alles voor elkaar over hebben, er voor elkaar zijn en elkaar trouw zijn Gods liefde en trouw waardig zijn en gerust te communie mogen gaan. Als zij dat zelf vinden, mogen ze dat van de kerk ook. Daarom is die openlijke weigering van die Reuselse pastoor ook zo wonderlijk.
Als bisschoppen of priesters zelf kinderen zouden hebben met de kans, dat een daarvan homo of lesbienne is, zouden ze misschien beter begrijpen, wat ze met hun hardvochtige oordeel aan leed veroorzaken. Die homo’s zijn onze homo’s, onze kinderen of familieleden of vrienden of collega’s of medeparochianen. Kom eindelijk eens bij de tijd en waardeer mensen om hoe ze zijn en niet om wat ze zijn.
P.S. Na voltooiing van dit artikel werd het mogelijk, dat homo’s zelf beslissen of zij te communie willen gaan. Hun  zal de communie niet geweigerd worden.