Author Archive

Geloven in dogma’s

zondag, januari 10th, 2010

MENSEN, DIE GEEN TWIJFELS KENNEN 

Je komt ze in allerlei verbanden tegen, van die mensen, die heilig overtuigd zijn van hun gelijk of van de waarheid van hun overtuiging. Het zijn niet de gemakkelijkste mensen voor hun omgeving. Ze vormen ook een risico voor de samenleving. Zeker als zij als politiek leider hun leer op grote aantallen mensen kunnen overbrengen of als hoofd van hun onderneming niet bereid zijn te luisteren naar hun deskundige ondergeschikten. Ze zijn een gevaar voor kinderen als zij ze naar hun model dwingend willen opvoeden. Ze maken het de kinderen onmogelijk eigen keuzes te maken en zo te groeien naar volwassenheid. 

Deze week maakte ik de afscheidsplechtigheid van een overleden bekende mee. Ik werd getroffen door de woorden van zijn kinderen, die uitlegden hoe hun vader zo geworden was, maar dat hij in het zicht van de dood toch milder was geworden en eindelijk ook eens zijn gevoelens had getoond. Ik dacht weer aan mijn eigen vader, die ook zo streng kon zijn en ik dacht aan mij zelf in mijn jonge jaren. Uit bezorgdheid was ik ook veel te dwingend en toen ik inzag dat ik beter meer vrijheid kon toestaan, ging de omgang met de leerlingen veel soepeler en bereikte ik mijn opvoedingsdoelen beter. 

Het dogmatisch denken komt in onze samenleving steeds meer voor. Het lijkt soms of mensen al vlug van mening zijn, dat uitkomsten van onderzoek slechts overtuigingen zijn, dogma’s, dus absolute zekerheden. Maar die hoef je niet te geloven. Al die deskundigen, die overtuigd zijn van het warmer worden van het klimaat en alles wat daarbij hoort, kennen wel degelijk twijfels. Ze benadrukken juist, dat het niet voor 100% zeker is, maar wel voor 95%. Als wetenschapper behoor je juist elke keer weer vraagtekens te zetten bij de uitkomsten van je onderzoek. Daaraan gaan de klimaatsceptici geheel voorbij. Een ander voorbeeld.  Er is een partij, die er vast van overtuigd is, dat de politieke islam ons veel onheil brengt. Van enige twijfel over hun eigen beweringen merk je bij hen niets. Maar hun beleid berust wel geheel op dat dogma van het islamgevaar. Daarmee boeken ze veel succes, want deze tijd kent veel ontwikkelingen, die we maar moeilijk kunnen begrijpen en die we vreemd en ongewoon vinden. De mensen voelen zich daardoor onzeker en hebben dan behoefte aan duidelijkheid en aan een sterke leider. Zelfs serieuze dagbladen schrijven, dat het tegenwoordig ontbreekt aan krachtige en inspirerende leiders. Wat bedoelen ze dan? Zo’n fractievoorzitter, die in zijn eentje bepaalt, wat de standpunten van de fractie zijn? Of een fractieleider, die in samenspraak met zijn/haar fractie tot standpunten komt, die hij/zij vervolgens op inspirerende wijze naar buiten brengt en zo vertrouwen wekt en steun krijgt bij de bevolking? Iemand, die er voor zorgt, dat de gezamenlijke afspraken ook worden nagekomen in plaats van dat hij/zij slechts opdrachten geeft. In een democratie hoort dat laatste niet. Een fractie en de kiezers horen dat niet te accepteren. Maar ja als ze allemaal in dezelfde dogma’s geloven….! 

Soms hangt het samen met een psychische afwijking. Ik herinner mij een scène, waarin een autist een zebra begint over te steken bij het sein “WALK” en midden op de zebra blijft stil staan als het sein “DON’T WALK” verschijnt. Ook al wordt iets geboden of verboden, je moet nooit je gezonde verstand uitschakelen. Zo sta ik ook tegenover de vele dogma’s van mijn Katholieke Kerk, die in de loop der eeuwen door min of meer knappe theologen bedacht zijn en door een vergadering van bisschoppen en de paus, een concilie dus, zijn bevestigd. Je moet er je verstand bij gebruiken en je mag er rustig aan twijfelen. De narigheid is, dat veel bisschoppen benoemd zijn nadat ze er duidelijk blijk van hadden gegeven nooit te twijfelen. En zo eisen ze nu dat absolute geloof in die dogma’s en ook absolute gehoorzaamheid aan allerlei kerkelijke regels. Dat levert nogal wat kritiek op en de critici hebben een inspirerend voorbeeld in Jezus van Nazareth, die blijkens de evangeliën vaak kritiek had op het blindelings volgen van de regels, door hogepriesters uitgevaardigd. Als je bij zo’n bisschop je verstand niet op nul zet, loop je grote kans door de bisschop ontslagen te worden. En dat is dan ook maar al te vaak gebeurd. Van enig gevoel geeft zo’n bisschop geen blijk, behalve dan van woede, dat iemand niet aan hem gehoorzaamt. Enig mededogen met zijn slachtoffers toont hij niet. Wat moeten we met zo’n regelneef? Wat maakt hem zo? Is het alleen plichtsbesef? Is het misvorming tijdens zijn opleiding? Is het trouw aan het gezag van de paus, hoe verkeerd begrepen ook? Past het in zijn streven naar een carrière binnen de wereldkerk? Of is er toch iets anders aan de hand? Moet de geestelijke gezondheid van Mgr. Eijk ons zorgen baren?

Jaargang 2, Nr. 44.

Je afsluiten voor een boodschap

zaterdag, januari 2nd, 2010

GEMAKKELIJKE KRITIEK OP DE KERSTTOESPRAAK VAN DE KONINGIN 

Het nare van het te gemakkelijk een verband zien met de moderne communicatiemogelijkheden is, dat het de critici de kans biedt het eigenlijke onderwerp te negeren. Maar eerst de kritiek. Deze weblog ben ik gestart omdat ik meer mensen wilde bereiken. Dat lukt redelijk, al boek ik niet de aantallen bezoekers, die bekende bloggers melden. Die krijgen soms op één dag het aantal, dat ik in een heel jaar haal. Soms merk ik, dat er intensieve discussies worden gevoerd. Ik heb er een keer aan meegedaan, toen ik merkte, dat aan een wat haastige reactie allerlei onjuiste conclusies werden verbonden en dat mensen een totaal verkeerd beeld van mij hadden gekregen. In een face to face contact zal mij dat niet gemakkelijk overkomen. Ik ben gewend mensen te observeren als ik met ze in gesprek ben en merk het al vlug als ik verkeerd begrepen wordt of als ik verontwaardiging oproep. Contacten via de moderne media missen dus al veel kwaliteit. Ze missen ook vaak de normale fatsoenskwaliteit doordat veel gebruikers zich van schuilnamen bedienen. Soms is de reden daarvoor, dat mensen agressieve reacties vrezen. Redeloos geweld komt ook buiten de virtuele wereld voor. Daar wordt het tenminste bestreden en door de publieke opinie veroordeeld. Ik ben van mening, dat het Wilde Westen Web een potige sheriff nodig heeft, die eens flink orde op zaken stelt. Allerlei openbare discussiefora op internet hebben een taak fatsoenlijk gedrag te eisen en anders een computer de toegang te weigeren. 

Maar dit was niet het hoofdonderwerp van de Kersttoespraak. Het ging over de atomisering van de samenleving. Allemaal losse individuen, die geen echt contact meer hebben met elkaar en geen solidariteit meer voelen naar hun medemensen. Nu is de koningin niet de enige, die dit heeft opgemerkt. Ik sprak er al in mijn lessen over en ben al ruim vijftien jaar het onderwijs uit. Ik legde toen een verband met de grootschalige stadsuitbreidingen als Kanaleneiland, waar de school stond of Overvecht. Ik merk nu, dat zelfs in dit soort wijken een dorpsachtige sfeer kan ontstaan en mensen tot echt contact komen. Op steeds meer plaatsen worden straatfeesten of buurtbarbecues georganiseerd en duidelijk met de bedoeling elkaar beter te leren kennen. Ik ben bang, dat bij een virtuele barbecue mijn honger naar voedsel en contact niet gestild zal worden. 

Moeten we individualisering dan afwijzen. Neen! Ik vind individualisering een goede zaak zolang die niet leidt tot al dan niet zelf gekozen isolement. Voor mij betekent individualisering, dat ik mijn eigen keuzes maak, mijn eigen leven bepaal, maar daarbij houd ik rekening met de belangen van anderen en laat ik mij leiden door mijn eigen opvattingen, mijn waarden en die van de samenleving, waarvan ik deel uitmaak. Met de koningin ben ik bang, dat die bereidheid rekening te houden met de ander en met de samenleving als geheel minder is geworden. Ik heb het nu niet over mensen, die niet zo contactgevoelig zijn en die maar liever met rust worden gelaten. Lieve mensen, die een ander niet tot last zijn. Nee, het gaat over die mensen, die doen waar ze zelf zin in hebben zonder met een ander rekening te houden. Mensen, die niets voor een ander over hebben. Die belasting als diefstal zien, maar wel mopperen als de overheid niet aan hun verlangens tegemoet kan komen. Van die overlastgevers, die na jaren klachten van de buren door de woningbouwvereniging uit hun huis gezet worden. Ik ben bang, dat zulke mensen er meer zijn dan vroeger. 

Wat is dan het verschil met vroeger? Mensen zijn tegenwoordig veel mobieler dan vroeger en elders kunnen ze zich gemakkelijk anoniem misdragen. In de dorpen en stadsbuurten kenden de mensen elkaar. Dat is nu vaker niet het geval. Vroeger hoorden de mensen bij een bepaalde zuil. Dat werd soms als benauwend ervaren, maar bood anderzijds een stuk veiligheid en zekerheid. De zuil bepaalde hoe het hoorde en de sociale controle zorgde ervoor, dat mensen zich aan de regels hielden. Binnen het gezin en binnen de zuil leerde je wat je waarden zijn. Door de ontzuiling en door de gebrekkiger wordende opvoeding raken steeds meer mensen stuurloos. Ik vraag mij vaak af wat de waarden zijn van mensen, die nergens meer bij horen. Hoe bereik je zulke mensen? Willen ze wel bereikt worden? 

Zoals zo vaak meer vragen dan antwoorden. Maar misschien is dit bij het begin van het nieuwe jaar toch iets om over na te denken. Ik wens mijn lezers Alle Goeds voor het Nieuwe Jaar 2010.

Jaargang 2, Nr. 43.

Ariënskonvikt dicht

woensdag, december 30th, 2009

Eerder gepubliceerd in Parochiekontakt Odijk december 2009

 

Moet het Ariënskonvikt dicht?

 

 Het Ariënskonvikt is een tehuis in de Utrechtse binnenstad, waar priesterstudenten van de bisdommen Utrecht, Breda, Rotterdam en Groningen-Leeuwarden hun spirituele vorming ontvangen terwijl ze hun theologische opleiding krijgen aan de Faculteit Katholieke Theologie van de Universiteit Utrecht. Onze Aartsbisschop Wim Eijk heeft zonder overleg besloten het Ariënskonvikt op te heffen. Hij noemt daarvoor twee redenen. Het is te duur en er zijn te weinig studenten. Zo zegt hij, dat de kosten per student per jaar € 36.000 zijn, meer dan een modaal inkomen. Als vierhonderd parochies bij de jaarlijkse collecte gemiddeld € 100 ophalen, dus totaal € 40.000 dan wordt duidelijk waarom de bisschop zegt, dat het konvikt niet afhankelijk kan zijn van giften.  

Ondanks andere giften, erfenissen en legaten moest het bisdom er meestal geld bijleggen en de financiële situatie is niet dusdanig dat de bisschop op die manier verder wil gaan. De vorming binnen een konvikt vraagt ook een voortdurende wisselwerking tussen de studenten onderling. Daarvoor is het aantal studenten nu te klein geworden.

De oplossing is nu gevonden in een verhuizing naar het seminarie van het bisdom Haarlem-Amsterdam, de Tiltenberg. Daar zijn aanpassingen nodig om de twaalf te huisvesten. 

Vragen

Het is niet de eerste keer, dat Mgr. Eijk veranderingen doorvoert vanwege de noodzakelijke bezuinigingen, maar tegelijk andere doelen nastreeft. Het lijkt niet onwaarschijnlijk, dat hij de voorkeur geeft aan een seminarie met een opleiding, die nauw verbonden is met de Pauselijke Lateraanse Universiteit en waar de studenten wat meer geïsoleerd leven van de wereld met alle verleidingen. Dat een konvikt midden in de stad Utrecht de studenten beter voorbereidt op een leven midden in de wereld zal hem niet zo aanspreken. Het Ariënskonvikt heeft in totaal zestig priesters opgeleid en daarvan zijn er slechts twee uitgetreden. Dat was nu precies de bedoeling van Kardinaal Willebrands toen hij het konvikt in 1977 heeft gesticht. Zelfs Dr. Nelly Stienstra, voorzitter van het behoudende Contact Rooms Katholieken (CRK) roemt het konvikt om die reden. Ze is het niet eens met de sluiting en zegt, dat er geld genoeg is om het open te houden. Over het geld gesproken. Konviktsrector Schnell zegt, dat de zes studenten van het aartsbisdom  € 170.000 per jaar kosten en dat is heel wat minder dan 6 x € 36.000 = € 216.000 waarvan het bisdom uitgaat. De financiën, waar de hele bezuiniging om draait zijn in een dikke mist gehuld. 

Waarom is er geen beter overleg geweest, ook met de andere bisschoppen om na te gaan of het Ariënskonvikt behouden zou kunnen blijven, door een samensmelting met een andere priesteropleiding.? Waarom is er niet beter onderzocht of er andere financiële bronnen aangeboord zouden kunnen worden? Waarom is er geen enkel overleg geweest met de Faculteit Katholieke Theologie? Het voordeel van een autoritaire bestuursstijl is, dat er snelle beslissingen genomen kunnen worden. Het voordeel van collegiaal bestuur is, dat jouw collega’s je behoeden voor fouten.

Intussen is rector Norbert Schnell per 1 januari ontheven van zijn functies van rector en plebaan van de kathedrale parochie en benoemd tot rector van de seminarieopleiding Bovendonk voor late roepingen. Conrector Patrick Kuipers is benoemd tot waarnemend rector.

Was er altijd een fatsoenlijk personeelsbeleid, waarbij er overleg was met een pastor, nu worden er zomaar mensen ontslagen en elders benoemd. Er was overleg, ook met de parochie, waar iemand benoemd zou worden. Rechtszekerheid is er niet meer in ons aartsbisdom. Zou dat een reden kunnen zijn, dat jongemannen niet staan te springen om zich aan te melden als priesterstudent voor het aartsbisdom?  

SPÖ en Grünen in Oostenrijk

zondag, december 27th, 2009

SOCIAAL-DEMOCRATEN EN GROENEN IN OOSTENRIJK EN NEDERLAND 

Het Markt- en Opinieonderzoekbureau IMAS uit Linz in Oostenrijk heeft een vergelijking gemaakt tussen de aanhangers van de SPÖ en van de Groenen in Oostenrijk. De Wiener Zeitung wijdt er een opinieartikel aan, dat is terug te vinden op hun site. Het leek mij interessant aandacht te schenken aan enkele resultaten daarvan en daarbij mij af te vragen hoe dat in Nederland zou zijn. 

In veel opzichten verschilt Oostenrijk van Nederland. Het land is overwegend Rooms-katholiek en de maatschappelijke betekenis van de kerk is er nog groot. De secularisatie is er minder ver voortgeschreden. Er zijn nog veel traditioneel gelovigen en allerlei religieuze gewoonten zijn er nog volop in zwang. Kijk er maar eens op een kerkhof of zie sociaal-democratische raadsleden meelopen in een Sacramentsprocessie. Er zijn minder politieke partijen en kleinen christelijke partijen al CU en GPV ontbreken er, maar ook een partij als de SP. Wel vind je er twee neonazipartijen met gelijke opvattingen. De “zwarten” mag je ook neonazi’s noemen in tegenstelling tot onze PVV. Uiterst links vind je alleen de Groenen. De ÖVP is er in geslaagd de traditionele aanhang van niet of laag geschoolde arbeiders te behouden, die bij ons hun toevlucht hebben gezocht bij de SP en voor zo lang als dat duurt bij de PVV. Bij de laatste verkiezingen hebben de Groenen nogal wat aanhang verloren doordat ze hun voorman Dr. Van der Bellen terzijde hebben geschoven en de uitstekende Europarlementariër Johannes Voggenhuber geen nieuwe periode gunden. Met hun standpunten over de verwijdering van kruisbeelden uit klaslokalen en openbare gebouwen en over het homohuwelijk maakten zij zich in het conservatieve Oostenrijk niet populair en kennelijk hebben zij de kiezers niet duidelijk kunnen maken, dat de vergroening van de economie heel veel nieuwe banen oplevert. De Groenen vinden hun aanhang kennelijk in het kleine geseculariseerde deel van de bevolking. In Nederland vind je in GroenLinks nog steeds religieus geïnspireerde mensen, die duurzaamheid, pacifisme en sociale rechtvaardigheid belangrijk vinden. De overeenkomst tussen GroenLinks en de Oostenrijkse Groenen is, dat de aanhangers veelal hoog zijn  opgeleid en een goed inkomen hebben. Ze komen in hun standpunten niet zo zeer op voor hun eigen belang, maar kijken ook naar de belangen van de lagere inkomensgroepen al is het moeilijk om je in de situatie van de echte armen in te leven en hun taal te spreken. De Groenen zijn gemiddeld ook jonger en ze hebben veel meer vrouwelijke sterk feministisch georiënteerde  aanhangers dan de sociaal-democraten. 

Het onderzoek van het Imas vergeleek de aanhangers van SPÖ en Groenen wat betreft hun opvoedingsdoelen en hun politieke standpunten. 

Opvoedingsdoelen 

                                SPÖ       Groenen                            Gehoorzaamheid           64            35
"Heimatliebe”               48            21
Bescheidenheid            44            26
Vroomheid                   32              4
Weetgierigheid             52            70
Milieubewustheid         50            70
Tolerantie                   29             46
Democratisch bewustzijn  32         45 

Politieke standpunten 

Verhoging van de pensioenen            69            54
“Überfremdung” tegengaan               60             30
Zwaardere straffen                          60             34
Eerlijke verdeling van inkomens         57              34
Meer kansen voor vrouwen                54              66
Onderwijs en vorming verbeteren       41              61
Integratie verbeteren                       25             47
Europese integratie bevorderen          16             34
—————————————————————————-  

Je zou verwachten, dat de aanhangers van de SPÖ veel meer maatschappelijk geëngageerd zijn, maar dat geldt slechts voor 19 procent. Voor de Groenen is dat met 43% een belangrijk kenmerk. In tegenstelling tot de sociaal-democratische kiezers zijn de groene kiezers veel meer milieubewust, meer geglobaliseerd, jonger en met meer ondernemingszin en geloof in de vooruitgang, stedelijk georiënteerd, kunstzinnig en multicultureel ingesteld. De sociaal-democratische aanhang denkt nog zeer traditioneel aan eerste mei optochten, rode vaandels, klassenstrijd en oude sociaal-democratische theorieën, terwijl de sociaal-maatschappelijke werkelijkheid totaal veranderd is. Het politieke concept van de sociaal-democraten moge verouderd zijn, dat van de groenen lijkt te theoretisch en teveel een levensgevoel dan een politiek concept. Zijn  ze in staat compromissen te sluiten? Kunnen ze hun aanhang vergroten? De eindconclusie van het artikel is, dat beide linkse partijen het in Oostenrijk moeilijk hebben. De sociaal-democraten moeten moderniseren en de groenen moeten aan realiteitszin winnen.  

Bron: SPÖ-Wähler und Grüne: Die ungleichen Linken. Wiener Zeitung, 29 augustus 2009.
Zie ook www.wienerzeitung.at/analyse . 

Jaargang 2, Nr. 42.

Bewust historische gebeurtenissen meemaken

maandag, december 21st, 2009

Wat gebeurde er tijdens de oorlog? 

Gisterenavond werd de laatste aflevering van de NPS-serie “De Oorlog” uitgezonden. Het was de eerste keer, dat ik zo’n serie geheel gevolgd heb. Heb ik veel nieuws gehoord en gezien? Ja en nee. In de oorlog is op heel veel plaatsen heel veel gebeurd. Het aardige van de serie was, dat er tamelijk onbekende beelden werden getoond en onbekende details werden belicht. Dat maakte het boeiend. De serie vroeg veel van de kijker. De eerste afleveringen waren erg lang en daardoor vermoeiend als je met aandacht wilde kijken. Maar voor mij paste alle details toch in dat grote raamwerk, dat ik in mijn hoofd heb. Zo kreeg ik geen nieuw beeld van de Tweede Wereldoorlog, maar wel een meer gedetailleerd beeld. 

Waarom deze uitweiding? In de laatste aflevering en in een begeleidend artikel in de Volkskrant werd beweerd, dat de meeste mensen pas na de oorlog hoorden wat ze hadden meegemaakt. Iedereen had zo zijn eigen persoonlijke belevenissen, maar van het grote geheel kreeg men pas later door boeken als “Het Dagboek van Anne Frank” en door de TV-serie “De Bezetting” een beter beeld. Dit verbaasde me. De boeken van Lou de Jong heb ik niet gelezen en “De Bezetting” heb ik niet gezien. Ik had pas laat TV. Ik heb wel andere boeken gelezen en raakte daardoor op de hoogte van meer details, maar al was ik een kind, ik heb toch altijd het gevoel gehad, dat ik redelijk goed wist wat er gebeurde. Ik herinner mij de inval van 10 mei 1940. Veertien dagen later werd ik zes jaar. Ik volgde de oorlog in Noord-Afrika, Italië, de Sovjet-Unie en Frankrijk ook aan de hand van kaartjes. Onze Joodse buren werden weggevoerd en in hun huis kwamen mensen uit de Sperrzone in Den Haag. Ik maakte het bombardement op Arnhem mee, waarbij de gasfabriek werd getroffen en later de Slag om Arnhem en de evacuatie met de hongerwinter en de bevrijding. Ik wist van onderduikers en illegale krantjes en de overval op het Huis van Bewaring, waarbij politieke gevangenen werden bevrijd. Ik wist van NSB-ers en van welke kinderen in mijn klas de vader daarbij hoorde. Ik kneep hem als er weer razzia’s waren, waarbij mannen werden opgepakt om in Duitsland te gaan werken. Ik wist van bombardementen op Duitse steden en hoopte, dat er maar flink veel moffen gedood zouden worden. Pas in de jaren tachtig besefte ik, dat je blij was als vrouwen en onschuldige kinderen werden gedood. Dat is wat een oorlog met je doet.

Misschien is het zo, dat heel veel mensen de grote gebeurtenissen van deze en vroegere tijden niet zo bewust meemaken. Vraag eens aan tien mensen, waar het nu eigenlijk om ging in Kopenhagen. Dan mag je blij zijn als de helft weet, dat het over het klimaat ging en dat een kan vertellen welke maatregelen men tevergeefs trachtte te nemen. Neem de Europese integratie. Vanaf 1951 met het Plan Schumann voor de oprichting van de EGKS, dus meer dan vijftig jaar waren steeds meer Europese staten daarbij betrokken en Nederland vanaf het begin. Toen er een referendum kwam wist 95% van de bevolking van toeten noch blazen. Nu na het referendum zijn het  er meer en besteden de media ook meer aandacht aan Europa. Eindelijk kwam de Volkskrant, toch een kwaliteitskrant onlangs voor de eerste keer met een duidelijk schema van de structuur van de EU na het in werking treden van het Verdrag van Lissabon. Bewust in het leven staan. Het schijnt toch moeilijker te zijn dan ik dacht of hoopte.

Jaargang 2, Nr. 41.

De vervrouwelijking van beroepsgroepen

zondag, december 13th, 2009

TWEE MANNEN EN VIJF VROUWEN IN DE TWEEDE KAMERFRACTIE 

Het was een als grappig bedoelde opmerking over die twee mannen, die het met vijf vrouwen in de fractie maar moeilijk moesten hebben. En de oorzaak is vooral, dat Wijnand Duijvendak door een vrouw is opgevolgd. Toch dacht ik op datzelfde moment: “Is dat nu een goed of een slecht teken?” 

Je kunt zeggen, dat het wat overdreven de man-vrouw-verdeling onder de GroenLinkskiezers weergeeft. Maar ik vroeg mij eigenlijk af of dit een toevalligheid is of de weerslag van een maatschappelijke tendens, dat vrouwen in bepaalde beroepen de mannen verdringen of, dat de mannen niet meer voor zo’n beroep kiezen. Soms is er een traditionele oververtegenwoordiging van vrouwen, zoals in de zorg, althans in de lagere en middenfuncties. Maar nu zie je ook steeds meer vrouwelijke huisartsen en tandartsen en het onderwijs is enorm aan het vervrouwelijken. Op de pabo’s zit één jongen in een klas met verder alleen meisjes. Jongens haken in grote aantallen af. Waar ligt dat aan? Voelen jongens zich er niet thuis? Is de sfeer te vrouwelijk geworden? Daar zijn wel aanwijzingen voor. Daarnaast zijn het vaak de zwakste havo-leerlingen, die voor de pabo kiezen. Bij de jongens misschien nog meer dan bij de meisjes, waar idealisme nog wat meer mee speelt. Ik ben er van overtuigd, dat het veel meer een financiële kwestie is. Vergeleken met het bedrijfsleven en de overheid betaalt het onderwijs slecht. Nog steeds. Het beroep op zich levert nauwelijks status op. Een onderwijzer wordt in beter betaalde kringen als een knechtje beschouwd, niet als een vakman en beproefde opvoeder, waar je je kinderen met een gerust hart aan toevertrouwt en bij wie je als ouder graag te rade gaat. 

Zou je kunnen zeggen, dat een oververtegenwoordiging van vrouwen in bepaalde functies of bepaalde beroepen wijst op een slechte betaling, slechte arbeidsvoorwaarden, onaangename werksfeer en weinig aantrekkelijk werk? Daaraan moest ik even denken toen die vijf-twee-verdeling in de fractie ter sprake kwam. Het lijkt mij niet waarschijnlijk, want dan zou dat bij andere fracties ook zo moeten zijn. Maar als bepaalde beroepen zo sterk vervrouwelijken, dan is er alle reden om na te gaan wat de oorzaken zijn. Het zou een teken kunnen zijn, dat de emancipatie van de vrouw aan het mislukken is. 

Ook voor mannen is er reden eens goed na te denken. Waar kiezen mannen voor? Als er tenminste iets te kiezen valt? Kiezen ze voor het hoge salaris, de leasebak, de status, de bonussen en het hoge pensioen? Of willen mannen werk doen, dat veel van ze vraagt, dat niet altijd aantrekkelijk is, veel stress met zich meebrengt en waar je vaak stank voor dank krijgt? Eigenlijk is het de vraag naar jouw waarden, naar jouw levenbeschouwing. Wat wil je van je leven maken? Wat wil je voor anderen, voor de maatschappij betekenen? 

Ik maakte een keer een bijeenkomst mee, waar de vraag was of GroenLinks behoefte had aan een beginselprogramma. De inleider vond dat nodig, want als politicoloog kreeg hij maar geen zicht op de beginselen, waardoor GroenLinks zich laat leiden. Misschien, dat hem dat nu als directeur van het Wetenschappelijk Bureau beter gaat lukken. Ik bracht naar voren, dat het leuke van GroenLinks is, dat mensen met allerlei inspiratiebronnen elkaar daar vinden in een concreet programma met veel duurzaamheid en een eerlijke verdeling van de welvaart, ook op wereldschaal. En ik somde op: De een laat zich inspireren door het protestant zijn en door de bijbel, de ander door het Jodendom, een volgende door de Islam en de Koran, of iemand is katholiek of pacifist of humanist of socialist of marxist of links liberaal. De dame in het forum merkte fijntjes op, dat het feminisme ontbrak en dat dit haar inspiratiebron was. Is het feminisme een levensbeschouwing en hoe denken feministen over de vervrouwelijking in sommige beroepen of functies? Soms is het een duidelijk succes, want dan wordt die vijfde vrouw door de parlementaire pers tot politiek talent van het jaar gekozen. Proficiat, Jolande Sap!!!!! 

Jaargang 2, Nr. 40.

Samenwerking GroenLinks en PvdA biedt perspectief

zaterdag, december 5th, 2009

VIERDE KEER VERKIEZINGEN VOOR PERSPECTIEF 21 BUNNIK 

In de lokale politieke partij Perspectief 21 werken GroenLinks, Partij van de Arbeid en mensen, die geen lid zijn van een landelijke partij samen sinds 1998. Die samenwerking is tot nu toe succesvol. Werden in 1998 vier zetels in een raad van 15 veroverd, in 2002 werden het er vijf en in 2006 zelfs zes. Twee van de drie wethouders vertegenwoordigen Perspectief 21 in het college. 

Afgelopen woensdag, 2 december werd de Algemene Ledenvergadering gehouden, waarin het programma en de kandidatenlijst werden vastgesteld. Als ik sommige blogs over dergelijke vergaderingen lees, was de opkomst met dik veertig mensen in een gemeente met 14.200 inwoners redelijk te noemen. Dat komt ook doordat er nogal moeilijke besluiten zijn of nog moeten worden genomen. De drie dorpen Bunnik, Odijk en Werkhoven liggen ingeklemd binnen de rode contouren. Die worden in de nationale landschappen Rivierengebied en Nieuwe Hollandse Waterlinie streng gehandhaafd. Om toch zo veel mogelijk starters woonruimte te bieden kiest men voor drie of vier woonlagen op inbreidingslocaties. Dat zou het dorpskarakter aantasten, vinden sommige. In de gemeente is nog veel agrarisch groen en dan ruiken asfalteerders hun kans  Maar zulke wegen tussen Houten en de A12 en Zeist en de A12 betekenen een forse aantasting van het fraaie landschap. Een smalle laan in Bunnik verwerkt zo’n 12.000 motorvoertuigen per dag. Dat betekent veel stank en lawaai en trillingen. Dan wordt het kiezen tussen de gezondheid van de bewoners en de reetjes in het bos. Weer een andere vraag is of we het driekernenbeleid kunnen handhaven. Elke kern moet een minimum aan voorzieningen hebben. Drie dorpshuizen en drie sportcomplexen is duurder dan een centrale accommodatie.  

Mijn amendementen stelden, dat je van leden van het college mag verwachten, dat hun beleid eerlijk, open en transparant is en dat externe bureaus hun werk voor de gemeente naar eer en geweten uitvoeren. Daaraan twijfelen tegenwoordig veel mensen en op die onvrede hoor je naar mijn mening met een antwoord te komen. Velen, maar net niet de helft plus een waren het met mij eens. Dat hoort niet in een verkiezingsprogramma, was het bezwaar. Misschien kwam hierin toch een beetje het karakter van de PvdA als bestuurderspartij en GroenLinks als princiepenpartij naar voren. 

Voor mij heel verheugend was het feit, dat zoveel nieuwe mensen op de kandidatenlijst staan. De laatste jaren maakte ik mij wat ongerust over het mogelijk gebrek aan opvolgers. Kennelijk hebben al die heikele kwesties in de landelijke en plaatselijke politiek de mensen wakker geschud. Ze willen niet langer de beste stuurlui aan de wal zijn, maar zich metterdaad inzetten. Op de eerste drie plekken staan huidige raadsleden en daarop volgen vooral nieuwelingen. In de gemeente wordt een cursus voor nieuwe kandidaat raadsleden gegeven. Op de lijst staan twaalf vrouwen en achttien mannen. Bij de eerste zes twee vrouwen, net als in de huidige fractie.  Bekende namen op de lijst zijn die van cabaretier Vincent Bijlo, voormalig statenlid Martien Das en GroenLinks medewerker Rob Zakee. 

En dan nu de campagne. De commissie is al maanden bezig en het belooft weer een boeiende campagne te worden. De vraag is vooral of de traditionele stemmers op de Cynisch Doordouwende Asfalteerders nu eindelijk eens gaan kiezen voor ons mooie groene Kromme rijnlandschap. Ik houd u op de hoogte!

Jaargang 2, Nr. 39.

Jan Marijnissen en Wim Eijk

zondag, november 29th, 2009

Eerder gepubliceerd in Parochiekontakt, Odijk, nov. 2009

Bisschop Wim Eijk in gesprek met parlementariër Jan Marijnissen

Tijdens de reünie van mijn kweekschoolklas maakte onze oud-docent Piet Brouwer ons er op attent. Bij het Elfde Uur zou Bisschop Wim Eijk proberen Jan Marijnissen te overtuigen van het bestaan van God. Er was nog een bijzondere reden, want het programma zou worden uitgezonden vanuit de kapel van onze vroegere kweekschool, waar tegenwoordig de EO is gehuisvest. Het decor was echter zodanig, dat de kapel niet te herkennen viel. Voorts had de bisschop beweerd, dat de school de kweekschool van het bisdom Groningen was geweest. Weliswaar zaten er ook jongens uit de drie Noordelijke provincies, maar het was toch echt de Aartsbisschoppelijk kweekschool Sint Ludgerus in Hilversum. 

Zo zaten mijn vrouw en ik om kwart over negen op onze hotelkamer naar het Elfde Uur te kijken. Presentator Knevel maakte ervan, dat de bisschop zou bewijzen, dat God bestaat. Nu zijn er meerdere Godsbewijzen, maar echte bewijzen zijn het niet. Het bestaan van God valt niet te bewijzen. Het niet bestaan van God evenmin! Ik zou het verstandig gevonden hebben als de bisschop bij het begin van het gesprek dit al duidelijk had gemaakt,  Maar nee, de bisschop kwam met een bewijs, afkomstig van de beroemde kerkvader Thomas van Aquino. Als arts sprak dat bewijs hem zeer aan.  Deze kerkvader werd getroffen door de doelmatigheid, die hij overal in de natuur aantrof, dus ook in het menselijk lichaam. Alles is zo precies op elkaar afgestemd, dat er wel een intelligente scheppende kracht achter moet zitten. De wereld is door God geschapen, dus God bestaat. God is er van eeuwigheid. Jan bracht daar tegenin, dat ook de materie van eeuwigheid zou kunnen bestaan en dat al dat leven vanuit die materie was ontstaan, waarbij alles, wat niet doelmatig was vanzelf verdween, omdat het de strijd om het bestaan niet volhield. Zo ging dit gesprek nog een tijdje heen en weer. Later, bedacht ik, dat Jan heel ondeugend had kunnen vragen wat de doelmatigheid is in het bestaan van homo’s en lesbiennes. Wat zou de bisschop daar op geantwoord hebben? 

Het gesprek verliep zo voor mij teleurstellend. Het al dan niet bestaan van God is een zaak van geloven. Dat geloven is niet iets dat je kunt bewijzen, zoals je iets uit de exacte wetenschappen kunt bewijzen. Ook in de menswetenschappen valt meestal weinig te bewijzen. Mensen handelen niet altijd logisch. Daarom kloppen prognoses ook nooit. Pogingen om in mijn vak, de geografie met wiskundige bewijzen te komen liepen op niets uit. Er zijn wel logische verbanden, maar die kloppen niet altijd.

Over het bestaan van God kun je gemakkelijk twijfelen. En even gemakkelijk kun je het bestaan van God ontkennen. Hoe kom je dan tot geloof in het bestaan van God?  Veel mensen kregen dat geloof in God van jongs af aan met de paplepel ingegoten en dat geloof is hun zo dierbaar geworden, dat ze er geen afstand van kunnen doen. Ze vertrouwen in Gods hulp in dit aardse bestaan. Ze geloven in de liefde van God voor de mensen. Ze geloven, dat God altijd bij hun is. Andere mensen krijgen op een bijzonder moment in hun leven een Godservaring. Ze worden getroffen door de schoonheid van de natuur of de indrukwekkende pracht van een machtig gebergte. Of ze ervaren in een diepe crisis plotseling Gods liefdevolle nabijheid. Zo kun je ook door het contact met diep gelovige mensen tot Godsgeloof komen. Er zijn zoveel manieren. Soms is het alsof de bliksem inslaat. Opeens is het er. Eigenlijk zouden we er elkaar veel vaker over moeten vertellen. Zo ervaar ik Gods aanwezigheid vaak in de saamhorigheid van een gemeenschap, zoals onze parochie. 

Ik had het zo bijzonder gevonden als het gesprek veel meer die richting in was gegaan. Jan is een gemeenschapsmens en met zijn gemeenschap bereikt hij bijzondere dingen. Wat of wie zorgt ervoor, dat de mensen dit kunnen, dat ze elkaar inspireren, dat ze naast elkaar staan? Verwonder jij je nooit over al die bijzondere mensen, die je in je leven tegen komt? Vraag je je nooit af, waar die kracht vandaan komt, die de mensen drijft? Als het gesprek zo gegaan was, zouden niet een bisschop en een politicus met elkaar hebben gesproken, maar was het een gesprek van mens tot mens geworden.

 

Verdien ik wat ik verdien?

zondag, november 29th, 2009

OVER INKOMENSONGELIJKHEID 

Vorige week schreef ik over de allerarmsten in onze samenleving, de onrendabelen, de vierde wereld, zo arm als de derde wereld. De term Derde Wereld is afgeleid van de Derde Stand in het Frankrijk van voor de Revolutie. De derde stand van boeren en ambachtslieden werd uitgebuit door de eerste stand, de adel en de tweede stand de geestelijkheid. De Derde Wereld wordt nog steeds uitgebuit al probeert men tegenwoordig de schuld bij de mensen daar te leggen en bij de slecht functionerende corrupte regimes. Men spreekt van ‘failed states’ en we verzuimen te vermelden hoe de rijken daar en wij, de rijken hier, profiteren van de jacht op de rijkdommen van het Zuiden.

Over die rijken in onze wereld wil ik vandaag met u nadenken.  Verdien ik wat ik verdien? Ik vroeg het mij wel eens af toen ik nog betaald werkte. Waarom moet een werkster of een conciërge of een koffiemevrouw zoveel minder verdienen? En waarom die ongelijkheid tussen Nahossers en zittende leraren? Is het gewoon een kwestie van vraag en aanbod? Lerarentekort weg, dus de salarissen omlaag? En dat terwijl ik wat kinderlijk steeds gedacht had, dat nu eindelijk de klassen wat kleiner zouden kunnen worden en het aantal lesuren wat minder. Daar waren immers nu de mensen voor. Alleen dank zij een sterke vakbond kon erger worden voorkomen. En als de kinderen vroegen of het proefwerk al was nagekeken, zei ik dat ik mijn best deed en niet meer kon. Als ze klachten hadden moesten zich maar wenden tot het ministerie. Sindsdien is het alleen maar erger geworden. Ik benijd de collega’s van vandaag bepaald niet. 

Wat drijft mensen bij hun beroepskeuze? Ik krijg vaak de indruk, dat het op de eerste plaats gaat om zo veel mogelijk te verdienen. Bij de sollicitatie bedingt men een zo hoog mogelijk salaris en andere voordeeltjes en ziet men kans om ergens anders nog meer te verdienen, dan is de moderne jobhopper zo weg. Ik zie het bij onze relatief kleine gemeente. Voortdurend jonge medewerkers, die zich nog helemaal moeten inwerken en de plaatselijke situatie totaal niet kennen. Veel vacatures, zodat werk duur uitbesteed moet worden. 

Dan vraag ik mij af of idealen nog een rol spelen? Iets willen betekenen voor mensen in nood of proberen onze samenleving leefbaarder te maken of de wereld wat beter achter te laten dan je hem gevonden hebt? Ik zie nog fantastisch veel mensen heel goed werk doen als verpleegkundige of verzorgende of leerkracht of jeugdwerker of pastor en tegelijk weet ik hoe moeilijk het is daarvoor mensen te vinden. Soms speelt de beloning een rol. Het werk vraagt ook veel van je. Je moet er ook een zekere aanleg of geschiktheid voor hebben. En vooral moet je daarin jouw ideaal zien. 

Ik erger me dood aan de manier waarop de marktwerking wordt misbruikt om hele groepen naar een lager inkomen te dwingen. Je ziet het bij de post. Er komen concurrerende postbedrijven als Sandd en Selekt Mail, die gebruik maken van bezorgers met een minimale opleiding. Ze krijgen slecht betaald. TNT Post, de opvolger van de aloude PTT, krijgt minder te doen, ook door de email uiteraard en wil het personeel dwingen voor een lager salaris te gaan werken. De vakbonden hebben de rug recht gehouden. Nu zullen er wel ontslagen gaan vallen. Maar het is krankzinnig, dat vooral op vrijdag drie verschillende postbodes bij mij langs komen en alle drie slecht betaald worden. Hun bazen echter werken niet meer bij een staatsbedrijf en worden veel hoger betaald. En zo neemt de ongelijkheid toe. Eenzelfde verhaal valt over de thuiszorg te vertellen. 

Mensen worden met een zekere aanleg geboren. De een is intelligent, de ander heeft een IQ flink onder de honderd. Het intelligent zijn is niet jouw verdienste en het moeite met leren hebben is niet jouw schuld. De een wordt door zijn ouders geweldig geholpen om zijn talenten te ontwikkelen, de ander heeft ouders, die dat niet doen of niet kunnen. Maar het is niet jouw schuld of jouw verdienste. De een heeft allerlei kruiwagens die hem helpen bij zijn carrière, de ander moet het maar zelf uitzoeken. Maar ongelijkheid in inkomen valt voor een groot deel daaruit te verklaren. Daar ben ik op zich niet tegen, maar de verschillen worden nu wel erg groot. Steeds minder mensen hebben daar oog voor. Ze zijn schaamteloos rijk. Onze maatschappij gaat er zo niet op vooruit. Hoeveel ongelijkheid kan een samenleving verdragen? We zouden er eens beter over na moeten denken. 

De hebzucht van enkele zeer rijken wordt wel gezien als de oorzaak van de financiële en de economische crisis en speelt ook mee in de milieucrisis. Af en toe lijkt het of zij weinig geleerd hebben. Misschien zijn deze crises wel heilzaam doordat ze mensen aan het denken zetten over wat er nu eigenlijk wezenlijk is voor ons mensenbestaan en omdat het mensen bewust maakt van grenzen, die er wel degelijk zijn.

Jaargang 2, Nr. 38.

Mensen met een netwerk gezocht

donderdag, november 26th, 2009

 

De Europawerkgroep zoekt jou!
Nu we een mooi succes hebben geboekt tijdens de afgelopen verkiezingen, is het tijd om vooruit te kijken. Europa is nog lang niet af en een groot aantal interessante ontwikkelingen zullen de komende jaren op ons af komen. GroenLinks wil voorop blijven lopen in de ideeënvorming over Europa en als werkgroep willen we dit actief faciliteren. 
Om invulling te kunnen geven aan onze ambities, zijn we op zoek naar actievelingen die ons komen versterken. Vind je het leuk om inhoudelijke debatten te organiseren, heb je inhoudelijke interesses en wil je die graag verder uitdiepen of vind je dat Groenlinks ook in de haarvaten van de partij verder moet Europeaniseren? 
Meld je dan aan via voorzitter.europawerkgroep@gmail.com en kom op woensdag 16 december om 19.30 naar het partijbureau voor de start bijeenkomst van de vernieuwde werkgroep. 



Met vriendelijke groet,

Remco Kaijen