Archive for juni, 2018

De klimaatwet

zaterdag, juni 30th, 2018

Niet voor niets gewerkt

Aardrijkskunde is bij uitstek het schoolvak om aandacht te besteden aan de milieuproblematiek. Het kan uitleg geven over fysische verschijnselen als klimaatverandering, verontreiniging van de lucht, het water en de bodem, aantasting van de biodiversiteit en het evenwicht in een ecosysteem en veranderende weersverschijnselen zoals zwaardere regen- en onweersbuien. Maar mijn vak kan ook naar de oorzaken zoeken in het politiek, het economisch en het sociaal systeem. Er zijn meer vakken, die dat kunnen, maar de aardrijkskunde kijkt ook naar de spreiding van verschijnselen en verklaart die aan de hand van het zoeken naar de bronnen en de overheersende windrichting of de stromingen in het water.

Leerlingen waren geboeid door het onderwerp en sommigen vroegen zich af, waarom er zo weinig gedaan werd om de problemen aan te pakken. Een enkeleing was er wanhopig onder. De jongste oud-leerlingen zijn nu ongeveer 36 jaar. Er is een generatie opgegroeid met verstand van zaken. De tijd van het spotten over geitenwollen sokken en breiende congresgangers is voorbij. Duurzaamheid en milieu zijn serieuze zaken geworden. Dat geldt voor Nederland, waar deze week tussen zeven politieke partijen overeenstemming is bereikt over de klimaatwet en het geldt op wereldniveau, waar het Verdrag van Parijs tot stand kwam en waar Paus Franciscus zijn milieu encycliek “Laudate si” publiceerde. Wat mij bijzonder trof was zijn uitleg van de oorzaken van de vernietiging van ons huis, de planeet aarde. Franciscus ziet een samenhang tussen de milieuproblematiek en de armoede in de wereld. Een kleine machtige groep rijken bepaalt, dat er door de bedrijven maximale winsten behaald moeten worden. Dus houd de lonen laag en geef geen geld uit voor een schoon milieu. De armen in de wereld en het aangetaste leefmilieu van de mensheid zijn beiden het slachtoffer van de hebzucht van de rijken. Daarom trapten VVD en CDA steeds op de rem.

Er was deze week meer geografisch nieuws. Im 1964 begon ik na ruim tien jaar basisonderwijs in het voortgezet onderwijs. In 1966 verscheen de Tweede Nota op de Ruimtelijke Ordening. Men verwachtte 20 mijoen inwoners in het jaar 2000. Prognoses komen nooit uit. Een deel van de oplossing was meer mensen in het Noorden van het land laten wonen. Ook daarvan is niets terecht gekomen. Veel met subsidie gelokte bedrijven zijn al lang weer foetsie. We zien juist een steeds sterkere trek naar de Randstad. Daar raakt het aardig vol, helaas. Maar onze economie groeit.

Vijftig jaar geleden speelde migratie zich nog vooral af op nationaal niveau. Alleen de emigratie van vooral boeren naar Canada, Australië en Nieuw-Zeeland ging over grenzen. Nu heb je binnen de Europese Unie het vrij verkeer van werknemers en zie je de trek van Polen, Roemenen en Bulgaren naar ons land, waar de bevolking anders zou krimpen. Zij dragen bij aan onze welvaart. Die Europese welvaart is een sterke “Pull-factor”, die de trek van Afrikanen richting Europa veroorzaakt. Deze week moest ook de politieke crisis in Europa bezworen worden. Als er in Europa crisis is, gaat de ontwikkeling van de Europese Unie verder. Het kwam allemaal aan de orde in onze lessen aardrijkskunde. Op de Havo en Vwo zeker, ook wel op de Mavo, maar minder in het LBO, het Lager Beroeps Onderwijs. Daar zit een enorm dilemma. Als je leerlingen met gouden handjes een beroep leert, zijn ze met hun vakkennis en vaardigheden zeer weerbaar in hun werkzaam leven, maar wat moet je ze dan meegeven aan algemene ontwikkeling? Al dat theoretisch gedoe boeit hen niet zo. Krant lezen of een actualiteitenrubriek kijken is er niet zo bij. Kritiekloos dwalen ze rond op het Internet. Daarom is het initiatief van Jesse Klaver om mensen op te zoeken in bedrijfskantines zo goed. Hij laat de mensen zien wat er in de wereld werkelijk aan de hand is en hij laat de oplossingen van GroenLinks zien.

De komende weken staat mij een operatie te wachten. U zult mij enkele keren missen. Het is niet anders.

Jaargang 11, Nr. 519.

Eindelijk een nieuw college in Bunnik

zaterdag, juni 23rd, 2018

PERSPECTIEF 21 EN LIBERALEN EEN DERDE PERIODE SAMEN

De meest logische oplossing, de twee winnaars vormen een coalitie liep op niets uit. Een vorige column was gewijd aan de poging van CDA en Liberalen om een coalitie te vormen. Opnieuw een mislukking. Het CDA lijkt een merkwaardige opvatting te hebben over het besturen van een gemeente. Fracties en hun wethouder moeten flink afstand houden. B. & W. komen met voorstellen en de Raad keurt ze al dan niet goed. Dat het veel doelmatiger is tevoren te overleggen en samen een koers uit te zetten; dat ontgaat het CDA. Het CDA vindt zijn aanhang vooral in Werkhoven en onder boeren. Vooral de protestanten in Werkhoven zijn zeer conservatief. Dan kun je opvattingen verwachten als het gezag van de overheid is door God gegeven. Dat in een gemeente de Raad het hoogste gezag heeft ontgaat sommigen dan wellicht. B. & W. zijn de uitvoerders van de besluiten, die door de Raad genomen zijn. Aan die deling der machten wordt wel geknaagd. Over sommige zaken kan B. & W. tegenwoordig beslissen zonder de Raad te raadplegen. Daarnaast is het CDA vooral de partij van de boeren en aanverwante ondernemingen. Die zien met een benauwd hart de stad oprukken. Dat maakt hun toekomst minder zeker. Als het dan niet anders kan, willen ze wel een goede prijs vangen voor hun grond. De gemeente moet ook rekening houden met de belangen van de bouwondernemingen en van de toekomstige bewoners. De bouwers willen verdienen, de bewoners willen niet te hoge huur- en koopprijzen. Als de grondprijzen te veel stijgen komt het streven naar 30% sociale huur in gevaar. In het verleden hebben we dat goed gemerkt. In onze gemeente zijn veel te weinig goedkope sociale huurwoningen. Van Perspectief 21 kan worden verwacht, dar er voor toekomstige bewoners dragelijke woonlasten zullen zijn.

Het coalitieakkoord geeft aanleiding tot nog andere opmerkingen. In de paragraaf Energietransitie en duurzaamheid wordt niets gezegd over de rol van verhuurders van sociale huurwoningen bij het verduurzamen van hun woningbezit en hun rol bij de energietransitie. De laagste inkomens mogen niet met een onaanvaardbaar hoge lastenverzwaring worden geconfronteerd.

Respect voor de rode contouren zou evenzeer een uitgangspunt van de nieuwe/oude coalitie moeten zijn. Denk aan het gebied bij Huize Cammingha en het zogenaamde paardenweitje bij de Zeisterbrug in Odijk. De plannen bij Station Bunnik komen wat vreemd over. Er is te weinig parkeerruimte, dus een forse parkeergarage zou hier wel passen. Of er dan ook nog veel ruimte is voor kantoren betwijfel ik, tenzij met daarvoor de A12 zou willen oversteken. Dat zou een ernstige aantasting van het landschap betekenen. Het Nationaal Landschap van de Nieuwe Hollandse Waterlinie reikt tot hier. Er wordt al veel te veel gebouwd langs de snelwegen. Zo ontstaat het beeld, dat Nederland vol is. We moeten er niet aan beginnen. Station Driebergen-Zeist is nu al een duidelijk regionaal OV-knooppunt. Zo’n rol is voor station Bunnik niet weggelegd. De functie is vooral lokaal. Ik moet er niet aan denken, dat er een vorm van Openbaar Vervoer komt tussen Houten via Bunnik naar de Uithof. Voor de fiets is het allemaal prima.

Het is mooi, dat er gezegd wordt, dat er allerlei soorten huizen komen, zodat iedereen, die dat wil in de gemeente kan blijven wonen. Dan wordt voorbij gegaan aan het enorme tekort aan sociale huuwoningen en de daarbij passende jarenlange wachttijden. Dat treft in het bijzonder mensen, die onverwacht een beroep willen doen op een sociale huurwoning. Het treft vooral vrouwen, die onverwacht door een scheiding hun partner verliezen. Als ze geen volledige baan hebben en dus een laag inkomen en niet ingeschreven staan voor een sociale huurwoning, komen ze niet in aanmerking en moeten maar zien hoe ze ergens onderdak komen. Vroeger was er voor zulke gevallen een prioriteitsregeling.

Tenslotte iets over het overleg met de burgers. Ikl verneem herhaaldelijk, dat er beloften gedaan worden, dat de aanwezigen een verslag of een nadere reactie zullen ontvangen na een bijeenkomst. Ze horen nooit meer iets. Ik heb ze aangeraden zelf een verslag te maken. Het zou de medewerkers van de gemeente passen de aanwezigen op die mogelijkheid te wijzen. Het hangt ook samen met de werkdruk van ambtenaren. Ik mis in het akkoord enige opmerking over een betere bezetting van het gemeentelijk apparaat.

Jaargang 11, Nr. 518.

Vakantie op Schouwen Duiveland

zondag, juni 17th, 2018

ER VERANDERT HEEL WAT IN 52 JAAR

We hadden net twee peutertjes van drie en bijna twee jaar, toen we in 1966 voor het eerst op Schouwen Duiveland waren. We hadden een vrij nieuwe bungalow gehuurd aan de Strandweg in Nieuw Haamstede. Met de bolderkar trokken we elke dag naar het toen nog heel brede strand. Ergens dichtbij in dat wijkje bij de vuurtoren was een kleine winkel, war we ons eten en drinken konden kopen. De auto hadden we gehuurd, want we wilden eerst ons huis kopen, waar we nog steeds in wonen, al hebben we wel ingrijpend aangebouwd en verbouwd. We hadden er een geweldige vakantie. De reis er naartoe ging nog via het Hellegatsplein en de Grevelingendam. Nu over de Haringvlietdam en de Brouwersdam.

Daarna waren we nog vaak op Schouwen Duiveland voor kortere of langere vakanties en daarnaast voor de jaarlijkse dagexcursie met de derde klassen. Een keer waren we er tegelijk met de koningin, die daar op werkbezoek was. Een pracht ervaring was ook het bezoek aan de Neeltje Jans. Ik geloof, dat we er toen nog met een Baileybrug naar toe moesten. Iemand zei tegen me: Mag ik u wat vragen. Ik volg een cursus portrettekenen bij Teleac.” Ik zei: “Meneer, u hebt het goed gezien. Ik sta in het hoofdstuk karikaturen”. Hij had me heel vaak getekend.

Maar wat verandert er veel in een mensenleven. In 1966 waren de bomen in het lagere deel allemaal nog jong van na de Deltaramp. Dat valt nu niet meer op. De grote dammen aan de zeekant waren nog niet klaar. Het toerisme was nog betrekkelijk beperkt. Buitenlanders en dan vooral de Duitsers vielen nog helemaal niet op. Nu was het al in het voorseizoen erg druk en ook met buitenlanders. Onze Oostenrijkse buren gebruikten hun huisje op het bungalowpark als uitvalsbasis voor bezoeken aan Middelburg, Den Haag, Delft, Rotterdam, Antwerpen en Brussel. Ze waren diep onder de indruk van hun bezoek aan het Watersnoodmuseum bij Ouwerkerk. Duinen strand interesseerden hen niet zo. Wat mij ook opviel was, dat de kwaliteit van de accommodaties en de toeristische infrastructuur enorm verbeterd is. Betaald parkeren, fietspaden, wandelroutes, ruiterpaden, BMX paadjes, strandtoegangen, restaurants: het zag er allemaal prima uit. Het mooist zie je dat bij Renesse. De jongeren van nu gaan naar Spaanse badplaatsen als Lloret del Mar. Vroeger gingen ze naar Renesse. De jongeren van toen zijn nu ouder geworden, verdienen goed en toch trekken ze graag naar Renesse. Bij de strandovergang zagen we een gloednieuw en zeer luxe hotel.

Op 20 juni 2010 schreef ik over ons bezoek aan het Watersnoodmuseum bij Ouwerkerk. Het is in het binnenste van vier reusachtige caissons gevestigd, die gebruikt werden bij het dichten van het stroomgat. Acht jaar geleden was ik al erg onder de indruk. Nu kende ik het nauwelijks meer terug. Het geeft nog veel beter een beeld van de ramp en schenkt ook aandacht aan de toekomst. Wat me opviel waren oude filmbeelden van het bioscoopjournaal, een uitstekend computermodel van de ramp, gemaakt door het KNMI, waarop je de dichtbij elkaar liggende isobaren ziet. Die wijzen op een hoge windsnelheid. Het wisselend waterpeil wordt in kleur aangegeven. Dan is er een afdeling over alle huizen, die met name door Zweden en Noorwegen zijn geschonken. We zagen ze in Ouwerkerk nog steeds. Bijzonder is een rondom-projectie van het water dat komt. Een indringende waarschuwing voor de stijgende zeespiegel.

We maakten ook een boottocht over de Oosterschelde met het Motorschip De Onrust. Het schip is eigendom van twee robuuste vrouwen, die aan boord hard meewerken om bijvoorbeeld iedereen van uitstekende koffie te voorzien. De toelichting over wat er allemaal onderweg te zien is beviel me. Goed gedoseerd en steeds op de goede momenten. We zagen zeehonden, een lepelaar. aalscholvers en bruinvissen. Het bezoek aan het overstromingsgebied bij de Schelphoek maakte de mensen stil. Wat een enorme opening in de dijk. Twee keer per dag stroomde daar het water binnen en bij eb weer terug naar zee. En wat een oppervlakte aan water, waar eerst land was. En toch wordt er voedsel geproduceerd. Er is een zeewier “boerderij” gevestigd. Het grappige was, dat we twee dagen later bij ons afscheidsdiner iets groens bij de zalmcarpaccio kregen. Tsja, dat was dus zeewier. Alle soorten zeewier zijn eetbaar. En het smaakt heerlijk.

Tot slot. We hadden onze fietsen thuis gelaten. We hebben veel gewandeld. Nu ontdekten we vlak bij ons verblijf prachtige stukjes natuur. Duinen en duinmeertjes, moerasjes, bijzondere planten. Ik ruik nog de geur van de duinroosjes.

Jaargang 11, Nr. 517.