Archive for the ‘COLUMN VAN DE WEEK’ Category

Dorpspolitiek in Bunnik

zondag, januari 12th, 2020

WONINGNOOD VERSUS NATUUR

 

Het Kromme Rijngebied is rijk aan natuur. Het wordt gevormd door de driehoek Utrechtse Heuvelrug – Rijn en Lek en het Lekkanaal, de aftakking naar de Lek bij Vreeswijk van het Amsterdam-Rijnkanaal. In dit gebied verlegde de Rijn in de loop der eeuwen voortdurend zijn loop. Dalingen langs breuken in  de diepere ondergrond waren daarvan mede de oorzaak. Zo ontstond een landschap van natte kommen en hogere stroomruggen en oeverwallen langs de huidige Kromme Rijn en de Rijn en Lek. De hoger gelegen stroomruggen en oeverwallen werden al in de prehistorie bewoond. In de Romeinse tijd vormde de Rijn de grens van het Romeinse Rijk. Die grens is de limes. De kommen kregen pas bewoning na de bouw van de Rijn- en Lekdijk. Zo’n kom werd ontwaterd door een wetering, zoals de Langbroeker wetering en de Schalkwijker wetering. De bewoning vond je vooral langs die wetering en aan de randen van die kommen op oeverwallen of de Utrechtse Heuvelrug. Binnen dit betrekkelijk kleine gebied vind je dus een sterke afwisseling van landschapstypen. Want een kom kent vooral grasland en in het gebied van de Langbroekerwetering ook parkbossen bij de vele kastelen. De stroomruggen en oeverwallen hebben ook veel fruitteelt. Nog een belangrijk landschapselement is de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Stukken grasland werden onder water gezet als een vijand naderde. Op hoger gelegen plekken vind je forten. Rond zo’n fort vind je kringen, die een vrij schootsveld moeten garanderen.

Maar het Kromme Rijngebied grenst aan de stad Utrecht. Veel bedrijven en instellingen zijn er gevestigd vooral vanwege de centrale ligging met een spoorwegknooppunt en tal van autosnelwegen rondom de stad. Daardoor groeit de werkgelegenheid nog steeds. Bij de universiteit komen zo veel bedrijven, dat daar een werkgelegenheidsgroei van 15.000 mensen gaat plaatsvinden. Die moeten ook nog ergens wonen. Buurgemeenten van de stad moeten helpen met woningen te bouwen. Zo ook Bunnik. Met name bij Odijk. Westelijk van de N229 (Utrecht-Wijk bij Duurstede) kunnen honderden woningen gebouwd worden, maar binnen de dorpen zijn er ook nog zogenaamde inbreidingslocaties.

Onze lokale linkse partij Perspectief 21, meestal kortweg P21 genoemd kreeg bij de laatste verkiezingen veel stemmen en acht van de zeventien zetels omdat men verwachtte, dat zij het behoud van het mooie landschap zou behartigen. Zo was er vanmiddag een druk bezochte discussiebijeenkomst over een bouwplan in een waardevol natuurgebied, noordelijk van de Bunnikse Hoenderiklaan. Het probleem werd van alle kanten bekeken. De Raad moet er straks over beslissen, maar wordt in het voortraject nauwelijks geïnformeerd. Er wordt wel heel veel tijd in gestoken, maar de kans lijkt me groot, dat de Raad straks neen zegt en het hele plan niet doorgaat. De Raad eist al jaren, dat er in elk plan dertig procent sociale huurwoningen worden opgenomen en dan geen tweekamerappartementjes voor starters, maar echte woningen. Dan blijkt de woningcorporatie voor de gemeente Bunnik nog in het geheel niet te zijn geraadpleegd. Langs het gebied loopt een jaagpad bij de Kromme Rijn, onderdeel van een wandelroute van Utrecht naar Wijk bij Duurstede. Wandelaars uit het hele land maken er gebruik van. Zij genieten van het bijzondere landschap. Het is een betrekkelijk open landschap. Het ligt dichtbij het Fort bij Rhijnauwen en binnen de kringen rond het fort. Aan de overzijde van het riviertje zijn nevengeulen gegraven met een veelheid aan begroeiing en waterfauna. Daar vinden ook rondvaarten plaats met de pont van het Utrechts Landschap.

Zelf raadpleegde ik de nodige literatuur. Aan de zuidkant ligt een sloot, maar dat blijkt dan een restgeul van de zogenaamde Zeister Rijn. Rond het begin van onze jaartelling stroomde de toenmalige Rijn van (nu) Odijk via het landgoed Rijnwijck naar (nu) Zeist en vervolgens vandaar in Zuidwestelijke richting langs Bunnik naar Vechten. In het gebied ligt dus de oude oeverwal en er is het nodige microreliëf. Dus zijn er ook verschillen in vochtigheid en grondsoort. Dat zorgt ervoor dat er potentiële verschillen in soortenrijkdom zijn. Het grasland is niet erg intensief bewerkt. Daardoor is het rijk aan soorten planten en dus ook rijk aan dieren. Elders zorgt de intensieve landbouw voor vernietiging van soorten. Wil je de biodiversiteit beschermen, dan moet je zulke reservaten handhaven en er niet zogenaamde nieuwe natuur beginnen. Er is al natuur en je moet er dus zo weinig mogelijk aan veranderen. Een drinkpoel hier en daar of een klein bosje zou kunnen, maar het uitzicht moet blijven. Juist het uitzicht maakt het landschap aantrekkelijk voor recreatieve wandelaars en watertoeristen in hun kano’s. Het is dus een vals argument als men de woningbouw verdedigt met de belofte van nieuwe natuur. Daarmee valt de bodem onder het plan weg. Dat moeten de gemeente Bunnik, de projectontwikkelaar en de toch al welgestelde grondeigenaar goed beseffen.

Tsja, en dan was er nog de affaire van het uittreden van drie oudere P21-raadsleden, die het maar moeilijk vinden met het jonge spul samen te werken. Daar werden nauwelijks woorden aan verspild. Nu maar hopen, dat de senioren met Perspectief hun werk goed blijven doen en de gemiddeld veel jongere fractie er stevig tegen aan gaat. Maar jammer blijft het.

Jaargang 12, Nr. 597.

 

Alle goeds in twintig twintig

zondag, januari 5th, 2020

WAAR BLIJVEN DE WIJZEN IN HET OOSTEN?

 

Het nieuwe jaar is begonnen en het is een bijzonder jaartal. Het vorige was 1919 en mijn ouders hebben dat jaar meegemaakt. In februari wordt een dorpsgenote honderd jaar. Ze is nog buitengewoon kwiek. Een dochter mocht ik les geven. Haar moeder is dus geboren in 1920. Maar ze leefde in haars moeders schoot al in 1919. Dat was dus ook zo’n bijzonder jaar. Sommige kleuters en babies van nu zullen het jaar 2121 meemaken. Wat gaat er dit jaar allemaal gebeuren en wat hopen we, dat er wel en wat er niet gebeurt?

Het jaar is al heel slecht begonnen met de liquidatie van Iraans tweede man, generaal Qassem Soleimanie. Er zijn mensen blij mee en anderen zijn woedend. De Iraanse leiders hebben wraak gezworen. Israël heeft al voorzorgsmaatregelen genomen en zal bij aanvallen van Hamas of Hezbollah ongetwijfeld hard terug slaan. Iran heeft raketten, die Israël kunnen bereiken. Ook Saoedie Arabië kan gemakkelijk getroffen worden, zoals al eerder gebleken is. Hoe gaan de Verenigde Staten daar weer op reageren? Een enorme instabiliteit in het Midden Oosten valt te verwachten en dat gaat ongetwijfeld weer invloed hebben op de wereldeconomie. De olieprijzen zijn al gestegen. Trump beweert, dat honderden Amerikaanse levens zijn gered door de uitschakeling van Soleimanie. Dat is nog maar de vraag. Bovendien zullen er in het Midden Oosten veel mensen worden gedood en zijn de levens van die mensen minder waard dan Amerikaanse levens? Wanneer wordt men in het Midden Oosten eindelijk wijs?

Na de Tweede Wereldoorlog hebben de landen van Europa eindelijk gekozen voor eenwording. Dat gaat allemaal nog heel traag en echt goede samenwerking tussen de lidstaten van de Europese Unie is er nog niet. Toch begint het Europees Parlement meer invloed te krijgen en de Europese Commissie dwingender aan te sporen tot een beter beleid. Ursula von der Leyen werd niet zomaar voorzitter van de Europese Commissie en moest met forse toezeggingen komen. Vaak liggen de lidstaten dwars, maar ik hoop, dat er in dit bijzondere jaar voortgang wordt geboekt. Er is nog steeds veel regionale ongelijkheid binnen Europa. In combinatie met de gebrekkige democratie wordt het moeilijk daar een oplossing voor te vinden. Die regionale ongelijkheid vind je ook binnen de lidstaten. Zelfs binnen Nederland vind je verschillen in gemiddeld inkomen per hoofd van de bevolking, vind je verschillen in opleidingsniveau en in werkloosheid. In Groningen gaat terecht de gaskraan dicht, maar net als bij de mijnsluitingen in Zuid-Limburg moet er wel alternatieve werkgelegenheid komen. Er is nog altijd werk aan de winkel.

Nu kun je vanuit een liberaal standpunt ervan uitgaan, dat mensen hun eigen voordeel nastreven en zo zelf hun achterstanden wegwerken. Maar waarom lukt dat niet? Waarom blijft de ongelijkheid bestaan? Een van de oorzaken is, dat er een grote ongelijkheid is en de machtigen het steeds weer winnen. Daarom vond ik vandaag het Geloofsgesprek op NPO2 om 9.45 uur elke zondagmorgen zo interessant. Economen gingen altijd uit van de homo econmicus, die strikt het eigen belang nastreeft en zo tot steeds grotere welvaart komt. Maar er blijkt een trend, waarbij economen er op wijzen, dat rekening houden met het belang van de ander zoals werknemers en consumenten, maar ook concurrenten uiteindelijk leidt tot betere resultaten. Als je je best doet om je klanten goed van dienst te zijn, houd je je klanten. Dat wederzijdse in de economie draagt bij tot groter geluk. De zaken lopen goed. Economiestudenten in Rotterdam kunnen colleges theologie volgen, waarbij hun duidelijk wordt gemaakt hoe belangrijk dat wederzijdse in de economie kan zijn.

Zelf dacht ik door naar de politiek. In een gesprek met familie zei ik, dat als je echt gelovig christen bent, dat ook consequenties zal hebben voor je politieke keuzes. Veel mensen stemmen vooral op de partij, waarvan ze denken, dat die hun eigen belang het meest dient. Maar als christen hoor je ook te denken aan het belang van de zwaksten in de samenleving. Vroeger probeerde de christelijke partijen dat te doen. Bij het CDA merk je daar nog maar weinig van  De Christen Unie en wat mij betreft GroenLinks komen juist voor die zwaksten op, niet allen de mensen, maar ook de natuur. Dat is rekening houden met de ander. Uiteindelijk draagt dat bij aan jouw persoonlijk geluk en dat van anderen. Dat deze inzichten in 2020 verder doorbreken, dat is voor mij een bijzondere wens.

Jaargang 12, Nr. 596.

Linkse christenen

zaterdag, december 28th, 2019

STEMMEN ECHTE CHRISTENEN LINKS?

Misschien waren de Christen-Radicalen van de PPR hun tijd ver vooruit. Zo rond 1970 speelde het zogenaamde Conciliair Proces. Christenen waren voor Vrede, Verzoening en Behoud van de Schepping. Men wilde de vrede tussen de volkeren bevorderen door bijvoorbeeld kernwapens te verbieden, men wilde de relatie met vreemdelingen in onze samenleving, mensen van een ander ras verbeteren en men wilde de vernietiging van het milieu tegengaan, door het eigen gedrag te veranderen. Ongetwijfeld herkent u in deze christelijke idealen veel uit het programma van groene partijen, die in Europa al jaren intensief samenwerken. Wat gebeurde er jaren later in 1989?

Radicaal links was in Nederland flink verdeeld Naast de Politieke Partij Radicalen (PPR) had je de PSP, de Pacifistisch Socialistische Partij, die vreselijk tegen de NAVO was en alles wat daarmee samenhing. Er was een Evangelische Volkspartij, de EVP en dan was er nog de CPN, waarvan nogal wat linkse intellectuelen lid waren. Dat waren niet bepaald Stalinisten. Al die kleine linkse partijen werden in de loop der jaren steeds kleiner en gingen noodgedwongen in de Tweede Kamer steeds meer samenwerken. Uiteindelijk liep dit in 1989 uit in de oprichting van GroenLinks, waarin deze vier partijen samengingen. Aanvankelijk speelden  die bloedgroepen in GroenLinks nog wel een rol, maar jonge GroenLinksers en de jongeren van Dwars zullen hier nauwelijks weet van hebben. Velen van hen denken, dat je tegen de Kerken moet zijn, want die zijn immers rechts. Dat denken ze tenminste.

Nauw verbonden met GroenLinks is De Linker Wang actief. Het is een beweging, die zich voortdurend bezint op vragen, die je vanuit de Bijbel aan de politiek kunt stellen. Het gaat bijvoorbeeld over ritueel slachten of euthanasie en dan in bijzondere gevallen zoals bij ernstig zieke kinderen en dementen, over bijzonder onderwijs en over behoud van de schepping, dus een Bijbelse visie op milieubehoud, vluchtelingen, discriminatie. Kijk maar eens naar de website van de Linker Wang. Soms vraagt de beweging om bezinning, maar veel vaker is De Linker Wang een sterk inspirerende factor binnen GroenLinks.

Het probleem met vooral jongeren is, dat ze nauwelijks enig benul hebben van het feit, dat de Kerken bij veel onderwerpen een bondgenoot zijn van GroenLinks. Rechtse partijen zien dat veel beter. Het is niet voor niets, dat ze de invloed van de Kerken en andere religies voortdurend trachten te beperken. Recent voorbeeld is de echtscheidingsproblematiek en de houding tegenover Islamitisch onderwijs. Anderzijds hebben we gezien hoe de achterban van het CDA die partij tot de orde riep, toen die wel erg ver naar rechts opschoof. Die partij kun je van tijd tot tijd nauwelijks nog christelijk noemen. De C staat daar immers voor. Bisschop de Korte merkte op, dat in het CDA-programma weinig van het Evangelie is terug te vinden.

De Rooms-katholieke Kerk is onder de Argentijnse paus Franciscus veel meer aandacht gaan besteden aan bestrijding van de armoede, hulp aan vluchtelingen, bevorderen van vrede en behoud van ons gemeenschappelijk huis, de Aarde, die steeds meer lijdt onder vooral de verandering van het klimaat en daardoor de vernietiging van het leven, de aantasting van de biodiversiteit. Als je de rondzendbrief van paus Franciscus over het milieu, “Laudato si” leest, dan denk je dat een GroenLinkser aan het schrijven is geweest. De kern van de boodschap is, dat de armoede in de wereld en de aantasting van het milieu dezelfde oorzaak hebben, namelijk de hebzucht van de zeer rijken.

Aan dit alles moest ik denken, toen Fritz, mijn Oostenrijkse vriend mij mailde en vertelde, dat de leiders van de Christendemocraten en van de Groenen in Oostenrijk verwachten midden januari tot overeenstemming over een coalitie te zullen komen en na goedkeuring door de President en het Parlement een regering zullen gaan vormen. Wie had dit ooit kunnen denken? Een ander voorbeeld zien we in de USA, waar de hoofdredacteur van een blad voor zeer behoudende protestanten een artikel schreef, waarin hij vond, dat Trump behoort te worden afgezet wegens alle beschuldigingen en de voortdurend leugens, waarop hij wordt betrapt. Zijn lezers zijn verbijsterd, want ze zijn alsmaar gewend om de uiterst rechtse politiek te steunen. Maar Trump maakt het ook wel erg te bont.

Tsja, zo’n vijftig jaar geleden maakte ik als bewuste katholiek de keus om links te gaan stemmen en op plaatselijk niveau linkse politiek van de grond te krijgen. Aan het eind van de jaren tien doen mij deze ontwikkelingen best goed. Ik wens mijn lezers Alle Goeds voor 2020.

Jaargang 12, Nr. 595.

 

Kerstmis 2019

zondag, december 22nd, 2019

WAT VIEREN WE EIGENLIJK ALS WE HET VIEREN?

 

Ruim 2000 jaar geleden werd in een grot, die als stal gebruikt werd een kind geboren. Het zou dertig jaar later naar buiten treden als een Joodse leraar en wonderdoener. Nu heeft Hij over de gehele wereld miljoenen volgelingen. Dat moet een bijzondere mens zijn geweest en dus is er alle reden om zijn geboorte te herdenken. Dat zou je tenminste mogen verwachten. Toch is er een tendens bij sommigen om Kerstmis uit de openbare ruimte te bannen. Dat roept de nodige protesten op. Waarom mogen kerstkransjes niet meer zo heten? Waarom wordt een kerstdiner opeens een eindejaarsdiner? Waarom worden kerstzegels door Post NL opeens decemberzegels genoemd? Misschien om te benadrukken, dat ze alleen in december geldig zijn? Maar er is meer aan de hand.

Gaat het om macht? Al die instellingen op godsdienstige basis vertegenwoordigen veel mensen en beïnvloeden de publieke opinie. Zo hebben ze ook politieke macht. Dat bevalt anderen weer niet, want ze willen zaken wettelijk mogelijk maken, waar kerken traditioneel tegen zijn. Denk aan abortus, euthanasie, hulp bij zelfdoding of een zelf gekozen levenseinde en ook allerlei relatievormen toestaan zoals het zogenaamde homohuwelijk. Voor mij geldt, dat, als een groot deel van de bevolking dat wenst men er vóór kan zijn terwijl men er voor zich zelf tegen is. We leven nu eenmaal in een diverse samenleving van mensen met geheel verschillende opvattingen. Daarom zit het mij dwars, dat ik in toenemende mate waarneem, dat men niet respecteert, dat er ook mensen zijn, die er traditionele op religie berustende opvattingen op na houden. Men is boos als er in sommige gemeenten een vloekverbod wordt uitgevaardigd. Men wil het bijzonder onderwijs opheffen. Kerkelijke zendgemachtigden raken hun zendrechten kwijt en die worden samengevoegd in één grote zendgemachtigde KRO-NCRV. Het onwelkome geluid, wil men niet meer kunnen horen. Meestal gebeurt dit onder het mom van de noodzaak Van bezuinigingen.

Natuurlijk zijn er heel wat redenen om boos te zijn op mensen uit de kerken of andere religies. Het kindermisbruik is een recent voorbeeld. Ongehuwde zwangere meisjes en vrouwen werden min of meer gedwongen hun kind af te staan. De kruisvaarders hebben heel wat gemoord en geplunderd. Vooral in de zestiende en zeventiende eeuw waren er in Europa veel binnenlandse oorlogen op godsdienstige basis. Zo zijn er heel wat slechte dingen aan religies toe te schrijven. Maar laten we ook eens kijken naar de goede dingen.

Hoe je het ook wendt of keert, de Europese beschaving heeft grotendeels een christelijke basis. Dat zie je in de Cultuur met een hoofdletter: de schilderkunst met bijbelse taferelen, de muziek met meerstemmige missen, de dichtkunst met bijbelse inspiratiebronnen, de bouwkunst met vooral veel kerken en kloosters en daaraan vaak verbonden de beeldhouwkunst. Maar kijk ook naar onze sociale politiek en de opvattingen over wat goede zorg is. Ik herken elke keer weer het denken van de mens, waarvan we op 25 december Zijn geboortedag vieren. Uiteraard zijn er evengoed andere inspiratiebronnen. De sociale wetenschappen hebben evenzeer bijgedragen aan onze sociale wetgeving. Politici van VVD of D66 beseffen nauwelijks wat ze allemaal kapot maken door hun afkeer, soms haatgevoelens naar godsdiensten.

Eigenlijk moet je niet zo zeer kijken, naar wat zich christen noemende lieden gepresteerd hebben. Je moet terug naar de bron. Het leven van Jezus van Nazareth, zoals dat in de evangeliën tot ons komt, kan ons de weg wijzen door ons leven. Ik merk, dat steeds meer mensen in het leven van Jezus inspiratie vinden. Het gaat vooral om liefde voor de ander. Laat je niet leiden door wat je zelf zo graag wilt, maar denk op de eerste plaats aan de ander. Dat schrijven in een tijd, dat egoïsme steeds meer om zich heen grijpt is nogal uitdagend. Maar die zelfzucht in onze samenleving, die zelfs in de wetgeving vorm krijgt, maakt die samenleving op den duur kapot. Daarom vieren we Kerstmis. We bezinnen ons op de vraag, wat ik kan betekenen voor de ander. Hoe kan ik samen met anderen de wereld om mij heen weer meer leefbaar maken? Hoe kunnen we ons gemeenschappelijk huis, de aarde redden? Hoe kunnen we bijvoorbeeld boeren, die door economische machten worden klem gezet, helpen een ecologisch verantwoorde bedrijfsvoering te starten? Op veel van de huidige vraagstukken in de wereld heeft die Jezus nooit een antwoord kunnen geven. Maar zijn manier van leven was een en al liefde en door liefde moeten we ons laten leiden naar een betere wereld. Zo wil ik Kerstmis vieren.

Jaargang 12, Nr. 594.

In besloten kring

zaterdag, december 14th, 2019

IS ER SPRAKE VAN EEN TREND?

 

Ik zie het steeds vaker in overlijdensadvertenties. De begrafenis of crematie zal in besloten kring plaats vinden of heeft al plaats gevonden. Soms wordt er bij vermeld, dat het de uitdrukkelijke wens was van de overledene. Dan vraag ik me vaak af, wat daarvoor een reden kan zijn geweest. Dan denk ik: Heeft de overledene veel narigheid ondervonden van zijn omgeving en moest hij er niet aan denken, dat ze vervolgens bij zijn begrafenis allerlei mooie woorden zouden spreken, waar ze naar het oordeel van de overledene geen barst van zouden menen? Het kan ook zijn, dat de nabestaanden niet bij machte waren om een uitgebreide begrafenis te regelen. Of hij of zij wenste alleen de naaste familie en intieme vrienden bij zijn uitvaart. Niet al die mensen van zijn werk of van zijn sportclub. Daarbij kunnen financiële problemen een rol spelen. Er is tegenwoordig een enorm aanbod van begrafenisondernemers en ik neem aan, dat dit de prijs toch wat zal drukken. Ik herinner mij, dat mijn vader vaak met zijn sigarenboer erover sprak, dat die begrafenisondernemers zulke schandelijk hoge vergoedingen eisten. Ze waren allebei blij, dat de Dela werd opgericht. Het is een coöperatieve vereniging, die een natura uitvaart biedt. Een groot aantal uitgaven wordt in natura aangeboden. Maar Dela is er al heel lang en pas de laatste paar jaar zie je de toename van in besloten kring begraven of cremeren.

Zou het iets te maken hebben met de individualisering, die in onze maatschappij zo om zich heen grijpt? Mensen zeggen, dat ze helemaal vrij willen zijn, zodat ze kunnen doen waar ze zin in hebben. Ze worden geen lid meer van een club of vereniging, want, dan zijn ze zo gebonden. Als je vier mensen vraagt om lid te worden van jouw vereniging zeggen er drie zonder meer nee. Het aantal mensen, waarmee ze een persoonlijke band hebben houden ze erg laag. Ze willen geen rekening moeten houden met anderen. Ze willen alleen doen, waar ze zelf zin in hebben en niemand heeft zich daarmee te bemoeien. Ze zijn geen lid van een sportclub of van een ouderenbond of van een vakbond of van een politieke partij of van een kerkgenootschap en ze hebben geen of maar een heel kleine familie. Het zijn “alleen gaanden”. Ze komen er steeds meer. Het is een van de oorzaken van de enorme vraag naar woningen. Soms is het alleen zijn iets dat hen is overkomen, maar voor steeds meer mensen is het een zelf gewilde keuze. Tsja, dan is een uitvaart in besloten kring niet zo vreemd.

Ik ben zo bang, dat het inzicht in het belang van een dorpsgemeenschap of in een stad van een buurtgemeenschap verdwenen is. Zo’n gemeenschap is een levend geheel. Er treden allerlei veranderingen op. Er zijn clubs en verenigingen. Daar ontmoeten mensen elkaar. Er ontstaan vriendschappen en die vrienden of vriendinnen steunen elkaar, organiseren een buurtbarbecue of ze versieren de straat als het Nederlands voetbalelftal een belangrijk toernooi speelt of ze verzorgen samen het groen in hun straat. In een dorp of een wijk zijn een of meerdere scholen. Ze hebben een oudervereniging en een bestuur. Zo’n dorp of wijk hoort bij een gemeente. In die gemeente zijn afdelingen van politieke partijen en de besluiten van een gemeenteraad kunnen tot van alles leiden. Er zijn huisartsen en er is buurtzorg. En in de wijk zijn allerlei winkels en waarschijnlijk is de politie in de wijk aanwezig. Allerlei mensen werken er voor hun beroep of als vrijwilliger. Wat zou het betekenen als er steeds meer mensen gaan zeggen, dat ze met de rest niets te maken willen hebben? Zou zo’n wijk of dorp dan op den duur nog leefbaar blijven? Ik vind het zo’n kostbaar iets als je kunt zeggen, dat je deel uitmaakt van een gemeenschap waar de mensen er zijn voor elkaar.

In zo’n gemeenschap is het ook vanzelfsprekend, dat de gemeenschap zich verantwoordelijk voelt voor de uitvaart van een overledene. Wij maken deel uit van de Heilige Nicolaasgeloofsgemeenschap in Odijk. Het is een warme gemeenschap. Dat merk je als de mensen na de zondagse viering samen koffie of thee drinken en met elkaar nieuwtjes uitwisselen. Het is een feest van ontmoeting. Ik geloof in een leven na de dood. Ik bedacht, dat het sterven niet alleen een afscheid is van de gemeenschap en de familie van de overledene. De overledene neemt ook afscheid van zijn familie en van de geloofsgemeenschap en van de dorpsgemeenschap en van de buurt, waar hij woonde. We nemen afscheid van elkaar. Ik merk ook, dat voor mensen die band met de overledene blijft bestaan. Ze bezoeken het graf of de plek waar de urn met de as bewaard wordt. Daar “praten” ze met de overledene. Vaak is zo’n afscheidsviering geen droevige bijeenkomst. We denken aan alle goeds, dat de overledene heeft gedaan voor zijn familie en voor de gemeenschap. We zien in hem of haar een goed voorbeeld voor alle nabestaanden. Mensen voelen soms nog steeds de steun, die de overledene aan hun geeft. Er is nog steeds gemeenschap.

Jaargang 12, Nr. 593.

Suriname

zondag, december 8th, 2019

FRAAIE EXPOSITIE IN DE NIEUWE KERK

 

Suriname is nogal in het nieuws. President Bouterse is door de Krijgsraad tot twintig jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens zijn aandeel in de decembermoorden. In de Zwarte Pietendiscussie gaat het voortdurend over het slavernijverleden van dat land en de Nederlandse verantwoordelijkheid daarvoor. Ik heb er als aardrijkskundedocent ook les over gegeven. Tijdens mijn studie mocht ik mij verdiepen in de Surinaamse savannen en schreef ik een scriptie over het politieke systeem van de Ashanti. Daarbij verdiepte ik mij terdege in de cultuur van dit Ghanese volk en hun rol in de slavenhandel.

De tentoonstelling in de Nieuwe Kerk in Amsterdam geeft een tamelijk compleet beeld van Suriname. Het begint met de geschiedenis van het land, waarbij er ook prehistorische vondsten zijn gedaan van 8000 jaar geleden. Eeuwenlang leefden hier alleen de inheemsen. Nadrukkelijk wordt de naam “Indianen” vermeden. Dat is uiteraard juist. Columbus dacht dan wel in Indië te zijn gearriveerd en sprak daarom over Indianen, maar het bleek een vrijwel algemeen onbekend continent, dat naar de ontdekkingsreiziger Amerigo Vespucci genoemd werd, dus Amerika. Het overzicht van de geschiedenis eindigt met een aantal recente gebeurtenissen, maar de recente veroordeling van Bouterse is tijdens de tentoonstelling niet toegevoegd. Het zou ook in strijd zijn met het kennelijk beleid van de organisatoren. Ze willen vooral een beeld geven van de enorme verscheidenheid aan bevolkingsgroepen en daarbij alles vermijden, dat tegenstellingen zou suggereren. In Suriname wordt heel verschillend over de veroordeling gedacht.

Er zijn meerdere inheemse volkeren. De Caraïben en Arawakken wonen in een strook evenwijdig aan de kust meest iets zuidelijk van Paramaribo.  De Wajana’s en Trio diep in het binnenland dichtbij de grens met Brazilië. Van hun kleding, religieuze gebruiken en hun woningen wordt een beeld gegeven. Na 1500 vestigden zich hier eerst Britse plantagehouders, maar al spoedig werd Suriname een Hollandse kolonie, waarbij de West Indische Compagnie (WIC) het gebied exploiteerde. Voor het werk op de plantages werden tot slaven gemaakte Afrikanen ingevoerd. Een onderdeel van de tentoonstelling geeft een beeld van de driehoekshandel. Nederlandse schepen voeren naar West-Afrika, waar de WIC handelsposten had. Ze boden kruit, geweren en tabak aan en met de opbrengst werden slaven gekocht. Er wordt geen erg duidelijk beeld gegeven van de manier waarop mensen tot slaaf werden gemaakt. Onder anderen bij de Ashanti was het traditie elk jaar oorlog te voeren. Dan konden mannen een hogere status verkrijgen. Het kruit en de geweren kwamen daarbij goed van pas. De krijgsgevangenen werden tot slaaf gemaakt en bij de handelsforten aan de Europeanen verkocht, die hen naar Amerika vervoerden. In Paramaribo organiseerde een kapitein van een slavenschip een markt, waar de tot slaaf gemaakten te koop werden aangeboden. Sterke mannen brachten het meest op. Zwakkeren waren vaak al onderweg op het slavenschip overleden. Met de opbrengst werd Surinaamse producten ingekocht, suiker, koffie en katoen en die werden in Nederland weer met winst verkocht. Drie maal winst maken bij deze driehoekshandel; het was heel profijtelijk. Soms wisten de tot slaaf gemaakten naar het binnenland te ontsnappen. Zo ontstonden daar een aantal zwarte volkjes met een eigen Afrikaans achtige cultuur. De tentoonstelling noemt drie volkjes. De overkoepelende naam voor hen is Marrons. Er wordt ook wel over Boslandcreolen gesproken. De helft van hen is naar de kust getrokken, maar er wonnen er nog veel in het binnenland.

In1814 werd de slavenhandel over de Atlantische Oceaan verboden. Pas in 1867 werd de slavernij in Suriname afgeschaft. De vroegere tot slaaf gemaakten wilden uiteraard niet meer op de plantages werken. Dat was voor hen minderwaardig slavenwerk.  Waar haalden de plantagebezitters nu werkkrachten vandaan? Men zoch contractarbeiders. De eerste groep waren Chinezen volgens de tentoonstelling uit Hongkong. In Nederlands Oost Indië waren ook veel Chinezen werkzaam, bijvoorbeeld bij de tinwinning op Bangka en Billiton. Ik meende, dat onder hen ook geworven werd. Daarna werd er in Brits-Indië geworven. Daar werd de mensen wijsgemaakt, dat Suriname een geweldig land was van Srinam, de godin van de vruchtbaarheid. De wervers hadden de mensen voor het uitzoeken. Ze kozen de besten en dat is onder de Hindoestanen nog steeds merkbaar. Ze studeren meer voor advocaat of tandarts of hebben hun eigen landbouwbedrijven of winkels. Een laatste groep zijn de Javanen. Op Java werden de dessahoofden verplicht om contract-arbeiders te leveren. Ze kozen de mensen, die ze het liefst kwijt waren en dat waren niet de besten. De expositie erkent dit, maar legt de verschillen tussen Hindoestanen en Javanen niet uitgebreid uit. Ze willen niemand voor het hoofd stoten.

De gehele geschiedenis wordt uitvoerig geïllustreerd met documenten, boeken, tekeningen, schilderijen, voorwerpen en maquettes. De bijschriften zijn eigenlijk niet allemaal goed te lezen en het is dan ook zeer aan te raden gebruik te maken van de telefoontjes, die te leen worden gegeven. Dan kun je bijvoorbeeld ook het geluid bij een film horen. Deze Suriname tentoonstelling is met een kleine bijbetaling toegankelijk met een museumkaart en naar mijn mening zeer aan te bevelen.

Jaargang 12, Nr. 592.

Nieuwe wetgeving echtscheiding

zondag, december 1st, 2019

EN DE SCHEIDING VAN KERK EN STAAT?

 

Minister Dekker bereidt een wijziging voor van de wetgeving over echtscheiding. Hij wil daarbij ook een regeling invoeren, dat in dezelfde procedure de ontbinding van een religieus huwelijk wordt geregeld. Nu weet ik niet of de journalisten de plannen van de minister juist hebben weergegeven, maar als dat het geval zou zijn, weet de minister wat betreft de huwelijkswetgeving in de Rooms-katholieke Kerk niet bepaald van de hoed en de rand. Een geldig huwelijk van twee Rooms-katholiek gedoopten kan niet ontbonden worden. Het huwelijk schept een duurzame band en eindigt pas na overlijden van tenminste één partner. Een bruidspaar dient daarop gewezen te worden. De priester, die het huwelijk inzegent en registreert dient zich ervan te overtuigen, dat beide partners daarvan op de hoogte zijn. Die onontbindbaarheid van het huwelijk gaat terug op een gebod van Jezus van Nazareth, Gods Zoon. Het is een goddelijk gebod en de Kerk kan dat gebod niet negeren. De Rooms-katholieke Kerk kan eenvoudig weg een huwelijk niet ontbinden. Jezus van Nazareth merkte tijdens Zijn leven, hoe slecht het lot was van gescheiden Joodse vrouwen. Daarom maakte hij het huwelijk onontbindbaar.

Nagegaan moet worden of er geen huwelijksbeletselen zijn, zoals een familieband, het al dan niet gedoopt zijn van beide partners, een eerder geldig huwelijk of dwang om te trouwen.

Het huwelijk in de Rooms-katholieke Kerk is een sacrament. Een sacrament is een teken, dat de genade geeft, die het betekent. Als de twee elkaar het huwelijk toedienen ontvangen zij daarbij de genade, de bovennatuurlijke hulp om van hun huwelijk iets goeds te maken. Het wordt pas echt een huwelijk als het huwelijk “geconsumeerd” is. Mocht blijken, dat de vrouw nog maagd is, dan is het huwelijk kennelijk niet geconsumeerd en is er dus geen geldig huwelijk. Zulke uitzonderlijke situaties blijken toch voor te komen.

Ondanks de goede voornemens, kan na enige tijd de liefdesband verslappen. Ondanks alle moeite en goede wil van beide kanten, therapie\én, pastorale begeleiding loopt het huwelijk toch stuk. Het burgerlijk huwelijk kan dan ontbonden worden, maar het kerkelijk huwelijk niet. De kerk had traditioneel als alternatief de zogenaamde “scheiding van tafel en bed”. De twee leefden voortaan niet meer samen, maar bleven gehuwd. Dus konden ze ook niet opnieuw een kerkelijk huwelijk sluiten. Dat is een nare situatie, vooral als er een nieuwe liefdevolle relatie ontstaat met een Rooms-katholiek. Ze kunnen niet kerkelijk huwen. Dat is nog pijnlijker als een partner schuldloos gescheiden is. De partner is op zeker moment spoorloos verdwenen en kan en wil kennelijk niet meer meewerken. Dan voelt iemand zich opgesloten in een huwelijk. De Kerk zou zich moeten afvragen of Jezus van Nazareth dat heeft gewild.

De alleen achtergebleven partner kan zich dan tot een kerkelijke rechtbank wenden, bij voorkeur met steun van een gespecialiseerde advocaat. Misschien wordt dan achteraf toch een huwelijksbeletsel gevonden. Dan kan die kerkelijke rechtbank het huwelijk ongeldig verklaren. Er is nooit een huwelijk geweest. Er kan bijvoorbeeld worden aangetoond, dat er dwang is uitgeoefend bij het sluiten van het huwelijk. Of achteraf blijkt, dat een partner toch eerder gehuwd was of is geweest. Maar nogmaals de kerkelijke rechtbank kan een huwelijk niet ontbinden. Een burgerlijke wet kan dus de rechter ook niet de mogelijkheid bieden om de partners te dwingen naar de kerkelijke rechtbank te gaan om hun kerkelijk huwelijk te laten ontbinden. De Kerk kan een geldig huwelijk niet ontbinden. Wat God verbonden heeft, kan een mens niet scheiden.

Het is voor de minister en voor eventuele Kamerleden een zeer penibele zaak. De scheiding van Kerk en Staat leert, dat de Kerk de Staat niet kan dwingen en omgekeerd ook de Staat de Kerk niet kan dwingen tegen de kerkelijke regels of tegen het Geloof in te gaan. Maar al te vaak blijkt, dat politici en journalisten slecht op de hoogte zijn van inhoudelijke onderwerpen bij de Rooms-katholieke Kerk. Dan wordt er maar wat geroepen, dat kant noch wal raakt. Tsja, dat is een probleem met al die secularisatie. Enige algemene ontwikkeling op kerkelijk gebied is veelal ver te zoeken.

Jaargang 12, Nr. 591.

Vervuiling beperken

zondag, november 24th, 2019

EEN BIJDRAGE VANUIT DE AARDRIJKSKUNDE

 

De kernvragen van de aardrijkskunde zijn Wat? Waar? Waarom daar? Waar is vervuiling? Waardoor is daar vervuiling? Hoe kunnen we de vervuiling daar verminderen?

De aardrijkskunde bestudeert het aardrijk, dat deel van de aarde, waarvan de mensen gebruik maken. Hoe zo’n deel van het aardrijk er uitziet, wordt bepaald door de natuur, door het economisch stelsel, door het politiek stelsel en door het sociaal stelsel. Bij het sociaal stelsel komen ook de cultuur, de normen en waarden en de religies naar voren.

Bij een inventarisatie van de vervuiling is het doelmatig om uit te gaan van de natuurlijke onderdelen van het aardrijk: de atmosfeer, de lithosfeer en de hydrosfeer. Soms wordt ook de term biosfeer gebruikt, dat deel van de aarde, waar het leven voorkomt en in een deel waarvan wij mensen leven. We kunnen die drie sferen verder onderverdelen. De atmosfeer is de dunne luchtlaag, die de aarde omhult. De ozonlaag op ongeveer 50 KM houdt schadelijke zonnestraling tegen. In de stratosfeer wordt gevlogen en daar worden dus verbrandingsgassen uitgestoten, In de onderste lagen tot ruim 5000 meter leven wij. Daarbij is de 21% zuurstof belangrijk voor onze ademhaling. De hydrosfeer, het water omvat waterdamp, water en ijs in de atmosfeer, water in oceanen, meren, rivieren en het grondwater. Het grondwater is van belang voor de plantengroei en uit de diepere lagen winnen we drinkwater en soms koelwater en irrigatiewater. De lithosfeer of steenschaal is de aardkorst en dan vooral de bovenste laag, de bodem, de 1 tot 2 Meter dikke laag waarin leven voorkomt en planten wortelen. Diepere lagen van de aardkorst herbergen delfstoffen, zoals koolwaterstoffen en ertsen. Soms liggen delfstoffen aan de oppervlakte. Zand, klei, kalksteen, maar ook bruinkool of steenkool.

Het aantal vormen van vervuiling is enorm groot en elke vorm van vervuiling vraagt weer een eigen aanpak. Daarbij zien we een aantal algemene lijnen. Fundamenteel is de verandering van menselijk gedrag. Voorbeelden zijn afval beperken, afval scheiden, consumptie aanpassen. Zo kunnen we door vegetariër te worden de vleesproductie beperken en zo de uitstoot van ammoniak en stikstofoxiden. Daardoor is er dus minder lucht- en bodemverontreiniging/overbemesting. De afvalscheiding is belangrijk om een kringloopeconomie mogelijk te maken. We moeten naar een systeem zonder afval. Alles moet recyclebaar zijn. Zo wordt ook een eventuele uitputting van grondstoffen tegen gegaan. Zo’n kringloopeconomie kan leiden tot hogere productiekosten en dus tot concurrentienadelen. Dus zijn wettelijke maatregelen nodig, vaak op Europese schaal, maar zelfs mondiaal. Dat maakt het vaak tijdrovend, maar ook doelmatiger, want niet ieder land hoeft weer te zoeken naar eigen oplossingen.

Het betekent tegelijk tal van belangenconflicten. Zo wil het Europees Parlement een verbod op een onkruidbestrijdingsmiddel. De producent stuurt zijn lobbyisten naar Brussel, die daar zo te keer gaan, dat Monsanto de toegang tot de EU-burelen wordt verboden. Zo is er een strijd gaande om een insectenbestrijdingsmiddel te verbieden, zodat er geen massale bijensterfte meer optreedt.  Meerdere NGO’s en hun supporters onder het publiek oefenen daarbij druk uit. Een mooi voorbeeld van een mondiale afspraak is de vervanging van het drijfgas in spuitbussen, zodat de ozonlaag niet meer wordt aangetast. Door meer ultraviolette straling begon er meer huidkanker voor te komen.

Onze energievoorziening steunt grotendeels op steenkool, bruinkool, aardolie en aardgas. Bij verbranding ontstaat koolstofdioxide (CO2). Dat is een broeikasgas. Vooral CO2 zorgt ervoor, dat de atmosfeer als het glas van een broeikas de warmte uitstraling tegenhoudt. De atmosfeer houdt meer warmte vast en dat beginnen we steeds meer te merken. De gemiddelde temperatuur over de aarde als geheel stijgt. Die temperatuurstijging is niet gelijkmatig over het aardoppervlak verdeeld. In het Noordpoolgebied gaat het sneller. Door die ongelijkmatige opwarming verandert ook de luchtdrukverdeling en zo veranderen luchtstromen. De jaarlijkse regentijd blijft uit. Door de uitdroging komen meer bosbranden voor. Soms is brandstichting de oorzaak, maar door de droogte zijn de branden moeilijker te blussen. In Nederland komt tegenwoordig wijnbouw voor met mooie opbrengsten. Het ene gebied kent uitzonderlijke droogte, maar elders komt ontzettend veel neerslag voor en daardoor overstromingen. Plantensoorten verdwijnen, maar poolwaarts duiken ze op. Daardoor verschuiven ook de leefgebieden van dieren. Ons hele aardse ecosysteem verkeert in crisis. We willen er wel iets aan doen, maar machtige financiële belangengroepen liggen daarbij vaak dwars.

Het milieuprobleem is niet alleen een technisch en economisch en zo ook een politiek probleem, het is ook een ethisch probleem, een vraagstuk van goed en kwaad. Want als je in je omgeving of in een groter gebied of zelfs op wereldschaal schade veroorzaakt en zo anderen benadeelt, doe je die ander kwaad aan. Dat is heel lang niet of nauwelijks als zodanig herkend. In 2015 publiceerde Paus Franciscus zijn encycliek “Laudato si”. Het is een rondzendbrief aan de gehele kerk gericht en voor iedere goedwillende wereldburger van belang. Hij behandelt in deze encycliek de vernietiging van Gods Schepping of in burgerlijke taal de vernietiging van het wereldecosysteem. Daarbij ziet hij een verband tussen de aantasting van het milieu en de armoede in de wereld. Sterk vereenvoudigd: Beiden worden veroorzaakt door de hebzucht van de allerrijksten in de wereld. Zij zijn niet bereid om met minder winst genoegen te nemen om de kosten van schoon produceren en het geven van een rechtvaardig loon te betalen. Dat wordt zeer uitvoerig en zeer diepgaand in dit boekwerk behandeld. Ieder goed ontwikkeld mens zou deze encycliek moeten bestuderen. Maar de CDA-fractie moest door de achterban tot de orde worden geroepen voordat zij haar beleid naar behoren aanpaste en de leden eindelijk niet langer de klimaatsceptici uithingen.

Kun je dit zo behandelen in het Voortgezet Onderwijs? Niet behandelen is trouwens ook een keuze. Voor mijn gevoel geeft Franciscus hier een wetenschappelijk verantwoorde beschrijving van de werking van het technologisch en financieel-economische systeem in de wereld. Daarbij kun je de leerlingen of studenten uitnodigen om tot een eigen standpunt te komen. Van hen mag je vervolgens eisen, dat zij hun standpunt met goede argumenten kunnen verdedigen. Onderwijs is nooit neutraal. De meest venijnige vorm van indoctrinatie in het onderwijs is, dat een docent over de ethiek van het milieuprobleem zwijgt.

Jaargang 12, Nr. 590.

Introdans met The Battle

zondag, november 17th, 2019

VERRASSING VOOR EEN GEBOREN ARNHEMMER

 

Elk seizoen schrijven wij ons in voor een reeks voorstellingen in Schouwburg Figi in Zeist. We zorgen voor de nodige afwisseling en zo waren we afgelopen dinsdag bij een voorstelling van Introdans. De groep is gespecialiseerd in moderne dans. Ik had eigenlijk geen idee, wat er op het programma stond. Ik vind het wel leuk me te laten verrassen.

Het begon met een introductie op film. Arnhemmer van Hooff van Burgers Dierenpark vertelde hoe hij op 17 september 1944 als negenjarige met de tram naar de H. Mis van 8 uur was geweest. Hij was bij ons onderaan langs gekomen. Ik herinner me niet meer of ik die zondag ook naar de kerk ben geweest, want rond half elf was het luchtalarm en schuilden we onder de tafel tegen een binnenmuur. Het ging toen vooral om de Willemskazerne in de binnenstad. Van Hooff vertelde verder over de evacuatie en over de plunderingen door de Duitsers. De Slag om Arnhem werd geen succes voor de Britten en ik zie nog steeds een grote groep Britse paratroopers als krijgsgevangenen en toch fier rechtop voorbij marcheren.

Na die introductie van het thema begon de dans op muziek van de Missa Brevis in Tempore Belli van Zoltán Kodály. We hoorden het Latijnse Kyrie en Gloria. Dat op zulke kerkelijke muziek gedanst werd en een vreselijke veldslag werd uitgebeeld was erg verrassend en voor mij ook ontroerend. Ik kende immers de slechte afloop. Ik was diep onder de indruk.

Na de pauze volgden drie moderne danscreaties, zoals we die van Introdans gewend zijn.  Keiharde drums, dans, die een enorme atletische kracht vergt en intense samenwerking tussen de dansers. Het eerste deel Outb –Arabisch voor draaien rond een as – werd door twee mannen en een vrouw gedanst. Mooi, maar voor mijn gevoel iets te lang. Het tweede onderdeel was voor acht danseressen op muziek van Henry Purcell. Wat rustiger en vooral eleganter.

Het derde onderdeel  “The Hunt” werd weer door alleen mannen gedanst. Het was wat minder abstract en je kon je ook beter voorstellen, dat er een jacht werd uitgebeeld. Mij spreekt dat wat meer aan. Ik had er geen spijt van voor deze voorstelling te hebben gekozen.  Introdans beweegt zich op mondiaal niveau. Ik vond het bijzonder prettig te zien, dat zij ook voorstellingen geven in Duitse steden vlak over de grens.

Jaargang 12, Nr. 589.

Alweer Zwarte Piet

zondag, november 10th, 2019

PIET WAS NOOIT EEN SLAAF

 

Zwarte Piet, de page van Sinterklaas is een fantasiefiguur uit het midden van de  negentiende eeuw. Hij benadrukt het exotisch karakter van de figuur Sinterklaas. Sinterklaas is afgeleid van de Heilige Bisschop van Myra in Turkije. Zijn gebeente rust in de Italiaanse stad Bari. Rond de H.Nicolaas bestaan tal van legenden, die steeds weer benadrukken, dat die H. Nicolaas een echte goedheiligman was. Hij deed vooral goed. Hij behoedde drie jonge vrouwen voor de prostitutie door hen een bruidsschat te verschaffen. Daarom wordt de H. Nicolaas vaak afgebeeld met drie gouden ballen. Hij stilde tijdens een zeereis de storm en redde het leven van de schepelingen. Hij wekte drie vermoorde jongetjes weer tot leven, die door een boosaardige herbergier in een vat waren ingezouten. De H. Nicolaas is de schutspatroon van Rusland en wordt daar intensief vereerd. Zo’n heilige als slavenhouder te bestempelen is nogal dwaas.

Waarom wordt van mij verwacht tegen Zwarte Piet te zijn. Een aantal zwarte landgenoten zien in de figuur Zwarte Piet een slaaf en worden zo elke keer weer aan de afschuwelijke slavernij herinnerd, waaronder hun voorouders gezucht hebben. Het is gezien het bovenstaande enorme onzin, Dat weten al die anti Zwarte Piet activisten ook best wel. Waarom ze dan toch blijven doordrammen is me een raadsel. Men legt mij uit, dat het zo ZIELIG is voor die mensen, dat ze toch elke keer weer aan de slavernij worden herinnerd. Daarom moet je maar lief voor ze zijn en tegen Zwarte Piet zijn.

Ik weiger mijn zwarte landgenoten als zielige figuren te zien. Dat zou pas echt racistisch zijn. Onze zwarte landgenoten mogen er trots op zijn, dat hun voorouders er in geslaagd zijn het juk van de slavernij af te schudden. Zij hebben zich zelf vrijgevochten. Dat is een geweldige prestatie. Ze kregen weliswaar steun van witte mensen, ook in de besturen, maar ze hebben hun vrijheid bevochten.

Er ligt een merkwaardige parallel met de Nederlandse geschiedenis. In de vroege Middeleeuwen onder het feodalisme bestond hier de lijfeigenschap  en de horigheid. Lijfeigenen waren geen slaven en konden niet verhandeld worden, maar ze werden als eigendom van hun adellijke meester beschouwd. Later in de Middeleeuwen ontstonden steden, die met hun ambachten tot grote welvaart kwamen. Ook kwamen er steeds meer vrije boeren. Met de hulp van de graaf of de hertog wisten de steden en plattelandsgemeenten zich aan de adellijke heerschappij te ontworstelen. Dat ging niet zo maar Graaf Floris V , der keerlen god, werd door de edelen vermoord. Uiteindelijk leidden, die Hoekse en Kabeljauwse twisten tot vrijheid voor boeren en burgers. Er was niet langer een feodale samenleving, maar er was sprake van zelfbestuur. Sindsdien kent Nederland een zekere mate van democratie in tegenstelling tot veel  andere Europese staten, waar de macht van de adel veel langer voortduurde. Wij in Nederland zijn daar trots op. We vinden ook nieuwe vormen van democratisch overleg en noemen dat dan het “poldermodel”, Andere landen leren van ons

Misschien moeten we dat poldermodel ook maar eens toepassen op die Zwarte Pieten discussie. Ga met elkaar praten. Hoe kun je die figuur Zwarte Piet gebruiken om racisme tegen zwarte mensen te bestrijden. Is Zwarte Piet wellicht wat karikaturaal? Zorg dan ook voor Witte Pieten, met wit geschminkte gezichten. Die vrolijk met elkaar dansjes uitvoeren en gein maken. De roetveegpiet is iets raars en al vinden kinderen in een sprookje alles normaal, het moet ook voor volwassenen aanvaardbaar zijn. De Sint moet ook niet meer spreken over zijn knechten maar over zijn pages en edelknapen. Een jonge Piet kan een prachtig verhaal vertellen over zijn vader, die ergens in Afrika koning is en uitleggen, hoe het daar aan het hof toegaat. Een witte page kan vertellen over het kasteel van zijn vader in Spanje. Deze vorm biedt eindeloze mogelijkheden voor verantwoorde creativiteit.

Jaargang 12, Nr. 588.