Archive for the ‘Zonder rubriek’ Category

In Memoriam Dr. Friedrich Zaussinger

zondag, augustus 7th, 2022

Op 9 augustus 1934 werd hij geboren. Ik leerde hem 17 jaar later in 1951 kennen op de Wereld Jamboree voor Boy Scouts in Bad Ischl in Salzkammergut in Oostenrijk. Ik was er als afgevaardigde van de Sint Maarten-groep van de Katholieke Verkenners uit Arnhem. Fritz wilde postzegels ruilen en we wisselden ook adressen uit. Dat leidde tot een langdurige briefwisseling en veelvuldige wederzijdse bezoeken. We bleken veel gemeenschappelijke interesses te hebben. Niet alleen Scouting, maar ook politiek en kerk en cultuur. We leerden veel van elkaar. Op 20 juli 2022 overleed hij na het ontvangen van de laatste sacramenten in aanwezigheid van zijn vrouw Helga, twee van zijn dochters en enkele kleinkinderen in zijn woning in Tulln aan de Donau. Op 2 augustus 2022 werd hij na een Eucharitieviering ten afscheid bijgezet in het familiegraf in Tulln. Moge hij rusten in vrede.
In 1951 woonde Fritz met zijn ouders in Krems aan de Donau. Hij zat er op het Gymnasium en moest nog een jaar verder. Krems lag in de Russische bezettingszone, want Oostenrijk was als deel van het Duitse Rijk door de Russen, de Amerikanen, de Britten en de Fransen in vier bezettingszones verdeeld, net als de stad Wenen. Oostenrijk had wel zijn eigen regering en de besturen van de Bondslanden. Fritz woonde in Nieder Österreich. Na zijn Gymnasium-opleiding ging Fritz rechten studeren en dat leidde tot een carrière bij het land Nieder Ös-terreich met de bestuurszetel in Wenen en later in Sankt Pölten.
Mijn eerste bezoek aan Fritz vond plaats bij Innsbruck. Met drie vrienden van de Hilversumse kweekschool waren wij er in acht dagen naar toe gefietst en Fritz kwam met Gerhard met de trein en zou de terugreis op de fiets doen. Een bijzondere prestatie was een dagtocht tot over de Brennerpas tot in het Italiaanse Süd Tirol.
De volgende ontmoeting vond in Arnhem plaats. Fritz was nieuwsgierig naar mijn zusje, maar dat was niet wederzijds. Hij leerde Nederland kennen: Amsterdam, Rotterdam met de Floriade en de havens, de dijkbouw voor Zuidelijk Flevoland, waar we met een excursieboot vanuit Harderwijk naar toe voeren.
Fritz woonde inmiddels in Tulln bij zijn ouders. Hij richtte er een Scoutinggroep op, die intussen ruim vijftig jaar moet bestaan en hij inspireerde mij in Odijk ook een Scoutinggroep op te richten. Daar was inmiddels heel wat jeugd. Bij die Scoutinggroep vond Fritz een negen jaar jongere welpenleidster. Ze trouwden en kregen aanvankelijk twee dochters, Susanna en Monika. Veel later volgde Birgit. Fritz was behoudend Rooms-Katholiek en stond afwijzend tegenover effectieve geboorteregeling. Maar dat nakomertje Birgitta is nu wel een kundige ziekenhuisarts. Haar zussen mogen er ook wezen. Suzi is docent klassieke talen en wiskunde en Monika docent Frans en Aardrijkskunde. Dat laatste vak had ze nodig om de weg naar Lyon en naar haar echtgenoot te vinden. De drie dochters zijn getrouwd en kregen elk twee kleinkinderen voor Fritz en Helga. Ons familieleven was wederzijds bekend. In 1975 kwamen Fritz, Helga, Suzi en Monika naar Odijk en we bezochten met hen mijn moeder in Arnhem, Flevoland, Rotterdam en wat al niet meer. Zuidelijk Flevoland was inmiddels droog gelegd en ontgonnen. We reden er met de auto, waar we eerst met de excursieboot hadden gevaren. Maar in het Duits zeg je dan, dat we hier gefahren haben (met de boot) en er nu fahren (met de auto). Dat zorgde dus even voor een klein misverstand.
In het begin van zijn carrière werkte Fritz op lokaal niveau, maar vervolgens kwam hij bij het Landsbestuur aan het werk. In die tijd woonde het gezin in het Noord-Westen van Wenen in een flat. De woning in Tulln bouwden ze grotendeels zelf. Heel bijzonder was, dat de kelder bescherming biedt tegen kernwapens. De laatste jaren hebben ze door extra isolatie aan de buitenzijde het huis aangepast aan het warmer worden van het klimaat. In de winter is het huis nog lang warm en in de zomer juist koel. Of hij door zijn werk vaak op zulke ideeën kwam weet ik eigenlijk niet. Ik merkte wel, dat hij bij de regelgeving veel aan-dacht had voor een fraai uiterlijk van woningen en gebouwen. Zo wilde hij graag, dat garagedeuren de afmetingen hadden van de gulden snede. Ik heb toen een serie foto’s van garagedeuren in Houten gemaakt. Fritz schreef met een collega een handboek over ruimtelijke regelgeving, dat bij de vele wetswijzigingen weer aangepast moest worden. Bij een bezoek aan Nederland wist ik een ontmoeting met de Utrechtse gedeputeerde voor ruimtelijke ordening te arrangeren. Onze ruimtelijke ordening stond lang op hoog niveau. Daar is de laatste jaren erg de klad in gekomen. Met alle stikstofproblemen wordt het nog erger.
Fritz kon zich als ambtenaar niet met actieve politiek bezig houden, maar hij was wel een overtuigd christendemocraat, lid van de Österreichische Volks-Partei, de ÖVP. Hij wist de weg. Toen er in Nederland verontwaardigd werd gereageerd op Waldheim als nieuwe president van Oostenrijk, snapten veel Oostenrijkers dat niet. Helga zei, dat hij toch uit een fatsoenlijke familie kwam. Fritz regelde toen een gesprek met een Oostenrijkse parlementariër en ik legde hem uit, dat de Tweede Wereldoorlog en het fusilleren van mensen bij hun nakomelingen veel afkeer naar Duitsers laat zien. Dat geeft de pijn van het verlies van je vader. Die ÖVP moest altijd maar weer samenwerken met de Sociaaldemocraten. Fritz en Helga waren soms verbaasd, dat die socialisten ook nog keurig katholiek waren. Helga was wel politiek actief en werd Unter Bürgermeister voor Sociale Zaken. Oostenrijk is qua religie en politiek een heel ander land dan Nederland. Er waren al veel eerder neonazi’s actief, de zwarten. De Groenen waren lang meer gericht op groene stokpaardjes als het beperken van het autogebruik. Fritz had het dan over Chaoten. Hij was al te ziek om nog goed te kunnen reageren op het samen regeren van ÖVP en Groenen. Over GroenLinks zei hij niet veel. Ook niet over de ideeën van Paus Franciscus over Economie en Milieu in zijn encycliek “Laudate si”. Fritz is te vroeg ziek geworden en gestorven. Er is nog zo veel te doen.
Jaargang 15, Nr. 722.

Criminele boeren en hun handlangers

zondag, juli 31st, 2022

BESEFFEN ZE HET ZELF WEL?

Op veel manieren heb ik met de landbouw te maken. In mijn omgeving ken ik veel agrariërs. Ik praat met ze. Ik ken hun problemen. Ze kennen mij. We waarderen elkaar. In mijn vak als aardrijkskundeleraar in het Voortgezet Onderwijs gaf ik les over de landbouw en het landbouwbeleid. Als lid van GroenLinks hield ik mij ook met landbouw bezig. Het viel mij op, dat de vaak stedelijke GroenLinksleden geneigd waren de oorzaken van milieuproblemen bij de landbouw eenzijdig bij de boeren te leggen. Ik benadrukte, dat de schuld aan die milieuproblemen gelegd moest worden bij de totale productie-consumptiekolom, dus niet alleen bij de boeren, maar ook bij de beleidsmakers, bij de banken, bij de groothandel, bij de veilingen, bij de supermarkten en bij ons zelf als consumenten.

Vanaf het Plan Mansholt was het landbouwbeleid gericht op voldoende agrarische productie tegen aanvaardbare prijzen. Dat vroeg behoorlijk grote bedrijven om de grote stallen en de mechanisatie te kunnen bekostigen. Veel kleine boeren verlieten de landbouw. De opgeheven bedrijven zag je van steeds grotere omvang worden. Onder boeren heerste de angst voor faillissement. Wanneer zijn wij aan de beurt? Veel boeren reageerden door hun bedrijf te vergroten en in de veehouderij betekende dat megastallen. Voer, vaak geïmporteerd, werd bijgekocht. Dat leverde de forse mestoverschotten op en de huidige stikstofoverschotten. Het teveel aan mest slaat neer rond de agrarische bedrijven en omdat die bedrijven steeds groter worden neemt die stikstofneerslag ook toe. Zijn de boeren daarvan  de schuld? Zij zeker niet alleen. Lokale overheden, provincies en opeenvolgende kabinetten lieten het gebeuren en keurden alles goed. Je zag heidevelden vergrassen. Je zag overal stikstof minnende soorten de overhand krijgen. Je zag de kwaliteit van het water in beken, rivieren, meren achteruit gaan. In geen enkel Europees land is de waterkwaliteit zo slecht. Het risico op aantasting van het drinkwater neemt toe. Er moet iets gebeuren. De boeren ontkennen het. Ze verzetten zich. Dat mag, maar niet met de middelen, die sommigen nu gebruiken.

Ik heb er grote moeite mee, dat de politie niet optreedt tegen boerenprotesten, waarbij de wet wordt overtreden. Als voetbalsupporters zich ernstig misdragen zie je de nodige ME-busjes verschijnen en met bereden politie en hondenbrigades worden de relschoppers bestreden. Jaren terug werd grootmaterieel ingezet als een kraakpand ontruimd moest worden. Nu tonen politiewoordvoerders allerlei smoezen en treedt ze nauwelijks op. Het blokkeren van een autosnelweg is een zware overtreding. Er staan gevangenisstraffen op. Tractoren, die daarbij gebruikt worden zijn geweldsmiddelen en behoren  verbeurd te worden verklaard. De politie dient haar gebrek aan daadkracht snel te herzien. Boeren, die met plannen voor snelwegblokkades rondlopen moeten weten wat hun te wachten staat.  Meerdere ME-peletons, een of meer pantserwagens uitgerust met mitrailleurs, helicopters met zoeklichten. Politiewagens met luidsprekers. U krijgt tien minuten om te verdwijnen. Daarna komt de ME in actie. Nog aanwezige boeren worden gearresteerd en onderworpen aan snelrecht. Nog aanwezige tractoren worden geconfisqueerd als onrechtmatige geweldsmiddelen. Het niet behoren tot de boerenstand is een strafverzwarende factor. Politiefunctionarissen, die niet willen meewerken worden disciplinair gestraft. Politie dient voor 100% onpartijdig te zijn.

Het landbouwbeleid moet stevig worden herzien. Er moeten duidelijke regionale en nationale maxima aan aantallen stuks vee komen en het toezicht hierop dient zeer scherp  te zijn. Maar al die boeren, die een ander beroep moeten kiezen dienen daartoe goed in staat gesteld te worden. De vergoedingen voor opgeheven bedrijven dienen meer dan de waarde , maar ook gemiste inkomsten voor bijvoorbeeld tien jaar te omvatten.

Er dient een parlementair onderzoek te komen naar het beleid, dat ondanks alle waarschuwingen toch tot grote verontreiniging heeft geleid. Tegen ambtenaren, die dergelijke maatregelen hebben doorgevoerd dienen disciplinaire straffen te worden genomen. We moeten weer een schoon land worden.

15e Jaargang, Nr. 721.

 

Houthandel van Dam

maandag, juni 6th, 2022

KOMT HIJ WEER IN HET NIEUWS?

 

Als je jarenlang regelmatig hetzelfde traject per spoor aflegt, dan zijn er van die bijzondere punten, die heel herkenbaar zijn. Zo’n plek is Houthandel van Dam in Bunnik. Grote loodsen, vrachtauto’s met stapels hout, vroeger een plas terzijde van de Kromme Rijn, waar boomstammen lagen uit te wateren. Lang was hier ook het NS-station en dat kun je nog zien aan de naam van de weg er naar toe, de Stationsweg. Het huidige NS-station ligt een kleine kilometer in de richting Utrecht en is alleen een station voor personenverkeer.

De Oranjebuurt een typische forensenwijk, die in de vijftiger jaren gebouwd werd toen de suburbanisatie op gang kwam. De stad Utrecht bood te weinig koopwoningen van redelijke kwaliteit. Die werden in de omliggende dorpen gebouwd. Bunnik ligt bovendien dichtbij de vestiging van de Rijksuniversiteit Utrecht in het buitengebied, de Uithof. Mensen stelden eisen aan hun woonomgeving en dus waren er voortdurend protesten tegen het snerpende lawaai van  het houtzagen.  Daar is iets op gevonden.

Toch is het bedrijf niet echt populair en bovendien zoekt Bunnik ruimte om woningen te bouwen. Laat van Dam maar naar elders vertrekken. Dan kunnen op dit terrein woningen gebouwd worden. Daar is vaak over gepraat, maar van Dam zit hier kennelijk erg gunstig ten opzichte van de klanten en mooi centraal in het land en dichtbij het knooppunt van snelwegen in alle richtingen en dichtbij de havens van Amsterdam en Rotterdam. Veel hout komt uit de tropische oerwouden. Er moet heel veel gebouwd worden, want er is een enorm tekort aan huizen. De leveranciers van bouwmaterialen komen net zo goed ruimte tekort.

Het terrein van Van Dam is vol en er is rondom geen vrije ruimte. Maar achteraan het bedrijfsterrein staan wat verouderde schuren. Als we die nu vervangen door moderne bedrijfsgebouwen in meerdere lagen, dan krijgen we er zo veel ruimte bij. Daarvoor werd een bouwplan gemaakt en dat werd aan de gemeente voorgelegd. Een ding werd stil gehouden. In die oude schuren huisden uilen en vleermuizen. Die mag je niet zo maar verdrijven. De organisatie, die deze dieren beschermt werd getipt. Die bleek door de gemeente en het bedrijf niet geïnformeerd. De gemeente Bunnik had helemaal geen bouwvergunning mogen geven. Linke soep!

Het nieuwe college van B.& W. moet nu maar een oplossing zien te vinden. Tsja, Houthandel van Dam is weer eens in het nieuws. Het nieuwe college bestaat uit P21 en D66 en die partijen hebben een naam hoog te houden. Ik ben benieuwd naar het commentaar van de P21 fractie.

15e Jaargang, Nr. 714.

maandag, januari 30th, 2017

Van de wereldwijde actiegroep Avaaz ontving ik dit bericht:

Meer dan 3 miljoen mensen — waaronder jij — ondertekenden deze open brief aan Donald Trump. Nu Trump een moslimban heeft ingevoerd wordt het tijd dat we deze brief tot het wereldwijde verzetssymbool maken — deel de brief met iedereen zodat we samen 4 miljoen handtekeningen binnenhalen! Dit is wat jij kunt doen:

Kopieer deze link overal: https://secure.avaaz.org/campaign/nl/trump_muslim_ban_letter_sgnr_rb/?cbzNLFhb/?btBArbb

—– Beste vrienden,

Met zijn moslimban heeft Trump laten zien dat onze zorgen over zijn presidentschap terecht zijn. En dit is nog maar het begin. Hij dreigt internationale akkoorden ongedaan te maken. Hij dreigt met een nucleaire wapenwedloop. Als je dacht dat het zo’n vaart niet zou lopen, think again. Dit gaat ons allemaal aan, waar je ook vandaan komt. Alleen met een wereldwijde beweging kunnen iets tegen Trumps politiek doen. Meer dan 3 miljoen Avaazers hebben de onderstaande open brief — van de wereld aan Trump — ondertekend. Deze heeft veel aandacht gekregen van belangrijke media. Vandaag wordt het ons verzetssymbool. Help mee deze boodschap nog krachtiger te maken — teken deel met iedereen die je kent:

 

Voeg mijn naam toe

 

Geachte Mr. Trump,

Dit is niet hoe grootsheid eruit ziet. De wereld verwerpt uw angst, uw onverdraagzaamheid, en de haat die u zaait. Wij verwerpen uw steun voor marteling, uw oproepen tot moord op burgers, en uw aanmoediging van geweld in het algemeen. Wij verwerpen de manier waarop u zich uitlaat over vrouwen, moslims, Mexicanen, en miljoenen anderen die er anders uitzien, anders praten of andere religieuze overtuigingen hebben dan u. Uw angst? Wij kiezen voor compassie. Uw wanhoop? Wij kiezen voor hoop. Uw onwetendheid? Wij kiezen voor begrip. Als burgers van de wereld, verzetten wij ons eensgezind tegen de verdeeldheid waar u voor staat.

Hoogachtend,

 

Voeg mijn naam toe

 

Amerikanen gaan massaal de straat op in protest tegen Trumps politiek, door onze handtekening te plaatsen laten we zien dat we schouder aan schouder lopen met deze demonstranten. Laten we ervoor zorgen dat Trump ons niet verdeelt, maar verenigt. Met hoopvolle groet, Emma, Alice, Christoph en het hele Avaaz-team

 

Actie voor kernwapenpacifist en advocaat Meindert Stelling

vrijdag, juni 17th, 2016

HIJ BEKRITISEERDE RECHTERLIJKE MACHT

Ik ben geen uitgesproken pacifist. Een land mag zich verdedigen als het wordt aangevallen. Soms is een gewapende ingreep nodig om een eind te maken aan een burgeroorlog. Zo kun je mensen beschermen. Ik ben wel tegen het produceren van, het bezitten van, het plaats bieden aan, het dreigen met en helemaal tegen het gebruiken van kernwapens. Ik wil mijn vrijheid niet danken aan de dood van miljoenen anderen. Het gebruik van kernwapens leidt vrijwel zeker tot escalatie en zo tot een wereldwijde vernietiging. Het risico bestaat, dat zo’n kernoorlog begint door een ongeluk of een misverstand. We zijn al een aantal keren door het oog van de naald gekropen. Weinig mensen weten dat of negeren het risico. Het is immers tot nu toe steeds goed gegaan.

In de tachtiger jaren van de vorige eeuw was dit heel actueel. De Sovjetunie plaatste SS20-raketten met kernkoppen, bedoeld voor de middellange afstand. Het NAVO-antwoord werden de kruisraketten en daartegen werd met enorme demonstraties betoogd. Ik was erbij in Amsterdam en in Den Haag. Ik hielp mee bij de “omsingeling” van de vliegbasis Soesterberg. Er waren wakes bij vliegbases en soms drongen activisten een basis binnen en gingen straaljagers met een bijl te lijf. Dan volgde natuurlijk een veroordeling en dat leverde weer publiciteit op, zodat het Nederlandse volk weer gewaarschuwd werd voor de risico’s van de aanwezige kernwapens.

In die tijd kozen ruim duizend Nederlanders voor een Proces tegen de Staat. Ik ben een van hen. Zij wilden het recht te hulp roepen tegen de kernwapens, die zij in strijd achtten met het humanitair oorlogsrecht. In een oorlog mogen ongewapende burgers niet worden aangevallen. In een kernoorlog zijn miljoenen burgerslachtoffers niet te vermijden. Nederlandse rechters probeerden van alles om maar geen uitspraak te hoeven doen. Ze verklaarden zich bijvoorbeeld onbevoegd. Elke keer weer gingen de procesvoerders in beroep tegen een uitspraak of de weigering daarvan. Uiteindelijk kwamen ze tot de Hoge Raad, maar ook die weigerde de uitspraak te doen, dat dreigen met kernwapens strijdig is met het humanitair oorlogsrecht. Uiteindelijk deed het Internationaal Gerechtshof de uitspraak, dat kernwapens in strijd zijn met het humanitair oorlogsrecht. Helaas verzwakte het die uitspraak met een aanvullende opmerking, dat in uitzonderlijke gevallen het gebruik denkbaar is. Een aantal advocaten hebben ons bijgestaan. Het was een zee frustrerende bezigheid. Ze werden als vervelende lastposten behandeld. Redelijke en juridisch zeer verantwoorde argumenten werden terzijde geschoven. Op deze handelwijze van Nederlandse rechters is terechte kritiek mogelijk. Het is niet zo moeilijk met deze toepassing van het recht de vloer aan te vegen. Tsja en dat maakt de edelachtbare heren nog bozer. Het liefst snoer je zo’n advocaat de mond. Maar ook een advocaat is in Nederland vrij zijn mening te uiten. Nu is advocaat Meindert Stelling toch geschorst. Ik neem nu een verklaring van het actiecomité over en geef u in overweging die verklaring mede te ondertekenen.

Steun advocaat Meindert Stelling

  • Ook advocaten hebben het volste recht op vrijheid van meningsuiting.
  • Een Orde van Advocaten, dekens en tuchtrechters mogen op basis van open normen op dit recht geen inbreuk maken
  • Een advocaat die geen blad voor de mond neemt, heeft óók het recht op een plek in en bescherming door de Orde van Advocaten.
  • Meindert Stelling is zo’n advocaat die enkele rechterlijke uitspraken op het gebied van kernbewapening, de handelwijze van een deken en uitspraken van sommige tuchtrechters van (zeer) kritisch commentaar heeft voorzien.
  • Als gevolg daarvan dreigt hij van het tableau geschrapt te worden en niet langer als advocaat werkzaam te kunnen zijn.
  • Orden van Advocaten, dekens en rechters dienen te staan voor de vrijheid van meningsuiting van advocaten en deze niet trachten in te perken op basis van open en onduidelijke normen zoals ‘of een advocaat iets al dan niet betaamt’. Dit óók wanneer het een deken van deze orde of enkele rechters zèlf zijn die in deze vrijheid van meningsuiting op de korrel worden genomen.
  • Wij ijveren voor het behoud van vrijheid van meningsuiting voor advocaten en voor handhaving van Meindert Stelling als advocaat.

 

Namens het actiecomité,

Erik Olof Willemijn van der Werf (voorzitter a.i. Tribunaal voor de Vrede)

Deze verklaring kunt u mede ondertekenen op de website www.eerherstelmeindertstelling.nl  Daar vindt u ook uitgebreider informatie over deze zaak.

Jaargang 9, Nr.415.

Kerksluitingen

vrijdag, oktober 23rd, 2015

EIJK EN CONSORTEN ONTNEMEN MENSEN DE MOED EN HUN GELOOF IN GOD

Als er duivels bestaan, dan moeten die wel heel blij zijn met de huidige leiding van het aartsbisdom. Iedereen ziet het kwaad in de wereld en het heeft vele gedaanten. Kijk naar Syrië en Irak en het wordt moeilijk daar nog goede mensen te ontdekken. De Kerk leert van alles over het kwaad en over duivels. Zijn er duivels, die ons verleiden tegen God en tegen het goede in te gaan? Je kunt ze niet waarnemen, maar hun werk is in onze wereld heel goed waarneembaar. Een kleine inleiding om duidelijk te maken, dat iedereen bloot kan staan duivelse verleidingen, ook een kardinaal-aartsbisschop.

Op 11 oktober was de uitzending van Kruispunt gewijd aan kerksluitingen. Het was voor mij en voor anderen een deprimerende ervaring. Als u de uitzending zelf wilt zien klik dan op de link. http://www.kro-ncrv.nl/kruispunt/seizoenen/2015/30-141534-11-10-2015 U kunt dan zien hoe in de omgeving van Ulft in de Gelderse Achterhoek in allerlei kleine dorpen de kerken dicht gaan. Misschien blijven er twee open. Hoe hebben die kerken zich eeuwenlang weten te handhaven? Vaak via erfenissen kregen ze veel onroerend goed in bezit en met de opbrengst daarvan en de giften van de parochianen was het mogelijk de kerk in stand te houden en in het levensonderhoud van de parochiepriester te voorzien. Die pastoor kreeg bovendien van de boeren veel giften in natura. Wat is er veranderd? De bevolking krimpt. Bij gebrek aan een opvolger worden agrarische bedrijven opgeheven en met de grond worden andere bedrijven vergroot, zodat een rendabele bedrijfsvoering mogelijk wordt. Lang niet alle bedrijfsgebouwen blijven permanent bewoond. In het gebied is niet veel alternatieve werkgelegenheid zoals de traditionele metaalindustrie meer. Dan zie je de winkels verdwijnen, het café, de sportclub, de school en nu ook de kerk. Het lijkt een onontkoombaar proces en toch zijn er kleine kernen, die er in slagen voorzieningen overeind te houden. Dat vraagt een forse inzet van de bewoners en veel inzet van vrijwilligers, die bijvoorbeeld een kleine supermarkt runnen of een dorpshuis overeind houden.

Dat kan ook met een kerk. Dan moeten er voldoende goed toegeruste vrijwilligers zijn en er moeten voldoende inkomsten zijn. Meestal zijn er wel vrijwilligers, maar de toerusting vormt een probleem. De vroegere pastorale school bestaat niet meer en het alternatief wordt niet bepaald nadrukkelijk gepromoot. Vrijwilligers en pastoraal werkers m/v worden niet echt op waarde geschat door de bisdomleiding evenals de vieringen, die door hen verzorgd worden. Het ideaal van de bisdomleiding is, dat iedereen naar dat ene eucharistisch centrum gaat. Dus moet straks iedereen naar Ulft. En dat kunnen maar weinig mensen opbrengen. Die weinigen zijn in de ogen van de bisdomleiding de echt goede katholieken en de rest wordt door de Maliebaan afgeschreven. Hun jaarlijkse bijdrage aan de Actie Kerkbalans zal ongetwijfeld sterk teruglopen en zo zitten we in een neerwaartse spiraal. Intussen beschikt de megaparochie over meer dan 14 miljoen Euro aan kapitaal, vooral in de vorm van onroerend goed en afkomstig van de vroegere kleine dorpskerken. Zeven ton aan inkomsten lijkt me niet te hoog geschat. Niet direct een goede herder, die zijn schapen zo in de steek laat.

Daarom vond ik deze uitzending zo deprimerend. Schapen, die zich gewillig naar de slachtbank laten leiden. Een pastoor, die misbruik maakt van het gebrek aan kennis van het kerkrecht, want met de sluiting loopt hij vooruit op een situatie, die zich over tien jaar zal voordoen. Dat mag kerkrechtelijk niet. Maar is er een alternatief? Dat vergt een totaal ander beleid. Het vraagt vertrouwen in gewone mensen, in leken. Het vraagt de bereidheid veel verantwoordelijkheid te leggen bij die lokale geloofsgemeenschap. Het is daarbij nodig jongere randkatholieken dringend uit te nodigen aan de slag te gaan voor de eigen lokale gemeenschap. Het vraagt de inzet van velen en het vraagt offervaardigheid van iedereen. Het gebrekkige geloof van de huidige bisdomleiding verhindert een beleidsomslag aan de Maliebaan. We zullen het zelf moeten doen. We zullen ons niet laten ontmoedigen door een stel ongelovige prelaten. We willen geen handlangers van hen zijn door de lokale gemeenschap in de steek te laten. We houden onze kerken open.

Jaargang 8, Nr. 381.

Hoe groen is GroenLinks?

vrijdag, februari 27th, 2015

WE NEMEN HET MILIEU SERIEUS

Milieu is voor veel mensen geen populair onderwerp. Ze geloven niet in de ernst van de milieuproblemen. Ze denken dat de techniek wel een oplossing zal vinden. Ze voelen zich zelf niet verantwoordelijk en denken, dat hun individuele bijdrage niet zal helpen. Ze missen voldoende kennis om de negatieve gevolgen op korte en op lange termijn te begrijpen. Ze zien ook niet allerlei negatieve gevolgen voor hen zelf. Zo is het verkeer een belangrijke veroorzaker van fijn stof in de atmosfeer. Dat fijn stof verergert astma en COPD. Het zorgt er niet voor, dat een astmalijder dus minder zal gaan auto rijden. Net als een roker, die weet, dat roken dodelijk kan zijn en toch niet stopt. Milieugedrag veranderen is geen eenvoudige zaak.

Als je mensen waarschuwt voor de risico’s bedanken ze je niet. Integendeel, ze nemen het je kwalijk, dat je hen bang gemaakt hebt. Ze reageren geïrriteerd. Jullie willen ons onze auto afnemen. Jullie willen ons uitzicht verpesten door windmolens te bouwen. Nederland maakt energie met die groene belastingen voor mensen met een laag inkomen veel te duur. Voor ons gewone mensen zijn die zogenaamde gezonde biologische producten onbetaalbaar. Jullie willen, dat we met openbaar vervoer gaan reizen maar als er wat blaadjes op de rails gewaaid zijn of als een wissel vast gevroren is, rijden de treinen niet of met enorme vertragingen. Milieuvriendelijk gedrag vraagt iets van mensen.

Waarom zou je het milieu serieus nemen? We leven in dat milieu. We zijn er afhankelijk van. We ademen de lucht. Om te leven hebben we zuurstof nodig, anders stikken we. Helaas is die lucht vaak vervuild. We drinken het water. Wij pompen dat bij Bunnik uit de diepe ondergrond en dat water is vaak eeuwen geleden in de bodem van de Utrechtse Heuvelrug weggezakt. Maar grote delen van Nederland moeten van oppervlaktewater drinkwater maken. Onze landbouw maakt gebruik van de bodem en heeft vaak ook extra water nodig. Door bodemverontreiniging maar ook door vervuild water en vervuilde lucht komt onze voedselvoorziening in gevaar. Onze kleding komt voor een groot deel ook uit de natuur: de wol van schapen, de zijde van de zijderups, de katoen is het zaadpluis van de katoenplant, linnen bestaat uit de vezels van de vlasplant. De grondstoffen voor kunstvezels komen uit de diepere ondergrond. Heel ons leven is afhankelijk van wat de natuur ons oplevert. Dan is het alleen maar verstandig de natuur niet te verpesten.

De natuur heeft ook een eigen waarde. We kunnen van de schoonheid van de natuur genieten als we er wandelen of fietsen of zwemmen in buitenwater of als we schilderen of fotograferen. Dat vergt overigens ook een zekere opvoeding. Als ouders hun kinderen nooit meenemen in de natuur wordt het voor die kinderen moeilijk gevoel voor de natuur te ontwikkelen. Je hoeft het niet te geloven, maar er zijn mensen, die in de natuur tot een godservaring komen. Ze voelen zich verbonden met het goddelijke  De ongelovige zal wellicht juist onder de indruk raken van al die sporen van de evolutie, die hij in de natuur waarneemt.

In het milieubeleid speelt de energiezekerheid nu een grote rol. We beseffen, dat de fossiele energiebronnen inclusief uranium voor kerncentrales vroeg of laat opraken. Wat dan? Vergeleken met ons dagelijks energieverbruik is de dagelijks stralingsenergie van de zon veel groter. Daarnaast is er windenergie en waterkracht en geothermische energie ofwel aardwarmte. We hoeven dus niet bang te zijn voor een energietekort, maar het vraagt wel flink wat investeringen om er gebruik van te kunnen maken. Als we onze huizen goed isoleren hebben we minder energie nodig. Tegelijk lossen we de extra opwarming van de aarde op en dus ook het risico van de stijgende zeespiegel. Het produceren en monteren en enig onderhoud geeft heel veel werkgelegenheid. Zo wordt ook het tekort aan werk opgelost.

Kijk en daarom ga ik op 18 maart weer op GroenLinks stemmen. Op elk niveau of het nu de gemeente is of de provincie of het rijk of de Europese Unie is GroenLinks bezig hieraan te werken. Nu u nog lezer of lezeres.

Jaargang 8, Nr. 350.

Zienswijze Inpassingsplan verbindingsweg Houten – A12

zondag, september 25th, 2011

1. Geschiedenis

We gaan terug naar 1966. De Tweede Nota op de Ruimtelijke Ordening constateert, dat in het jaar 2000 Nederland twintigmiljoen inwoners zal tellen. Het groeikernenbeleid wordt geïntroduceerd. Houten en Nieuwegein worden de Utrechtse groeikernen. Maar ook Bunnik en Odijk groeien zeer snel. Als die groei zo doorgaat, is de ruimte bij de dorpen snel op en moet er een Vierde Kern komen, zo concludeert sociograaf Peek in 1967. In 1975 is het tempo van de groei enorm afgenomen. Een vierde kern is nog steeds niet nodig.
In de negentiger jaren van de vorige eeuw wordt het Vinexbeleid geïntroduceerd. Houten krijgt opnieuw een groeitaak. Houten wordt een extra aansluiting op het autosnelwegennet (ASN) beloofd en krijgt daar geld voor. Helaas wordt het geld aan andere zaken besteed. De Houtense VVD krijgt een lumineus idee. De Vierde Kern van Bunnik wordt van stal gehaald. We gaan er vijfduizend huizen neerzetten, laten de inwoners extra betalen en realiseren met de opbrengst de aansluiting van Houten op het ASN. Maar dan moet die aansluiting  wel naar de A12. Tegelijk wordt duidelijk, dat de A27 in de spits verstopt gaat raken en dus moet de aansluiting naar de A12. Het komt goed uit, dat in het streekplan een ontsluiting van Houten naar het Oosten indicatief staat aangegeven.
Alles is veranderlijk. Er is een andere financiering gevonden. Een Vierde Kern gaat er niet komen. De verstopping van de A27 zal binnen enkele jaren zijn opgeheven en de ontsluiting van Houten naar het oosten kan ook door een rechtgetrokken N410, tevens prettig voor de aanwonenden en de fietsers tussen Houten en Odijk v.v.. De noodzaak om de ontsluiting van Houten naar de A12 te realiseren is verdwenen. Provinciale Staten kunnen kiezen. Zelfs als GS suggereert, dat de keuze voor het Rijsbruggerweg tracé (RWT) een voldongen feit is.

2. Het keuzeproces

Een objectieve waarnemer zal het opvallen, dat het keuzeproces vanaf het begin is gekenmerkt door een toeredeneren naar het RWT. Allerlei negatieve aspecten van het RWT werden verzwegen. Dat de weg in een fossiele Rijnbedding komt te liggen wordt nu eindelijk in de laatste Zienswijzennota ruiterlijk toegegeven. Maar dat de weg een forse barrièrewerking voor de natuur heeft, dat de Rietsloot een ecologische verbinding is, dat er bijzondere planten en dieren voorkomen, het wordt bij andere tracés breed uitgemeten en komt bij het RWT pas nu aan de orde. Er worden ook allerlei mooie dingen beloofd, die na de besluitvorming uit de plannen verdwijnen. Over een fietspad van Odijk langs het Raaphofse Pad en verder lees je niets meer. De ecologische verbinding in de tunnel, daar waar het RWT van de Rondweg aftakt is na mijn inspreken op 6 april 2011 gelukkig weer terug gekomen. De ongelijkvloerse kruising met de Achterdijk verdween, maar is na de dreiging van schadeclaims weer in de plannen opgenomen.

3. De Keuze tussen het Rijsbruggerweg tracé en de Meerpaalvariant

Nu gaat het eigenlijk vooral tussen het RWT en de Meerpaalvariant. De waarde van de Meerpaalvariant is pas goed te schatten als er meer duidelijkheid is gekomen over de plannen voor de A27. Leden van Provinciale Staten behoren die duidelijkheid te eisen voordat ze besluiten over het inpassingsplan Verbindingsweg Houten-A12.
Ik zie twee mogelijkheden. Als besloten wordt tot een regionale weg tussen Houten langs Nieuwegein naar Vianen, dan wordt in feite een vorm van de Meerpaalvariant gekozen. Houten krijgt via de huidige aansluiting 28, Het Klooster de beloofde extra aansluiting op het ASN. Deze regionale verbinding met twee rijbanen vergt bruggen over het Amsterdam-Rijnkanaal en de Lek. De weg wordt zo strak mogelijk gekoppeld aan de A27.
De minister kan ook besluiten naast de bestaande bruggen identieke bruggen te bouwen, zoals nu bij Ewijk gebeurt. Ook dan zijn er interessante mogelijkheden, want er ontstaat ruimte voor vijf rijstroken in beide richtingen. Daarvan kunnen er één of twee afgescheiden gebruikt worden voor het regionale verkeer.
In beide gevallen zal veel verkeer naar Nieuwegein van deze Meerpaalachtige verbinding gebruik maken. De bestaande verbindingen met Nieuwegein worden ontlast. Er ontstaat meer ruimte voor het verkeer naar het Noorden en Westen, 80% van al het uitgaande verkeer.
Maar in het tweede geval blijft er het probleem met de Staart. De analyse en bijgevolg ook de gekozen oplossing is zwak. Het kernprobleem bij een dergelijke aansluiting is dat verkeersstromen elkaar gelijkvloers kruisen en dus voor vertraging zorgen. De nu bestaande oplossing met rotondes heeft een beperkte capaciteit. Drie rijbanen in plaats van twee lossen het probleem van het gelijkvloers kruisen niet op. Een ongelijkvloerse kruising is moeilijk te realiseren.
Het gaat om vier stromen. Er zouden twee wegen naast elkaar moeten komen. De Zuidelijke tweebaansweg verwerkt het verkeer van Utrecht en naar Nieuwegein, Vianen en Breda. De Noordelijke tweebaansweg verwerkt het verkeer naar Utrecht en vanuit de richting Breda. Bij de Rede en bij de Rondweg zijn twee opstelvakken nodig. Daar moet het verkeer met verkeerslichten geregeld worden. Zo kan bijvoorbeeld het inkomende verkeer bij De Rede van twee inkomende wegen gelijktijdig rechtsaf slaan of gelijktijdig rechtdoor rijden. Bij de Rondweg gaat het om gelijktijdig rechtsaf en gelijktijdig linksaf slaan. Duidelijke richtingborden zijn een vereiste. De twee wegen dienen optisch en fysiek duidelijk gescheiden te zijn. Ga er eens op studeren!
Als de reactie is, dat het allemaal te ingewikkeld is, bedenk dan, dat het weefvak tussen het tankstation bij Bunnik voor het invoegen vanaf de rustplaats met tankstation en het uitvoegen naar Houten evenmin erg simpel is.

4. Verdere afweging

Eerst moet duidelijk zijn, dat een Meerpaalvariant zo strak mogelijk gekoppeld dient te zijn met de inmiddels verbrede A27. Dan vervalt het bezwaar van de aantasting van een maagdelijk Linielandschap. Een op zich hoge brug valt bij een zo breed kanaal nauwelijks op. Ga maar kijken naar de huidige brug in de A27.
Uit alle cijfers blijkt, dat de Meerpaalvariant beter scoort wat betreft het ontlasten van het ASN en het ontlasten van de Staart en de Rondweg tussen de Koppeling en de Staart dan het RWT. De Utrechtseweg wordt door beide weinig ontlast, maar door het RWT iets meer. De verklaring is, dat de Meerpaalvariant een alternatieve route naar Nieuwegein en naar het Zuiden biedt. Zo krijgt het verkeer naar het Noorden en Westen meer ruimte.
De ontsluiting naar de A12 zou robuuster zijn. Houten zou bij een calamiteit op de A27 bereikbaar blijven. Is dat zo? Voor het verkeer uit de richting Arnhem verandert er niets. Het kan via de N229 en de N410 blijven rijden. Het RWT is vanuit de richting Arnhem niet te bereiken.
Vanuit het Westen en Noorden blijft Houten bereikbaar via verkeersplein Laagraven en de N409, maar ook via het RWT. Vanuit het Zuiden blijft Houten bereikbaar via een mogelijke regionale weg Vianen – Nieuwegein – Houten met twee aansluitingen. Als de afsluiting zuidelijker is, moet er via Leidse Rijn worden omgereden. Voor verkeer uit het Zuiden neemt de robuustheid toe bij de Meerpaalvariant, voor verkeer uit het Noorden en Westen is het RWT een extra bijdrage aan de robuustheid en voor het verkeer uit het oosten verandert er niets. Het is een non-argument.

Maar dan is er nog het verkeer in het buitengebied van Bunnik en Houten. Onduidelijk is of bij de berekeningen nog steeds is uitgegaan van spitsafsluitingen. Bij eerdere berekeningen ontstond de verkeersvermindering   vooral door een spitsafsluiting. Nu de kruising met de Achterdijk ongelijkvloers wordt, neemt het verkeer op de N410 schrikbarend toe, maar op andere wegen is er zelfs een afname ten opzichte van de autonome ontwikkeling. Het maakt verbetering van de N410 des te meer noodzakelijk. Maar als voor de ontsluiting naar het oosten gekozen zou worden voor een route via het RWT, de parallelweg en de aansluiting op de A12 bij Bunnik zou veel verkeer niet meer voor de N410 kiezen. Hier wreekt zich de weigering om de ontsluiting naar het oosten bij de plannen te betrekken. Leden van Provinciale Staten zouden hier duidelijkheid moeten eisen alvorens te besluiten.
De Meerpaalvariant heeft uiteraard geen of weinig invloed op het buitengebied. Er kiest wat verkeer vanuit Wijk bij Duurstede om via buitenwegen naar de Meerpaalvariant te rijden en verder naar het Zuiden.
Het RWT biedt een alternatief voor die Houtenaren, die via Binnenweg, Rijsbruggerweg, Achterdijk en N409 naar Utrecht Oost en de Uithof rijden. De Binnenweg wordt dan immers afgesloten. Het biedt ook een alternatief voor een spitsafsluiting in de Achterdijk, want er wordt sluipverkeer via Oostromsdijkje, Achterdijk, N410 en Rondweg naar het RWT verwacht.

Conclusie: De Meerpaalvariant scoort beter dan het RWT wat betreft ontlasting van de huidige ontsluitingswegen van Houten, de Staart en de Utrechtseweg samen, wat betreft de ontlasting van het ASN en wat betreft het verkeer in het buitengebied tussen Houten en Bunnik moet er eerst duidelijkheid komen over de oostelijke ontsluiting van Houten en over mogelijke spitsafsluitingen, wil men tot verantwoorde besluitvorming kunnen komen. Wat betreft de robuustheid zijn de verschillen eigenlijk irrelevant.

5. De oostelijke ontsluiting

In het voorgaande is duidelijk geworden, dat het proces gekenmerkt wordt door het aanvankelijk verzwijgen van nadelen en vervolgens te beweren, dat het besluit inmiddels vaststaat. Als voor het RWT wordt gekozen, ligt een ontsluiting naar het oosten via dit tracé voor de hand. Helaas is een normale aansluiting in Oostelijke richting niet mogelijk. De afrit Bunnik ligt te dichtbij. Wanneer  we het RWT laten aansluiten op de Parallelweg ontstaan er ongewenst verkeerstromen. Er komt zo een mogelijkheid naar Bunnik en verder te rijden.
Eerder beschreef ik de mogelijkheid een verbindingsweg tussen het RWT en de A12 naast de Parallelweg te leggen en vervolgens over de Parallelweg en de verlaagde afrit te leiden naar de oprit in oostelijke richting. Uit een oostelijke richting is een rechtstreekse verbinding van A12 met het RWT alleen mogelijk via een extra viaduct – nogal kostbaar – over de A12.
Bunnik heeft verdere medewerking aan het RWT opgezegd nu de problemen van de Julianalaan niet worden opgelost, iets dat vanaf het begin door alle betrokken partijen is beloofd. Een verbinding van de Parallelweg met het RWT kan de problemen voor Bunnik alleen maar verergeren. Beter zou zijn de N410 recht te trekken. Dan sla je drie vliegen in één klap: De verbinding naar het oosten wordt verbeterd, de veiligheid van aanwonenden en fietsers wordt verbeterd en de weg kan het toenemende verkeer beter verwerken.

6. Het ontwerp van de verbindingsweg Houten – A12

Uit het ontwerp blijkt, dat het meedenken van met name inwoners van de Gemeente Bunnik heeft geleid tot een beter ontwerp. Tal van compenserende en mitigerende maatregelen zijn noodzakelijk  om de schadelijke gevolgen nog enigszins dragelijk te houden. De aanleg van de weg in de fossiele Rijnbedding is immers een fundamentele aantasting van het karakter van het landschap. Het is een rijk en afwisselend landschap door verschillen in hoogte van meer dan anderhalve meter en dus verschillen in vochtigheid, door verschillen in grondsoort en door dit alles verschillen in bodemgebruik. We zien er boomgaarden, akkers weilanden en griendbossen. Er werken jonge boeren op gezonde bedrijven. Voor mij blijft gelden, dat een dergelijke weg hier niet thuis hoort, ook al presenteert de provincie de aanleg van de weg als een voldongen feit.

De keuze voor een tunnel in de Achterdijk onder de geplande weg door verbaast iedereen. Ik zie twee verklaringen. De provincie wil de weg zo lang mogelijk kunnen gebruiken als evacuatieweg en een verlaagde weg komt al snel onder water. In het ontwerp is een onderhoudspad voorzien. Een noodweg naar de Achterdijk vanaf het punt, waar de weg omlaag gaat en voorbij de Achterdijk tot het punt waar de weg weer op hoogte is, tevens bruikbaar als onderhoudspad, is de oplossing voor dit probleem.
Ik zie de weg liever in een betonnen bak onder de Achterdijk doorgaan. Maar dan is de weg moeilijker vierbaans te maken. Voorziet men wellicht, dat dit nodig zal zijn? Maak de bak dan nu al vierbaans. Het is duidelijk, dat een hier dieper gelegen drukke autoweg het landschap minder verstoort en de oude bedding zichtbaar houdt. Bovendien hoef je in de laaggelegen bedding minder te dalen dan op de hoger gelegen Achterdijk. Er rijden nogal wat fietsers over de Achterdijk. Een brug over de nieuwe weg is sociaal veiliger dan een tunnel. Vroeger was hier een brede waterstroom. Nu komt er een stroom auto’s. Ik weet wel wat ik liever zie.

7. Slot

In het voorgaande is gebleken, dat er nog veel onduidelijkheden zijn. Ik hoop, da onze statenleden niet eerder zullen besluiten voordat hen over allerlei zaken duidelijkheid is verschaft. Daarbij wens ik hen veel wijsheid toe.

Odijk, 25 september 2011

Woord- en Communievieringen (RK)

donderdag, mei 26th, 2011

 

Dit artikel is eerder gepubliceerd in de Editie Odijk van het aprilnummer van Open Venster, parochieblad van de Johannes XXIII parochie in de Kromme Rijnstreek.

 

“Waar twee in Mijn naam tezamen zijn ben Ik in hun midden”

Soms doet een viering je echt wat. Afgelopen zondag bekende ik na afloop, dat mijn ogen af en toe vochtig werden. Ik moest later vaak terug denken aan een moment tijdens de overweging toen het muisstil werd in de kerk. Pastor Lilian vertelde over wat er met haar gebeurde toen ze haar neefje als pas geboren baby midden op een groot bed zag liggen. Helemaal niet de wolk van een kind, zoals we elkaar toewensen. En toch raakte ze diep ontroerd, dat dit mogelijk was. Dat zo’n kind zo maar geboren wordt en leeft en met alles er op en er aan. Dat was Gods werk. Gods aanwezigheid in ons midden werd voor haar opeens zichtbaar. Een Godservaring. Je wordt er warm van en heel gelukkig, zoals de drie apostelen, die bij Jezus op de berg waren, toen Hij voor hun ogen van gedaante veranderde, het evangelie van die zondag. Ze wilden er wel altijd blijven. Zo’n kostbaar moment tijdens een woord- en communieviering toont weer eens aan, dat alleen al door zo’n persoonlijke ervaring God in ons midden komt. Een woord- en communieviering is niet aan vaste formuliergebeden gebonden en door de keuze van lezingen of gebeden kan ik evenzeer in mijn hart geraakt worden. Dat kan ook door de bijzondere harmonie en de merkbare zorg, die je in zo’n woord- en communieviering vaak aantreft. Het is geen routine, maar elke keer weer nieuw. Dat zorgt ervoor, dat je meer geboeid blijft en er met je aandacht bij blijft.

Het zal in de nabije toekomst vaker voorkomen, dat er geen priester beschikbaar is om in de Eucharistie voor te gaan. Veel mensen hebben de indruk, dat de bisdomleiding dan een sterke voorkeur heeft om de mensen naar die ene kerk in Houten te laten reizen om daar de Eucharistie mee te vieren. Ik wil de waarde daarvan niet ontkennen. Het samen parochie zijn wordt er door versterkt, maar een echte binding is er niet zo maar. Dat vraagt vele jaren. Samen met Bunnik en Werkhoven vormen we al sinds 1964 één gemeente en toch zijn de sociale contacten met mensen uit Bunnik en Werkhoven minder dan in ons eigen dorp. Daarbij vormen familiecontacten een uitzondering. Het is om veel redenen belangrijk het gemeenschapsgevoel in de nog betrekkelijk kleine dorpsgemeenschap Odijk zo sterk mogelijk te houden. We hebben elkaar nodig. Juist om dat gemeenschapsgevoel sterk te houden, er te zijn voor elkaar is het belangrijk, dat er dan toch elk weekend een viering in elke geloofsgemeenschap is. Veel mensen voelen dat ook zo.

De bijzondere eigen waarde van een woord- en communieviering zit ook in het feit, dat het geen gewijde mannen zijn, die er in voorgaan. De viering wordt vaak door een groep voorbereid. Dat merk je, want iedereen komt weer met eigen gedachten en vragen bij de lezingen en in de overweging of de keuze van gebeden of liederen komt dat terug. Het geheel wordt er rijker door. Overigens kan ook een priester zich zo samen met anderen voorbereiden op een viering, maar dat vraagt tijd. En tijd is voor priesters steeds meer een schaars goed.

Het zijn ook vaak vrouwen, die in een woord- en communieviering voorgaan. Of het zijn gehuwde mannen of vrouwen. Een gehuwde man of vrouw kijkt toch anders tegen het leven aan en heeft andere ervaringen en andere emoties dan een celibatair levende priester. Dat merk je aan hun aanpak en aan hun overweging. Ze staan dichter bij het dagelijks leven van de kerkgangers. Anderzijds is het goed, dat een celibatair met wat meer afstand tot het gezinsleven voorgaat, want door die afstand krijg je een andere kijk. Mooi dus die afwisseling.

Vaker dan vroeger zullen eigen parochianen voorgaan. Zo laten ze ook hun eigen verantwoordelijkheid voor onze plaatselijke geloofsgemeenschap zien. Juist als je mensen zo’n taak toevertrouwt, bevestig je hun verantwoordelijkheidsgevoel. Soms zie je, hoe een “moderne” pastoor hen wegstuurt, want die leken hebben er geen verstand van en ze houden zich niet aan de regels en ze zingen liederen van Oosterhuis. We kunnen ons nauwelijks voorstellen, hoe zulke mensen geestelijk verwond worden.

Pastorale werkers mogen niet voorgaan in een eucharistieviering. U moet niet denken, dat iedereen dat weet!  Veel pastoraal werkers voelen zich klem zitten. Ze weten heel goed, wat de parochianen van hen verwachten. Soms is dat in strijd met de voorschriften. In hun werk raken ze verkrampt doordat ze steeds bang zijn ongewild een regeltje te overtreden en vrezen dan ontslagen te worden. Ze hebben ook vaak het gevoel niet echt geaccepteerd te worden door de leiding van het bisdom. Ze worden gedoogd. Dat lijkt mij reden om hen waar dan ook moreel te steunen, hun het gevoel te geven, dat ze goed werk doen en dat je hen dankbaar bent. En ze evengoed tips te geven voor een nog betere aanpak. De mooiste steun geef je een pastoraal werker door de viering bij te wonen, waarin ze voorgaan. Hoe meer mensen hoe meer hun leven zin krijgt.

Zo maar zeven redenen om zondags juist wel die woord- en communieviering bij te wonen. Die heeft een geheel eigen waarde. 

Andalusië en Marokko

zondag, mei 22nd, 2011

UITRUSTEN VAN EEN VAKANTIE

Het was een schitterende vakantie, maar ontzettend zwaar door de hitte tot zo’n 40°C afgewisseld met regenperiodes, te weinig rust tijdens een excursie of rondwandeling, verkoudheid door de airconditioning en diarree door te weinig hygiëne. We ontdekten, dat mijn vrouw en ik de oudsten waren, maar daar lag het niet aan, want ook de anderen hadden last van de zwaarte van het programma. De reisleidster was overigens vakvrouw genoeg om al snel in te grijpen en het wat rustiger aan te doen. Dus hebben we volop kunnen genieten van stedenschoon, cultuur en kunst en afwisselende landschappen. Spanje en Marokko zijn voortdurend in het nieuws, maar onderweg hebben we weinig van politieke onrust kunnen merken en eigenlijk evenmin veel van de economische problemen. Ondanks dat was het een leerzame vakantie en ook heel prettig door de uitstekende reisleidster Joke of Johanna in Spanje en Marokko. Het was ook een heel gezellige reis met leuke mensen met veel humor.

We vlogen van Schiphol naar Malaga, dat evenveel passagiers verwerkt als Schiphol. In Mijas konden we een middagje acclimatiseren en de volgende dag ging het richting Granada met onderweg een kleine wandeling door Alhama de Granada. In Granada stonden het Alhambra met (moderne) tuinen, de kathedraal en de kerk met graven van Spaanse koningen op het programma. Van Granada ging de bus naar Cordoba, maar onderweg wandelden we door een kleinere stad Priego de Cordoba, heel fotogeniek met witte huizen met veel geraniums aan smalle straatjes. Langs een binnenweg keerden we terug op de doorgaande route en dan zie je nog veel beter hoe prachtig dit heuvelland met duizenden olijfbomen wel is. In Cordoba heeft vooral het bezoek aan de voormalige moskee de Mezquita met daarin een kathedraal veel indruk op ons gemaakt. De tocht naar Sevilla werd onderbroken in Carmona, waar de kerk vanwege de maandag(?) gesloten bleek, maar waar de koffie goed smaakte. De kathedraal van Sevilla met o.a. het graf van Columbus en een schitterend geheel verguld altaar was een hoogtepunt en het Alcazar paleis met tal van binnentuinen en schitterende wandmozaïeken was evenzeer indrukwekkend, maar we maakten ook een boottocht op de Guadalquivir en wandelden door de smalle straatjes van de vroegere joodse wijk. Op een avond bezochten we een flamenco-show. Ik merk, dat ik moeite heb mij alles weer te herinneren, want je raakt overstelpt met indrukken.

Hoe was Spanje nu, nadat we er in 1994 voor het laatst waren geweest, maar toen niet in Andalusië? Het lijkt mij, dat Spanje zich nog steeds volop ontwikkelt. Er zijn inmiddels uitstekende autosnelwegen en ook de overige wegen worden goed onderhouden. Je krijgt niet de indruk, dat je in een economisch achtergebleven land bent. In dit deel van Spanje valt de nadruk wel heel sterk op toerisme. De afhankelijkheid van toerisme maakt het land kwetsbaar. Politieke onrust schrikt toeristen af, maar ook de hoge benzineprijzen. Dan maar wat dichter bij huis op vakantie. Toch kun je landen als Spanje, Portugal, Griekenland en Ierland uitstekend helpen door er massaal op vakantie te gaan. En als je van kunst en cultuur houdt, van stedenschoon en mooie landschappen, dan is Andalusië een uitstekkende keus, maar ook een luie strandvakantie of een bergwandelvakantie of een pelgrimage zijn mogelijkheden in Spanje.

Op 11 mei voeren we van Tarifa met een snelle veerboot naar Tanger. Daar konden we onze horloges een uur terugzetten. Dat zorgde ervoor, dat de vijfenzeventigste verjaardag van mijn vrouw 25 uur duurde. Een volgende keer meer.

Jaargang 4, Nr. 162.