Archive for maart, 2008

Fitnathemovie

vrijdag, maart 28th, 2008

Gemiste kans

Als Geert Wilders inderdaad en pas nu dialoog wil met Moslims, dan had hij niet juist allerlei vreselijke passages als oproepen tot terreur en tot het doden van Joden in zijn film moeten opnemen. Hij had juist moeten laten zien hoe belangrijk de Islam het gebod van de naastenliefde vindt en de plicht gastvrij te zijn voor vreemdelingen en de oproepen tot vreedzaam samenleven met de mensen van het boek, te weten de Joden en de Christenen, die ook geloven in één God en waarbij de Bijbel de basis vormt voor hun geloof. Dan had hij kunnen laten zien hoe strijdig met de Koran, de openbaring van Allah immers, al die oproepen tot terrrorisme, oorlog en geweld zijn. En dan had hij een veel betere basis gehad om tot dialoog te komen met al die eenvoudige en goedwillende moslims hier in Nederland.

Het ergste beeld vond ik niet al die gewelddadige scènes maar de ondervraging van dat kleine meisje, dat geleerd had, dat Joden varkens en apen zijn. Ik moest weer terugdenken aan mijn eigen jeugd. Ik zat op de kleuterschool bij de nonnen, Zusters van Liefde. Was het zuster Gaudentia of zuster Philomena die mij in de Vastentijd vertelde over het Lijden van Jezus van Nazareth en hoe de Joden Hem dood hadden gewild en hoe Hij uiteindelijk gestorven was aan het kruis? Dat was de schuld van de Joden, de Godsmoordenaars en die brave zusters vertelden gewoon wat de Rooms-katholieke Kerk ons eeuwenlang als te geloven had voorgehouden. Zo was de Kerk medeschuldig aan de talrijke pogroms en de vaak voorkomende Jodenhaat. Maar kleine Johnnie wist dat de buren Joods waren en werd dus vreselijk boos op de buren en begon de buurvrouw uit te schelden toen hij haar op straat tegenkwam. Werkend in het onderwijs ging ik begrijpen hoe belangrijk het was kinderen weerbaar te maken tegen discriminatie, ze duidelijk te maken hoe indoctrinatie werkt. Ik werd mij bewust van de enorme verantwoordelijkheid die je als opvoeder hebt.

Die verantwoordelijkheid geldt niet alleen ouders en opvoeders, hij geldt ook voor politici en andere ‘opinionleaders’ . Het is verbazingwekkend, dat het nog steeds mogelijk is om mensen zo te beïnvloeden, dat ze andere mensen gaan haten en nog erger anderen gaan vermoorden, zoals recent in vele landen nog is voorgekomen. Mensen leren de lessen van het verleden niet of ze worden vergeten of niet langer doorgegeven. Hoeveel eeuwen heeft het niet geduurd voordat we in Europa gingen begrijpen, dat vechten niets oplost, voordat we ons bewust werden van de vreselijke gevolgen van oorlog. Hoe lang moet het nog duren voordat mensen in Afrika en Azië en Amerika dat ook gaan begrijpen?

Er is wel wat veranderd sinds Mohammed zijn volgelingen leerde, dat je bij een aanval moest verzetten. Maar toen vocht men nog met kromzwaarden in plaats van met gifgas en clusterbommen en kernwapens. Mohammed zou nu niet meer zo gemakkelijk oproepen tot oorlog. Als al zijn volgelingen dat eens gingen begrijpen.

Een ander Joods geluid

vrijdag, maart 21st, 2008

De advertentie van Harry de Winter

Op maandag, 17 maart plaatste Harry de Winter een advertentie op de voorpagina van de Volkskrant met de volgende tekst:

Als Wilders hetzelfde over Joden (en het Oude Testament) gezegd zou hebben als wat hij nu over Moslims (en de Koran) uitkraamt, dan was hij allang afgeserveerd en veroordeeld wegens antisemitisme.

mede namens Stichting de Initiatieven en Een Ander Joods Geluid

Harry de Winter

Daar kreeg hij veel reacties op en niet allemaal even prettig. Maar er was ook veel bijval. Ik denk terecht en ik wil u dat graag uitleggen. Elke opmerking waarbij Wilders en zijn anti-Islamhetze gekoppeld wordt aan de joden, betekent automatisch een koppeling aan het lot van de Joden in de Tweede Wereldoorlog, dus een koppeling aan de Holocaust. Daardoor wordt ten onrechte elke discussie onmiddellijk onmogelijk. Wilders roept immers niet op alle Moslims te vergassen of iets dergelijks.

Maar wat doet Wilders dan wel? En vooral, welke geluiden hoor je onder zijn aanhangers? Wilders zelf wil, dat Europa op slot gaat voor Moslims. Hij noemt deze religie primitief en vindt de Koran een vreselijk boek dat verboden zou moeten worden. Onder zijn aanhangers hoor je nog wel ergere ideeën. Daarbij valt op, dat er niet alleen sprake is van terechte kritiek op sommige allochtonen, die fors in de fout gaan ofwel ernstig crimineel gedrag vertonen, neen er wordt flink gegeneraliseerd. De gehele bevolkingsgroep, ja zelfs alle allochtonen, moslim of niet, worden over een kam geschoren. Zij zijn de schuld van de criminaliteit, van de woningnood, van de werkloosheid en van de gevoelens van onveiligheid bij de mensen.

Waar hebben we dat vaker meegemaakt? Juist, in de dertiger jaren in Duitsland toen joden verantwoordelijk werden gesteld voor alle narigheid, het verlies van de Eerste Wereldoorlog en de economische crisis. Hitler had ook nog allerlei waanideeën over rassen. Hij meende, dat de joden een apart en inferieur ras vormden.

Het enige, dat de Joden in Europa bond was hun religie. Ze vormden geen volk, want ze waren geïntegreerd in de Europese samenlevingen. Oorspronkelijk waren ze wellicht een volk in verstrooiing. Ze waren ook zeker geen apart ras, maar behoorden tot een ras, waartoe ook de Arabieren behoren. Wij weten dat en als wij nu zien, dat de afkeer zich richt tot mensen van één religie, dan denken we automatisch aan die afkeer van de Joodse religie. En als we horen, dat de Koran verboden moet worden dan denken we aan de boekverbrandingen door de Nazis. En vooral zijn we bang, dat wat Wilders en consorten doen alleen nog maar een begin is. Ik vrees, dat Wilders zelf niet beseft welke boze geesten hij oproept. En iedereen, die de lessen van de historie kent, moet daartegen waarschuwen.

Maar waarom mogen we de huidige situatie eigenlijk niet vergelijken met de situatie van de Joden tijdens het opkomend Nazisme?  Niets is zo erg als de Holocaust, de systematische vernietiging van zes miljoen Joden door de Nazis. Maar er stierven ook zes miljoen Polen en zo’n dertig miljoen inwoners van de Sovjet Unie. Het doden van communistische leiders  daar door de Duitsers geschiedde op dezelfde wijze als van de Joden voordat de Enslösung in de concentratiekampen begon. Als we de verhalen lezen over Ruanda en Soedan en over het PolPot-regime in Cambodjadan is wat daar gebeurd is evenzeer van een grenzeloze wreedheid.

We vergeten één ding. De Holocaust vormt de legalisering van het streven naar een eigen Joods Tehuis, de legalisering van de Staat Israël. Dat maakt de reacties extra fel. De staat Israël is er terecht en ik hoop, dat het spoedig tot een vreedzame twee-staten-oplossing komt. Wat Joden in de loop van de geschiedenis is aangedaan is vreselijk en de christenen en vooral de Katholieke Kerk hebben daaraan bijgedragen. Laten we ons niet opnieuw laten meeslepen door haat tegenover een andere religie. Deze wereld kan geen Derde Wereldoorlog verdragen.

Harry de Winter heeft ons terecht gewaarschuwd.

Minister blijf buiten de echtelijke slaapkamer!

vrijdag, maart 14th, 2008

Individuele beslissingen en maatschappelijke gevolgen

De minister van Gezinszaken sprak onlangs over het zijns inziens te lage aantal geboorten in Nederland. Hij werd met hoon overladen. Wilde hij de echtelijke slaapkamer binnendringen en de koppels voorschrijven, dat ze nu toch echt voor kinderen moesten zorgen. En sommigen vergeleken de minister met mijnheer pastoor, die vroeger tijdens huisbezoeken vroeg of het nog geen tijd werd voor het volgende kindje. De Club van Tien Miljoen was uiteraard in alle staten, want hoe zou hun prachtige plan om het inwonertal van Nederland terug te brengen tot 10 miljoen kunnen slagen. Over de vraag of de minister gelijk had het onderwerp aan de orde te stellen werd nauwelijks gesproken. Toch had en heeft hij daartoe alle reden.

Bevolkingsgroei is het resultaat van duizenden individuele beslissingen van afzonderlijke echtparen. Sex en voortplanting zijn tegenwoordig gescheiden nu iedereen beschikt over meerdere vormen van anticonceptie. Willen mensen  proberen kinderen te krijgen, dan is dat vrijwel altijd een bewuste keuze. Die keuze wordt door meerdere factoren beïnvloed.

De financiële positie speelt een primaire rol. Als het huis eindelijk naar tevredenheid is ingericht en de financiële lasten niet meer zo drukkend zijn, kan er over kinderen krijgen worden nagedacht. Maar wil je wel een kind neerzetten in deze wereld, die zo vervuild is, ook door het grote aantal mensen? Wil je een kind in een wereld, die geplaagd wordt door oorlogen, terrorisme en criminaliteit? Hoe optimistisch of pessimistisch zijn mensen over de toekomst? Velen denken over dit soort dingen nauwelijks na. Ze leven hun leventje van werken, gezelligheid en feest vieren en vakantie en slapen en weer werken. Maar juist dit lekkere leventje kan behoorlijk verstoord worden door zo’n schreeuwlelijk in de wieg. Waar kiezen we voor, voor een lekker vrij leventje of voor een bestaan met kinderen en alle plezier en alle zorgen daarvan? En dan is er nog beider carrière. Weliswaar zijn de mogelijkheden voor kinderopvang sterk verbeterd, maar vooral vrouwen ondervinden toch problemen bij het voortzetten van hun loopbaan als er eenmaal kinderen zijn. Maar juist het lage aantal kinderen uit het recente verleden maakt het nodig, dat vrouwen meer werken.

En zo komen we bij de maatschappelijke consequenties van al die individuele beslissingen. Dit onderwerp is pas goed te begrijpen als je terugkijkt tot de dertiger jaren van de vorige eeuw. De wereld kende toen een zware economische crisis en de werkloosheid was enorm. Dat leidde toen al tot een betrekkelijk laag geboortencijfer. De Tweede Wereldoorlog gaf weinig verandering. Wel was het sterftecijfer hoger, vooral in 1944 en 1945 door oorlogshandelingen en honger. Maar de bevrijding zorgde in 1946 voor een enorme geboortenpiek en het duurde daarna tot 1964 voor het geboortencijfer terug was op het vooroorlogse niveau. Die babyboomers van 1946 waren rond 1970 zelf aan de beurt om ouder te worden en je zou een echo-effect mogen verwachten. Het tegendeel gebeurde. Tussen 1970 en 1975 daalde het geboortencijfer dramatisch en het bleef vervolgens lange tijd laag. Per vrouw werden nog maar 1,5 tot 1,7 kinderen geboren. Als je dan twintig jaar verder bent, betreden die kinderen de arbeidsmarkt en ze zijn met weinigen. Dreigende tekorten worden opgevangen door een ver doorgevoede automatisering, door meer vrouwen in het arbeidsproces op te nemen en inderdaad door immigratie. Juist in de slecht betaalde sectoren trden dan tekorten op en daarvoor komen Polen, Roemenen en Bulgaren naar Nederland, want voor immigranten van buiten de EU worden de grenzen juist gesloten.

Dat is nu de fout, die de Club van Tiek Miljoen maakt. Nederland is welvarend. Er is volop werkgelegenheid. Zijn er te weinig arbeidskrachten dan halen we die uit het buitenland of ze komen vanzelf. Toch is dit geen blijvende oplossing, want een laag geboortencijfer zie je in bijna heel Europa en zelfs in de Derde Wereld beginnen de geboortencijfers flink te dalen.

Migratie is eigenlijk nooit een echte oplossing voor te veel of te weinig mensen in een gebied. Als de te sterke of te geringe groei doorgaat, dan blijven de problemen. Bovendien zorgt immigratie vrijwel altijd voor zekere aanpassingsproblemen. Dat zag je zelfs in de negentiende eeuw, toen tijdens de Industriële Revolutie duizenden van het platteland naar de steden trokken.

Daar komt bij dat juist de zachte sector met minder goed betaalde banen het meest te lijden heeft onder een tekort aan arbeidskrachten. Of anders gezegd: Wie moeten straks in de verpleeghuizen de oudjes verzorgen, die toen ze jong waren gemiddeld weinig kinderen hebben gekregen? En ook: Wie zijn straks de mantelzorgers voor de ouderen, die hulpbehoevend zijn geworden? Het wordt duidelijk. De huidige generatie van potientiële ouders doet er verstandig aan uit louter eigenbelang te investeren in kinderen. Dat was dus redelijk goed gezien van onze brave minister!

De vruchtbaarheid ligt nu op 1,7 kind per vrouw. Dat zou 2,1 kind per vrouw moeten worden, wil het bevolkingsaantal zich stabiliseren. Dat betekent, dat er rustig mensen vrijwillige kinderloos kunnen blijven mits er ook gezinnen komen met drie of meer kinderen. Dat geeft vaak meer gezelligheid thuis en een beter opvoedingsklimaat. Er is wel een risico, namelijk als het juist de hoger begaafde mannen en vrouwen zijn, die kinderloos blijven, zou dat een negatieve invloed kunnen hebben op de gemiddelde begaafdheid. Daarvoor zijn er nog geen aanwijzingen.

Tot slot! Denken voorstanders van een krimpende bevolking wel eens na over de economische gevolgen? We lieten al de arbeidsmarktgevolgen zien. Wat betekent het voor de huizenprijzen? Kijk eens naar delen van Nederland, waar de bevolking nu al krimpt. Wat betekent het voor bedrijven, die hun omzet zien dalen? Hoe speel je daarop in? Wat betekent het voor het verenigingsleven als er nauwelijks nog jeugdleden zijn te vinden? Bevolkingsontwikkelingen bieden veel stof tot nadenken!

En al wandelend rond Odijk zag ik in een weiland een nieuw opgericht ooievaarsnest en dacht: “Als er nu meer ooievaars komen, gaat dan het geboortencijfer ook omhoog?” Want toen jaren terug het aantal ooievaars flink verminderde daalden de geboortencijfers!

John Jorna

14 maart 2008

Europese bisschoppen over de Europese Samenwerking

donderdag, maart 13th, 2008

 

Onderstaand stuk publiceerde ik in Parochiekontakt van september 2007. Het was het toenmalige parochieblad van de H.Nicolaasparochie in Odijk.

 

Een Europa met waarden

Door John Jorna

 

Van 23 tot 25 maart 2007 waren in Rome een groot aantal kardinalen, bisschoppen, leden van religieuze orden en congregaties, politici, afgevaardigden van katholieke organisaties, van de jeugd en van andere kerken bijeen om zich te bezinnen rond het vijftigjarig bestaan van de Europese Unie. Immers op 25 maart 1957 werd het Verdrag van Rome ondertekend tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (EEG) en de Euratom, die samen met de EGKS de Europese Gemeenschap zouden worden en later de Europese Unie (EU). Het congres werd ontvangen door Paus Benedictus XVI en richtte zich met een “Boodschap van Rome” tot de regeringsleiders, die op 25 maart in een formele zitting van de Europese Raad bijeen zouden komen.

 

Het congres werd georganiseerd door de Commissie van de Bisschoppenconferenties van de Europese Unie (COMECE). Al eerder heeft Comece gewezen op het grote belang van de Europese Eenwording en Parochiekontakt heeft daar aandacht aan besteed. Bisschop Ad van Luyn van Rotterdam is voorzitter van Comece en hij opende het congres. Hij meende, dat wij als Christenen ons moeten bezinnen op de vraag hoe het nu verder moet met Europa. Hij ziet in het opdringende nationalisme een groot gevaar voor een Europese solidariteit. We moeten terug naar de idealen van de oprichters van de Europese Gemeenschappen; het streven naar vrede, naar onderlinge solidariteit en naar een groei in onderlinge verbondenheid en eerbied voor de menselijke waardigheid.

Tijdens de audiëntie benadrukte de paus, dat het niet alleen gaat om economisch ontwikkeling, maar ook om een rechtvaardige verdeling van de welvaart. Daarom moeten wij de Europese waarden, mede ontstaan vanuit het Christendom ook niet loslaten. Ze moeten ons handelen bepalen als we werken aan de opbouw van één Europa.

 

Boodschap van Rome

Het congres richtte zich tot de regeringsleiders, die in Rome bijeen waren ter herdenking van de ondertekening van het Verdrag van Rome. De oprichters van de EU hadden het vermogen de juiste lessen te trekken uit de fouten van buitensporig nationalisme en extreme totalitaire ideologieën die uitmondden in oorlog en de verwoesting en ontneming van vrijheid. In deze vijftig jaar nadien hebben wij een nieuwe ‘kathedraal’ gebouwd voor alle Europeanen. De lidstaten sloten zich vrijwillig aaneen. We staan nu voor nieuwe problemen: de armoede, de uitbuiting van kinderen en vrouwen, de schending van mensenrechten, de klimaatsverandering, de globalisering en de dreigende afbraak van onze sociale stelsels. Deze vraagstukken vragen een nieuwe dynamiek in de Europese Unie en een sterke inzet van u, de leiders van Europa. Wij christenen volgen met grote intensiteit de besprekingen om te komen tot een oplossing van de institutionele crisis en dit vergt een grote aandacht voor de traditionele Europese waarden. Ze zijn essentieel, zeker nu in onze landen weer nationalistische, racistische, xenofobe (xenofobie=vrees voor vreemdelingen) en egoïstische tendensen de kop opsteken. Wij wijzen op het belang van eerbied voor het leven, het gezin en het huwelijk als bouwstenen voor een rechtvaardige samenleving. Daaraan willen wij zelf bijdragen en wij vertrouwen er op, dat u zich daartoe tot het uiterste zult inspannen.

 

Wat is goed en wat kan beter in Europa?

Comece heeft een commissie van 25 deskundigen uit 20 lidstaten een rapport laten opstellen, waarin wordt nagedacht over het verleden, het heden en de toekomst van Europa en de voorwaarden, waaraan deze waardengemeenschap zou moeten voldoen. Ons land werd vertegenwoordigd door Maria Martens, CDA-Europarlementariër en Onno Ruding, voormalig minister van Financiën en internationaal bankier.

Het stuk vertelt in het kort en op heldere wijze, waarover het in Europa zou moeten gaan. Waarom is de eenwording van Europa zo belangrijk? Wat willen we met Europa bereiken? Wat kan Europa betekenen voor ons, de burgers van Europa? Elke politicus, elke werkgever of vakbondsbestuurder, elke student, elke pastor zou dit stuk moeten lezen, zodat we weer terug kunnen keren naar de kern van de Europese eenwording en het hoopvolle van deze ontwikkeling weer gaan zien.

 

In mei 1950 bij de start van het eenwordingsproces werden de Europese idealen uiteengezet door Robert Schuman, de Franse minister van Buitenlandse Zaken. Het ging om een harmonieuze en evenwichtige ontwikkeling van de economische activiteiten, om werkgelegenheid en sociale bescherming, om vrede en veiligheid,  Terwijl we nu vijftig jaar in vrede en met een toenemende welvaart leven brachten referenda in Frankrijk en Nederland een NEE over het Grondwettelijk Verdrag. De politieke elite zou te weinig oog gehad hebben voor de zorg van het publiek over globalisering, over de toekomst van de sociale zekerheid en over de vermenging van culturen. Vijftig jaar lang ging Europa maar door en het werd steeds ingewikkelder. Het zou duur zijn, veel onnodige regels opleveren, waar je geen invloed op had en de echte problemen werden niet opgelost. Sommige leiders in Europa wakkerden het vuurtje aan door Europa de schuld te geven van alles waar de mensen boos over waren. Zij leidden zo de aandacht af van hun eigen falen. Zij immers waren verantwoordelijk voor tal van maatregelen van de EU of juist het ontbreken daarvan. Dit rapport wil nu aangeven welke waarden leidraad moeten zijn om tot een uitweg uit de crisis te komen.

 

De waarden van Europa

Schuman en Adenauer wilden een eind maken aan de eeuwenlange vijandschap tussen Frankrijk en Duitsland door een netwerk van onderlinge relaties te creëren. Wij beleven nu de langste periode van vrede in de moderne tijd in West-Europa. “De hereniging van het overgrote deel van Europa in vrede en vrijheid, voor het eerst sinds de Middeleeuwen, is een historische prestatie van formaat. Jammer genoeg is dit, de fundamentele rechtvaardiging voor het uitbreidingsproces, onvoldoende uitgelegd en daarom nauwelijks begrepen door het publiek in de oudere lidstaten.” De dreiging van het terrorisme is een nieuwe reden om samen door te gaan op de weg van vrede. Dat vraagt ook een strikte naleving van de Europese Conventie van de Mensenrechten. Daarbij noemt het rapport met name het recht op leven, vrijheid van godsdienst en vrijheid van meningsuiting, het recht van mannen en vrouwen om een huwelijk te sluiten en een gezin te stichten.

De economische vrijheid komt tot uiting in het vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal. Het concurrentiebeleid van de EU is er op gericht te voorkomen, dat sterke ondernemingen de gemeenschappelijke markt domineren ten koste van de zwakkere. Door het regionale beleid tracht de EU een eerlijke verdeling van de welvaart over alle delen van de Unie te bereiken. Door een gemeenschappelijke munt wordt het mogelijk geldontwaarding zo veel mogelijk tegen te gaan.

Het achterliggende ideaal is de mensen bij elkaar te brengen en te zoeken naar een gemeenschappelijk belang. De taak dit algemeen belang te omschrijven lag vooral bij de Europese Commissie, die als enige tot taak heeft wetgeving op zich te nemen. Daarbij stemmen de Raad van Ministers en het Europees Parlement zo veel mogelijk bij meerderheid. Helaas zegt het rapport is deze gemeenschapsmethode de laatste tijd verlaten en is men de intergouvernementele weg gaan bewandelen, waarbij het accent niet ligt op het algemeen belang, maar op al die verschillende nationale belangen. Dat werkt verlammend en werkt nationalisme in de hand en we weten uit de geschiedenis hoe heilloos dat kan uitwerken.

Europa heeft zich tot een belangrijke economische macht in de wereld ontwikkeld. Dat schept een grote verantwoordelijkheid. Hoe gebruik je je macht en zijn we in Europa voldoende besluitvaardig? Dat kan alleen als Europa eendrachtig is, Tegelijk is Europa een voorbeeld voor de wereld. “Het Europese project is een voorbeeld van wat bereikt kan worden door verzoening, stabiliteit en welvaart.” Als men elders in de wereld ziet hoe aantrekkelijk deze situatie is, kan men  ons voorbeeld volgen. Ook zo kan de EU invloed uitoefenen.

 

Hoe verder?

Er zijn nog grote verschillen tussen de lidstaten. Daarmee moet je rekening houden. Wat nationaal kan, moet ook nationaal geregeld worden. Dit principe duidt men aan met de term ‘subsidiariteit’. Het moet ook mogelijk zijn, dat sommige lidstaten voorop lopen en andere pas later volgen. Nog niet elke lidstaat doet mee met ‘Schengen’, waarbij de grenscontrole is afgeschaft en niet iedereen doet mee met de Euro, de gemeenschappelijke munt.

Iets als de Europese Unie bestond nog nergens in de wereld. Nationale staten blijven zelfstandig en dragen toch een deel van hun soevereiniteit, hun zeggenschap over hun grondgebied en over de inwoners over aan een gezag, dat boven de staten staat, een supranationaal gezag. Daaraan moeten de lidstaten gehoorzamen. Recent was er een conflict over de aanleg van een weg door een natuurgebied in Polen. De Poolse regering zag zich gedwongen de aanleg te stoppen, toen deze strijdig bleek met Europese regels over natuurbehoud. De aanleg van de weg is vooral een plaatselijk belang, maar natuurbehoud is een Europees belang omdat hier soorten voorkomen, die elders niet (meer) te vinden zijn. Over deze zaken wordt in de EU op voorstel van de Europese Commissie besloten door de Raad van Ministers en het Europees Parlement. Er wordt rekening gehouden met het belang van Europa als één geheel en met de belangen van de afzonderlijke staten. Deze manier van werken wordt aangeduid met de term multilateralisme. Onze manier van samenwerken is intussen een voorbeeld voor andere werelddelen. Het rapport constateert:

“De kern van het multilateralisme ligt in de effectieve werking van gemeenschappelijk instellingen die het primaat van de wet garanderen, overheersing voorkomen, en door compromissen, streven naar het belang van allen met inachtneming van de gerechtvaardigde belangen van ieder persoonlijk. Tolerantie, respect voor onze buurlanden, of die nu groot en machtig zijn of niet, streven naar oplossingen, die het ons mogelijk maken samen voorwaarts te gaan; dat alles vormt de sleutel van het Europese multilaterale project.”

Voorwaarde daarvoor is een sterke solidariteit tussen de lidstaten en tussen de burgers onderling. Vandaar, dat men kiest voor een sociale markteconomie. Door sociale wetgeving worden de scherpe kantjes van de markteconomie bijgeschaafd. De tegenstellingen in bezit en inkomen, kennis en macht mogen niet te groot worden. Die solidariteit komt ook tot uiting in het landbouwbeleid, dat boeren een redelijk inkomen tracht te verschaffen en in het regionaal beleid, dat onaanvaardbare welvaartsverschillen tussen regio’s wil verminderen. Zo is er de solidariteit met vrouwen, die ondanks Europese regels, die dat verbieden, voor hetzelfde werk vaak een lager loon krijgen. En tenslotte is er de solidariteit met de rest van de wereld en vooral de Derde Wereld, die tot uiting komt in ontwikkelingssamenwerking en ook in Europese vredesmissies om een eind te maken aan conflicten, waaronder de lokale bevolking elders in de wereld te lijden heeft.

 

Conclusie

Vrede en welvaart zijn de ontegenzeggelijke successen van het Europese project. Tegelijk wordt onze wereld geconfronteerd met enorme problemen, zo groot en veelomvattend, dat geen enkel land in staat is zulke problemen met succes aan te pakken. Het is ons aller verantwoordelijkheid voor deze wereld te zorgen. Daarvan moet elke burger zich bewust zijn. We kunnen ons niet meer terug trekken achter de dijken en ons veilig wanen voor wereldwijde klimaatveranderingen, intercontinentale migratiestromen of het mondiale terrorisme. Alle lidstaten van de EU moeten effectief samenwerken en dat vraagt een efficiënte besluitvorming binnen de EU en geen eindeloos gepalaver (=langdurig overleg) van de ministers van de verschillende lidstaten, net zo lang, dat ze het eindelijk met elkaar eens zijn en het al te laat is.

“De Unie moet zich sterker bewust worden van de kracht die uitgaat van de waarden die zij belichaamt: de waardigheid van de mens, de mensenrechten, vrede, vrijheid, democratie, verdraagzaamheid, respect door diversiteit en subsidiariteit en het streven naar het algemeen belang zonder dat de ene groep de andere overvleugelt. De Unie staat voor solidariteit tussen haar eigen leden en tussen haar leden en anderen, met name de minder bedeelden. Zij staat voor verantwoordelijkheid bij het streven naar oplossingen voor de problemen van de wereld.”

Beoordeling

In ruim 12 bladzijden worden door de 25 deskundigen op initiatief van de Europese bisschoppen de puntjes op de i gezet. Overduidelijk is de kritiek op politieke partijen, die hun heil zoeken in ouderwets nationalisme en het eigen belang op de voorgrond plaatsen en ook op politici, die de bijdrage van het christendom aan de Europese beschaving trachten weg te redeneren. Het is ook een zeer katholiek stuk waar het uitgaat van de katholieke sociale leer van verzoening tussen groepen mensen en het streven naar een rechtvaardige inkomensverdeling. Ook waar het de waarde van huwelijk en gezin en de beschermwaardigheid van het leven benadrukt. Maar het kiest zeker niet voor een bepaalde politieke stroming. Wel wordt elke stroming op haar verantwoordelijkheid aangesproken en ook u lezer, ook elke individuele burger. Ik althans voel mij zeer aangesproken. Dus aanbevolen om te lezen als u er meer over wilt weten dan ik in deze samenvatting kon weergeven.

 

Zie: Kerkelijke Documentatie, jaargang 35, nr. 7, 13 juli 2007 . Bestellingen: Secretariaat RKK, Postbus 13049, 3507 LA Utrecht, Tel. 030 – 232 69 09, e-mail: bestel@rkk.nl .

Kerkelijke Documentatie is ook op Internet te vinden. Ga naar www.rkk.nl klik dan op rkkerk, vervolgens kerk.doc. en dan 2007. Mettertijd vindt u daar Kerkelijke documentatie nr. 7.

 

 

Over de Europese integratie

maandag, maart 10th, 2008

Op 29 oktober 1997 publiceerde o.a Jan Marijnissen een stuk op de FORUM-pagina van de Volkskrant met veel kritiek op de Europese Unie. Het onderstaande stuk schreef ik als een reactie. Het werd zoals gewoonlijk niet geplaatst. Er waren enkele hooggeleerden, die voorgingen. Maar de Europawerkgroep van GroenLinks gebruikte het stuk wel.

Europese Eenwording een complex proces.

 

Het proces van Europese Eenwor­ding is zo complex en kent zo veel verklaringen, dat men ge­makkelijk het spoor bijster raakt. Dan komen er merkwaardige uit­spraken als in het artikel van Arjo Klamer en Jan Marijnis­sen van 30 oktober 1997. Zo schrijven ze, dat democratie het bestaan van een volk veronderstelt en er is geen Eu­ropees volk, dus kan er geen democratie in Europa bestaan. Het zou betekenen, dat alle sta­ten met meerdere volkeren geen democratie kennen. Een boude bewe­ring.De eerste geslaagde poging tot Europese éénwording was de Euro­pese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) van 1952. De Franse minister van Buitenlandse Zaken, Robert Schumann meende, dat ko­len, staal, schroot en ijzererts een belangrijke rol spelen in een oorlog. Als kolen- en ijzer­ertsmijnen, hoogovens en staal­fabrieken onder suprana­tionaal gezag ge­plaatst zouden worden, zou daarmee een oorlog kunnen worden voorkomen. Het was een schitterend verkoopar­gu­ment voor het plan Schumann. In Frankrijk wil men hem daarom zelfs heilig laten verklaren. Inderdaad is oorlog tussen de oude erfvijan­den zeer onwaar­schijn­lijk gewor­den. Maar de EGKS was vooral nuttig voor de wederop­bouw en vervolgens al heel snel voor de sane­ring van de Europese kolen­mijnbouw en staalindustrie. Ook economische argumenten speelden een rol.Toen bleek, dat de nationale staten nog lang niet toe waren aan een politieke en een defen­siegemeenschap kozen de zes lid­staten voor verdergaande econo­mische integratie. De Europese Economische Gemeenschap (EEG) en de Euratom kwamen tot stand. Historisch niet zo vreemd, want in Duitsland ging het tot stand komen van de ‘Zollverein’ ook vooraf aan het uitroepen van het Duitse Keizerrijk. Maar het sluit ook goed aan bij de mar­xistische verklaring van het éénwordings­proces. De bedrijven waren al voor de Tweede Wereld­oorlog zo groot geworden, dat de nationale markt te klein voor ze werd. De bedrijven hadden dus de grote Euromarkt nodig om goed te kunnen draaien. De Europe­se in­tegratie als een complot van de multinationals. Het is overdui­delijk, dat de grote Europese onderne­mingen een belangrijke rol gespeeld hebben in de Euro­pese integratie, maar het maakt tegelijk duide­lijk, dat er spra­ke is van een onontkoombaar pro­ces. De technologische en econo­mische schaalvergroting maken politieke regelgeving op Europe­se schaal zeer wenselijk, niet alleen om het de grote onderne­mingen makkelijk te maken, maar ook om te zorgen, dat zij zich aan regels houden. Nu zie je dat zij zich te gemakkelijk aan na­tionale regels onttrekken, door staten tegen elkaar uit te spe­len. Als hier het minimumloon of de belastingdruk te hoog zijn, ver­trekken we wel naar een ander land.Zo komen we tot een vierde ver­klaring van de Europese éénwor­ding. Steeds meer problemen spe­len zich af op een Europese schaal en kunnen daarom het best op Europees niveau worden aange­pakt. Milieuverontreini­ging trekt zich niets aan van gren­zen. Nationale stimulering van de economie door het stimuleren van de vraag lekt weg naar ande­re landen. Daarom zien we in de Europese Unie een krachtig stre­ven naar harmo­nisatie, nodig om de economie goed te laten func­tio­neren en tegelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de arbeidsomstandigheden te voorko­men. Europese regelgeving heeft de positie van de vrouw in het arbeidsproces aanzienlijk verbe­terd. Er gebeurt nog niet ge­noeg. Het ontwerpverkiezingspro­gramma van GroenLinks eist dan ook meer vorderingen op sociaal en milieugebied voordat er ver­der gewerkt wordt aan de munt­unie.  

Ook natiestaten ontstonden niet vanzelf.

 

Sinds wanneer kunnen we eigen­lijk spreken van een Nederlands volk? Een volk veronderstelt een gemeen­schappelijk grondgebied en een gezamenlijk doorleefde his­torie. Vaak is er ook sprake van een gemeenschap­pelijke taal, cultuur en religie. In de tijd van de Republiek bestond het besef van bij elkaar horen slechts bij een beperkte elite. De Bataafse Republiek vormde voor het eerst een eenheidsstaat en ook het Koninkrijk der Neder­landen vanaf 1815, maar het was duidelijk nog geen natiestaat. Dat bleek maar al te duidelijk, toen België zich afsplitste.In de vorige eeuw en de eerste helft van de twintig­ste eeuw werd het nationaal bewustzijn krachtig gestimuleerd. Histori­sche romans en toneelstukken moesten ons bewust maken van onze gezamenlijke histo­rie. De Leerplichtwet zorgde voor volks­onderwijs en voor het eerst werd een gemeenschappelijke taal, het ABN onderwezen en werden de rijksgrenzen ook taal­grenzen. Het onderwijs stond in dienst van de natie­vorming. We leerden ‘Vaderlandsche geschiedenis’ en de methode heette ‘Rood-Wit-Blauw’. We leerden de aard­rijks­kunde van ons grondgebied met nationale symbolen als de Af­sluitdijk, het Noordzeekanaal en de pol­ders. We leerden ‘Vader­landsche Liederen’ en lazen spannende jongensboeken over onze vaderlandse helden. We ont­kwamen nauwelijks aan een natio­nalisme, dat bij andere volkeren in Europa een voedingsbodem vormde voor oorlogszucht.

Als het er in de komende jaren om gaat de Europese identiteit te versterken, moeten we niet dezelfde fout maken. De globali­sering maakt een open houding naar andere volken en culturen en naar de vreemdelin­gen in ons midden zeer wenselijk.

  

De democratie in Europa

 

De Europese Unie verkeert nog steeds in een opbouwfa­se. Rege­ringen van nationale staten on­derhandelen met elkaar over de vormgeving en bereiken moeizame com­promissen. Intussen komt ook Europees beleid en Europese re­gelgeving tot stand, veel meer dan menig­een beseft. Stap voor stap breidt de Unie zich uit en dat proces is nog lang niet vol­tooid. Heel duidelijk is, dat er geen visie is op het eindresul­taat.Het rechtstreeks gekozen Euro­pees Parlement ziet zijn be­voegdheden toenemen, maar ze zijn nog heel beperkt. De be­langrijkste beslissingen worden genomen door de Raad van Minis­ters en de Europese Top. De con­trole van de individuele minis­ters door hun nationale parle­ment functioneert niet of nauwe­lijks en verbete­ring valt niet te verwachten. Aan moeizaam be­reikte compromissen valt door nationale parlementen toch niets te veranderen. Voor velen een reden om maar niet te komen stemmen bij de Europese verkie­zingen.Sommigen zien in meer macht voor het Europees Parle­ment de oplos­sing voor het gebrek aan demo­cratie.Toch zal er altijd een spanning blijven tussen het geheel van de Europese Unie en de delen. Daar­om zou er ook na de voltooiing van de Unie een orgaan moeten zijn, dat opkomt voor de belan­gen van de delen. Als het bij eenparigheid van stemmen gekozen Europees Parlement vooral let op de belangen van het geheel, zou een Europese Senaat, waarin de kleine staten of regio’s even sterk vertegenwoordigd zijn als de volkrijke staten of regio’s de belangen van de re­gio’s kun­nen behartigen. De analogie met de Ameri­kaanse Senaat zal duide­lijk zijn. De vermenging van uitvoerende macht en wetgevende macht in de Europese Raad van Ministers is op den duur onwen­se­lijk. Minis­ters worden niet gekozen en zijn daarom door het volk moeilijk te corrigeren. Een senator, die het verkeerd doet, wordt de volgende keer niet her­kozen.Een houding van afzijdigheid of afwijzing ten aanzien van Europa lijkt onwenselijk. Ondernemin­gen, die denken alleen hun eigen belangen te behartigen, moeten beseffen, dat een Europese Unie, die niet erkend wordt door de Europeanen nooit goed kan func­tioneren. Een goed functioneren­de democratische Europese Unie is niet alleen een groot belang voor Europa en de Europese bur­gers, maar ook voor de rest van de wereld.John Jorna

Zienswijze over de grenzen van nationale landschappen

maandag, maart 10th, 2008

De grenzen van de nationale landschappen zijn ruwweg aangegeven en het wordt aan de provincies overgelaten die grenzen nauwkeurig vast te leggen. Van belang is, dat de woonkernen in zo’n nationaal landschap slechts zeer beperkt mogen groeien. Een vestigingsoverschot wordt niet toegestaan. In de provincie Utrecht zijn er drie nationale landschappen: Eemland, Rivierengebied en Nieuwe Hollandse Waterlinie. In de gemeente Bunnik hebben we te maken met de laatste twee. Opvallend is, dat aan de Noord-Oostzijde van Houten een gebied is, dat niet tot een nationaal landschap behoort. Rivierengebied en Nieuwe Hollandse Waterlinie sluiten niet op elkaar aan, Het leek alsof deze opening was vrijgehouden voor het tracé van de verbinding tussen Houten en de A12, bekend als het A12-SALTO-project. Daarom is mijn zienswijze in dit dossier opgenomen.

Betreft: Zienswijze Ontwerp streekplanuitwerking nationale landschappen.

 

  Odijk, 24 januari 2008  

Geacht College van Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht,

 

 Na bestudering van uw ontwerp wil ik mijn zienswijze geven ten aanzien van het gebied ten Zuiden van de A12, waar het Nationale Landschap Rivierengebied en de Nieuwe Hollandse Waterlinie elkaar ontmoeten. Ik moet tot mijn spijt constateren, dat de twee gebieden hier niet op elkaar aansluiten. Het gaat om vier elementen van het landschap, waarvan ik meen, dat ze bij het Nationaal Landschap Rivierengebied behoren.

  1. Het Raaphofse Bos is het enige essenhakhoutbos, dat in dit gebied nog rest. Oudere kaarten uit het begin van de vorige eeuw laten hier meer bos zien. Het kenmerkt zich door een rijke flora en fauna. Naast vele vogels vindt men er ook reeën en er is een bewoonde dassenburcht. Het bos is een rijksnatuurmonument, maar de omgeving verdient eveneens bescherming, want daar foerageren de reeën en dassen.
  2. De strook langs de A12 met veel fruitteelt en een camping biedt een beeld van het halfopen Krommerijngebied met veehouderij en fruitteelt en nu eens geen kantoren, autoshowrooms en meubelboulevards. Men wil er ook uitloopgebied van maken van de overbelaste landgoederenzone Noordelijk van de A12, Rhijnauwen en Amelisweerd.
  3. Een strook Noordoostelijk van de kern Houten, waar merkwaardigerwijs het Nationaal Landschap Rivierengebied en Nieuwe Hollandse Waterlinie niet op elkaar aansluiten. Juist hier ligt een schitterend fossiel Rijndal met de Rietsloot als restgeul en duidelijk herkenbaar in het landschap en zelfs op topografische kaarten. Daar loopt over de westelijke oeverwal de Rijsbruggerweg en het lijkt mij zeer waarschijnlijk, dat al in de Romeinse tijd hier de verbindingsweg lag tussen de Limesweg, de Achterdijk en de toenmalige Romeinse nederzetting in de kern van Houten-Dorp. De strook heeft ook het kenmerkende grondgebruik van de stroomruggen: akkerbouw en fruitteelt naast grasland nu men zich meer specialiseert op fruitteelt en rundveehouderij. Ook de overgang naar de westelijk gelegen kom is van belang. Het microreliëf verdient hier bescherming, zoals enkele jaren geleden bepleit werd door een groot aantal landelijke organisaties op het gebied van landschap, natuur en recreatie. Onze provincie heeft in Nederland een voorbeeldfunctie waar het gaat om het behoud van aardkundige waarden.
  4. Het Raaphofse Pad liep vroeger verder in de richting van de Achterdijk en werd door voetgangers uit Odijk gebruikt om naar Utrecht te lopen. Maar we mogen niet uitsluiten, dat ook de Romeinen daarvan gebruik maakten. Ook hier zou het tracé van de Limesweg gevonden kunnen worden. Er bestaan plannen om het oude tracé te gebruiken voor een fietspad.

Daarom wil ik er voor pleiten de grens westelijk van Odijk oostelijk van het Raaphofse Bos te laten lopen en vervolgens parallel aan de A12 tot de Oostelijke grens van de Hollandse Waterlinie. In de bijgevoegde kopie van de topografische kaart wordt dit zichtbaar gemaakt. Tevens is een fragment van de geomorfogenetische kaart toegevoegd, waarop de oude Rijnloop zichtbaar is.Ik ben gaarne bereid een en ander nader toe te lichten.Hoogachtend,  John Ch.M. Jorna 

Eindelijk inspraak voor de burgers

zondag, maart 9th, 2008

De Raad van de gemeente Bunnik bleek weinig gelukkig met het Milieu Effect Rapport. Het krioelde van de fouten en onnauwkeurigheden en bleek allesbehalve objectief. Al onmiddellijk kwamen de opstellers van het rapport met correcties en aanvullingen. Maar echt bevredigend werd het niet. De Raad van Houten aanvaardde het rapport zonder veel kritiek. Als er maar een weg van Houten naar de A12 kwam en of dat op een eerlijke of oneerlijke manier ging, dat interesseerde deze raad niet. En dan vragen politici zich alsmaar af hoe het toch komt,  dat de politiek zo’n slechte naam heeft.
Uiteindelijk aanvaardde ook de raad van Bunnik het enigszins verbeterde rapport, maar zonder in te stemmen met de keuze van het Rijsbruggerweg tracé als voorkeurstracé. Eerst moet de MER-commissie maar eens met een oordeel komen over dit rapport en daarbij rekening houden met de bezwaren, die zijn ingebracht.
Hieronder volgt dan mijn bezwaarschrift. Het ging vergezeld van de twee grote beschouwingen, de vier modellen en de vergelijking van de twee tracés.

Aan de Gemeente Bunnik
Singelpark 1
Odijk

REACTIE MILIEUEFFECTENRAPPORT A12/SALTO

 

 

Dit is de eerste gelegenheid, die de procedure biedt om bezwaar te maken tegen de milieueffectenrapportage. Daarom betrek ik nu uitdrukkelijk ook de eerste fase en de daaruit voortvloeiende trechtering.

 

Mijn bezwaren zijn de volgende:

 

1.                  Ik maak bezwaar tegen de duidelijke tendens in de Startnotitie om de rapportage toe te schrijven naar één tracé, het Rijsbruggerweg tracé. Bestuurders en bevolking moeten kunnen rekenen op de integriteit van de onderzoekers.

2.                  Ik maak bezwaar tegen de geringe inventiviteit bij het analyseren van de problemen bij een aansluiting bij de Mereveldseweg en de geringe creativiteit bij het zoeken naar een oplossing van die problemen. Als ik, een betrekkelijke leek vier modellen kan tekenen, die een mogelijke oplossing bieden, dan duidt dat op ondeskundigheid of op onwil.

3.                  Ik maak er bezwaar tegen, dat mijn modellen 1 – 4 zijn genegeerd en niet zijn doorgerekend op verkeerskundige effecten. Ik verwacht, dat met name mijn model 4 wordt doorgerekend voor de huidige situatie met te geringe capaciteit van de A27 en het knooppunt Lunetten, voor de toekomstige situatie met verhoogde capaciteit en voor een situatie met ingevoerd rekening rijden. Dit dient dan vergeleken te worden met het voorkeurtracé Rijsbruggerweg en deze twee tracés moeten ook wat betreft de kosten met elkaar vergeleken worden.

4.                  Ik maak bezwaar tegen de weinig objectieve beoordeling en tegen het nodeloos ingewikkeld maken door meerdere varianten van het Mereveldseweg tracé. Er is geen aandacht voor het feit, dat door de weg parallel aan de spoorweg te laten lopen er geen nieuwe doorsnijding ontstaat. Geen aandacht voor het nagenoeg ontbreken van bebouwing en het feit, dat daardoor minder mensen hinder ondervinden.

5.                  Ik maak bezwaar tegen het feit, dat niet onderzocht is of verbetering van de kruispunten van de route via Utrechtseweg/Houtenseweg naar knooppunt Laagraven de capaciteit van deze route kan worden verhoogd. Zo zou het verkeer uit de richting Utrecht naar Houten op de Laagravenseweg bij het afslaan naar de Houtenseweg over de Laagravenseweg of eronderdoor kunnen worden geleid.

6.                  Dus maak ik er bezwaar tegen dat bij de trechtering modellen als niet kansrijk zijn beschouwd. Dat geldt met name de alternatieven 9 en 10. En ik maak er bezwaar tegen, dat er geen duidelijkheid is verschaft over de mogelijke realisatie van een van de alternatieven 2, met name de Meerpaalvariant. In de studie over de verbreding van de A27 wordt aangenomen, dat deze verbinding zal zijn gerealiseerd.

7.                  Ik maak bezwaar tegen onderdelen van de beoordeling van het Rijsbruggerweg tracé en met name A. het ontkennen van de bijzonder grote aardkundige waarde van dit fossiele Rijndal met restgeul, B. het negeren van de barrièrewerking van dit tracé voor mens, plant en dier, C. het negeren van de Rietsloot als ecologische verbinding, D. het de schijn wekken, dat de Achterdijk het tracé ongelijkvloers zal kruisen, terwijl daar geen geld voor is en er dus ook fouten gemaakt worden in de berekening van de verkeersstromen, het bagatelliseren  van de problemen van het rakelings passeren van het waterwingebied en het bagatelliseren van de problemen van de aansluiting op de A12 dichtbij de uitrit van een tankstation en de afrit naar de N229.

8.                  Maar vooral maak ik bezwaar tegen het feit, dat deze weg tegen het huidige beleid in een nieuwe doorsnijding is van een bijzonder fraai landschap, onderdeel van het nationaal landschap Rivierenland en dit terwijl er alternatieven voorhanden zijn.

9.                  Ik maak bezwaar tegen deze weg omdat hij er gemakkelijk toe zal leiden, dat er ongewenst effecten optreden zoals bebouwing in dit gebied en doortrekken van de weg.

10.              En tenslotte maak ik er bezwaar tegen, dat er te weinig aandacht is voor het aantal mensen, dat hinder ondervindt bij de verschillende tracés.

 

Ik spreek de hoop uit, dat de uitspraak er toe zal leiden, dat voorkomen wordt, dat de burgerij wordt gestaafd in de afkeer voor politieke spelletjes en gebrek aan transparantie. Ik wijs u erop, dat het onvoldoende onderzoeken van alternatieven en nadelen heeft geleid tot een uitspraak, dat een verbreding van een rijksweg moest worden stilgelegd. Ik hoop een bijdrage te hebben geleverd om het in dit geval niet zo ver te laten komen.

J. Ch. M. Jorna

Beoordeling van het Milieu Effect Rapport, de MER

zaterdag, maart 8th, 2008

Nadat het Milieu Effect Rapport was uitgebracht, duurde het nog geruime tijd, voordat het op internet te raadplegen was. Het bleek een hele kluif het rapport te bestuderen. Vaak werd verwezen naar parallelle studies, die je dan ook weer moest raadplegen. uiteindelijk heb ik mij in mijn reactie geconcentreerd op de beoordeling van het tracé, dat de voorkeur kreeg van de Stuurgroep. De Stuurgroep bestaat uit afgevaardigden van de deelnemende gemeenten, de provincie, Rijkswaterstaat en het BRU. Ik heb het voorkeurstarcé Rijsbruggerweg vergeleken met het weggemanoevreerde Mereveldsewegtracé vergeleken en bij dat laatste oplossingen bedacht voor de aansluiting. Maar nu het commentaar.

Onderstaand commentaar heb ik aan de Raad van de Gemeente Bunnik aangeboden en het nu op enkele plaatsen licht gewijzigd. Het vormt de toelichting bij mijn bezwaren tegen het Milieu Effect Rapport. Tot nu toe ontving ik geen inhoudelijke reactie.

  

SALTO A12 : EEN COMMENTAAR

 

Door John Jorna   

Inleiding

 

Door een persoonlijke ervaring ben ik ervan overtuigd, dat Houten dringend behoefte heeft aan een betere verbinding met de stad Utrecht. In de nacht van 7 januari 2005 werd ik in slechte conditie eerst naar de huisartsenpost in Houten Zuid gereden en vandaar naar het Diaconessenhuis in Utrecht. Dat was geen pretje. Een snellere verbinding met de ziekenhuizen in Utrecht of Nieuwegein is een dringende noodzaak. Een andere reden is het (weliswaar niet zo grote) overstromingrisico, waarbij in grote delen van Houten het water tot 5 meter boven maaiveld kan stijgen. Voor een snelle evacuatie bieden de bestaande wegen waarschijnlijk te weinig capaciteit.De oude weg van Utrecht naar Houten is verdwenen onder de Utrechtse wijk Lunetten en onder de A27. Houten moet wel gebruik maken van de rijkswegen. Daar ligt het probleem, want de autosnelwegen hebben een te geringe capaciteit en de gevolgen daarvan zijn tot op de Rondweg van Houten merkbaar. 

Algemene opmerkingen bij het Eindrapport van de MER

 

Het rapport is duidelijk van betere kwaliteit dan de Startnotitie, die ervoor zorgde, dat het Mereveldseweg tracé niet nader onderzocht werd. Het rapport lijkt objectiever. De auteurs maken vooral gebruik van literatuur en daarbij met name van overheidspublicaties en niet van bestaande wetenschappelijke literatuur. In die overheidspublicaties kunnen al keuzes zijn gemaakt, waar we het niet zondermeer mee eens hoeven zijn. Zij doen zelf heel weinig of geen onderzoek. Ze geven aan, dat er met name over planten en dieren veel niet bekend is, al komen ze desondanks met veel gegevens. Maar we weten niet waar de lacunes zitten. Hun blik is enigszins verkokerd. Zo gaan ze er voortdurend impliciet van uit, dat alle migratie van planten en dieren verloopt via de provinciaal vastgestelde ecologische verbindingen. Alsof de libellen keurig de bordjes lezen “Verboden u buiten de ecologische verbinding te bevinden”. Ze nemen ook klakkeloos de cijfers van een verkeersmodel over zonder er kritisch naar te kijken. De uitkomsten zijn namelijk niet altijd erg logisch. Het zorgt ervoor, dat we het rapport extra kritisch moeten bezien. Dat is moeilijk doordat men door deze werkwijze moeilijk grip krijgt op het rapport en eigenlijk het werk van de onderzoekers moet overdoen. Laten we hopen, dat onder de inwoners van Houten en Bunnik zoveel deskundigheid schuilt dat het lukt de rapportknoop te ontwarren. De verkeersknoop ontwarren lukt in ieder geval niet. Daar is het rapport eerlijk over. 

De verkeersknoop

 

Naarmate Houten groeide en steeds meer werkgelegenheid kreeg nam het spitsverkeer van en naar Houten enorm toe. Het verkeer op de A27 dreigde vast te lopen en de Staart raakte zo erg overbelast, dat de congestie tot op de Rondweg merkbaar is. Houten wilde het verkeer naar Utrecht en verder afleiden naar de A12. Het probleem is, dat de A12 tussen de knooppunten Lunetten en Oudenrijn te weinig capaciteit heeft, zodat er voor Lunetten gemakkelijk files ontstaan. ’s Avonds komt al het verkeer uit Utrecht en Nieuwegein weer naar de A12 en ontstaan er op de A12 tussen Oudenrijn en Lunetten files. Dit is de uitgangssituatie, in jargon de nulvariant.De aantallen voertuigen in de ochtend en avondspits neemt men als uitgangspunt voor alle berekeningen. Deze cijfers bieden GEEN betrouwbaar uitgangspunt voor berekeningen van de stromen als er een nieuwe weg wordt aangelegd. In de spits kiezen automobilisten een alternatieve route, ze staan een tijd stil en er is dus geen verkeersstroom in het betreffende wegvak. Er is geen stabiele situatie. Je moet berekeningen voor een veranderd verkeersstromenpatroon uitvoeren in een situatie, dat het wegennet goed functioneert en het verkeer overal zonder vertraging kan doorstromen en de meest geëigende route kan kiezen. Pas dan krijg je een betrouwbaar beeld bij de nieuwe situatie. Daarna kun je berekenen waar overbelasting zal optreden als tijdens de spits het verkeer drie of vier maal zo druk wordt. Dit is één bezwaar, maar er is nog een tweede.Als uitgangspunt wordt de huidige situatie op de Ring van Utrecht genomen. We weten al, dat die onhoudbaar is. Er worden studies verricht om de capaciteit van de Ring te vergroten en daar zijn miljarden voor beschikbaar. Als de doorstroming op de Ring stagneert zijn de gevolgen in de ochtendspits merkbaar op de wegen naar de Ring en in de avondspits op de Ring zelf. Als dan een nieuwe verkeersstroom naar de A12 wordt geleid, dan is het niet verwonderlijk, dat de file op de A12 langer wordt. Wat wel merkwaardig is, is dat dit voor de aansluiting via het Rijsbruggerweg tracé wel wordt geaccepteerd: 65% meer voertuigverliesuren en voor het Mereveldseweg tracé niet.Het is zeer gewenst nu eerst berekeningen uit te voeren voor een situatie, waarbij de capaciteit van de Utrechtse Ring is vergroot en met name ook de capaciteit van het knooppunt Lunetten. Pas dan kan men een goede keus uit de verschillende mogelijkheden maken en het zou zelfs zo kunnen zijn, dat er helemaal geen verbinding Rondweg Houten – A12 nodig is.Overigens is er evenmin rekening gehouden met de effecten van de invoering van een spitsheffing, zo die er ooit komt.De onderzoekers zijn eerlijk over de effecten in het gebied tussen Houten en Bunnik. De overbelasting van deze landelijke wegen wordt niet opgeheven. Met name het Oostro(u)msdijkje blijft tot vier keer het gewenste niveau overbelast. 

De luchtverontreiniging: Gegoochel met cijfers

 

Het is algemeen bekend, dat de autolobby zich zeer ergert aan de op Europees niveau vastgestelde normen. Voor stikstofdioxide(N02) wordt overal langs het rijkswegennet de norm overschreden. Voor fijn stof blijven de berekende hoeveelheden langs de A12 nog net onder de norm. Nieuwe aansluitingen maken , waardoor de situatie lokaal verergert, kan dus niet. Maar de goochelaars van verkeer en waterstaat hebben er iets op gevonden. Als de auto’s een andere route kiezen, worden andere wegvakken ontlast. Zo kan de gemiddelde vervuiling op het rijkswegennet afnemen: meer auto’s over het Rijsbruggerweg tracé, minder over de A27. Daar neemt de luchtverontreiniging (tijdelijk) af en dus het gemiddelde ook. Het kunstje zal, denk ik, nog beter lukken met het Mereveldseweg tracé, want daarbij wordt de A12 niet extra belast. Dat intussen Houten Noord meer last krijgt, moeten we dan maar voor lief nemen. Aan de normen is voldaan en dus is er geen gezondheidsschade.Als ik raadslid in Bunnik of Houten was, zou ik willen weten hoe sterk de toename is in de aangrenzende woonwijken, hoe de situatie is tijdens de spitsen, hoe de wind de vervuiling in de wijk beïnvloedt, hoe ernstig de luchtvervuiling is bij bijzondere weersomstandigheden: de aanwezigheid van een inversie (een warme luchtlaag, die verhindert, dat de vervuilde lucht opstijgt) en bij weer, dat tot smogalarm leidt: zonnig weer, hoge druk (dus dalende lucht) en voor Bunnik zwakke wind uit zuidelijke richtingen. Bij die mogelijke gezondheidsschade zou dan onderscheid gemaakt moeten worden tussen zeer gezonde jonge mensen en ouderen en mensen met problemen aan de luchtwegen.Het rapport meldt, dat er geen woningen staan binnen vijftig meter van de A12. Dat is onjuist. Zowel op de Groeneweg bij de voetbrug als op de Schoudermantel vindt men woningen, die meer NO2 krijgen, dan volgens de normen is toegestaan. 

De aansluiting Mereveld

 

Voor Houten was het al in 2001 duidelijk, dat het verkeer op de Rondweg en de Staart zou vastlopen en dat een verbinding met de A12 nodig zou zijn en dan bij voorkeur via het Rijsbruggerweg tracé. In het Verkeersberaad van Bunnik wees ik op de mogelijkheid om een aansluiting bij de Mereveldseweg te maken. Daar was al een viaduct. Een ambtenaar van het BRU reageerde afwijzend. Daar moest ook al de spoorlijn  verbreed worden. Mij lijkt het alleen maar handig als je zaken kunt combineren. In die tijd wandelde ik ook met een kandidaat statenlid over de Rijsbruggerweg en liet hem het fossiele Rijndal met restgeul, de Rietsloot zien. Weer later legde iemand mij uit, dat het weefvak snel vol zou stromen, omdat het verkeer van en naar Houten elkaar kruisen en er dan oponthoud ontstaat en dus filevorming, die tot op het weefvak doorgaat. Stante pede tekende ik een oplossing, die ik ook opstuurde naar de actiegroep ‘Bunnik let op uw Saeck’, die hem op de website zou plaatsen, evenals een aantal bezwaren tegen het Rijsbruggerweg tracé, waaronder de aanwezigheid van het fossiele Rijndal. Zo liet ik deze oplossing aan meerdere betrokkenen zien. Alle rapporten negeren deze oplossing (model1) systematisch.Recent liet ik blijken, dat ik verbaasd was over het wegvallen van het Mereveldseweg tracé. Ik merkte, dat dit tracé nogal ondergewaardeerd werd in de Startnotitie en vroeg mij af wat daarvan de reden zou kunnen zijn. Een Bunniks raadslid merkte op, dat een oplossing met een nieuwe viaduct oostelijk van de Mereveldseweg wel erg duur zou worden en zo ontstond model 2 met ongelijkvloers kruisende aan- en afvoer en gebruik makend van het bestaande viaduct. Bij beide oplossingen is een dubbele aansluiting mogelijk, dus ook van en naar de richting Arnhem. Beide oplossingen met een groot aantal voordelen van het Mereveldseweg tracé overhandigde ik aan de voorzitter van de Stuurgroep en aan de wethouders van Bunnik en Houten. Toen kwam het volgende bezwaar. Het weefvak aan de Noordzijde zou in de spits volstromen en een lange file veroorzaken, zelfs als het weefvak bij een verlengde Noordboog 800 meter lang zou worden. Ik veronderstelde, dat de oorzaak was de te geringe doorstroming naar de A27 Noord. Maar in de Verkeersstudie1, te vinden op de site van Salto A12, wordt de nadruk gelegd op het weven als probleem.Als weven het probleem is, dan moet je niet weven, kreeg ik als een suggestie. Ik tekende de modellen 3 en 4. Het verkeer op de A12 uit de richting Arnhem met als doel de A27 Noord wordt kort na Vechten naar een nieuwe parallelbaan gevoerd, die over de aanvoerweg uit Houten heen gaat. Het verkeer uit Houten wordt gesplitst in een stroom naar de A27 Noord en komt verderop samen met het verkeer uit de richting Arnhem naar de A27. Het verkeer uit Houten naar de A12 kan ongestoord invoegen. De huidige afrit naar de A27 vervalt. Ik beveel de Raden van Houten en Bunnik aan ook eens naar dit model te laten kijken, temeer omdat het knooppunt Lunetten in de nabije toekomst toch op de schop moet.Mocht ook dit model files opleveren, dan ligt het niet aan het weven, maar aan de te geringe capaciteit van het knooppunt Lunetten en van de A27 Noord. Die capaciteit gaat in de nabije toekomst verhoogd worden.Volgens het rekenmodel trekt het Mereveldseweg tracé met verlengde Noordboog minder verkeer en wordt weliswaar de Rondweg en de Utrechtse weg minder belast, maar het Rijsbruggerweg tracé zou tot meer ontlasting van de Staart, de Rondweg en de Utrechtse weg leiden. Hier wreekt zich vermoedelijk het rekenmodel. Mij lijkt, dat het Mereveldseweg tracé niet alleen verkeer uit Houten Oost trekt zoals het Rijsbruggerweg tracé dat doet, maar ook verkeer uit de Noordelijke wijken van Houten, dat dan minder voor de Utrechtse weg kiest. Daar komt nog bij, dat de totale afstand via het Rijsbruggerweg tracé van de aansluiting van het Rijsbruggerweg tracé (huidige ontwerp) naar de aansluiting van het Mereveldseweg tracé op de A12 (model 4) ongeveer 750 meter langer is dan de route via de Rondweg en het Mereveldseweg tracé.  

Beoordeling van het Rijsbruggerweg tracé aanvechtbaar

 

Op bladzijde 43 van het Eindrapport wordt beweerd, dat deze geomorfologische verschijnselen, namelijk de oude rivierdalen met restgeulen, in het landschap aan de oppervlakte niet waarneembaar zijn. De auteurs zouden toch eens achter hun bureau vandaan moeten komen, de fiets moeten pakken en de Houtense fietsroute nr.1 uit het boekje ‘Fietsen door verdwenen rivieren’ gaan volgen. Dit echt schitterende boekje leert mensen kijken, ook naar het fossiele Rijndal met als restgeul de Rietsloot. Zelfs op de topografische kaart is de lagere ligging van het dal te zien aan hoogtelijnen en hoogtecijfers. De Rietsloot ligt ongeveer een meter lager dan de Rijsbruggerweg, die waarschijnlijk al door de Romeinen op deze oeverwal is aangelegd. Dit betekent, dat het tracé over grote delen moet worden opgehoogd om zo voldoende boven het grondwaterniveau te komen en minder last van nachtvorst te hebben. In zo’n opgevuld rivierdal moet je altijd verdacht zijn op diepere veenlagen of lagen slappe klei, zoals onder het Bunnikse gemeentehuis in Odijk. Dat geldt in het bijzonder voor een strook noordelijk van de Achterdijk, waar de Houtense Rijn doodliep op jongere afzettingen van de huidige Kromme Rijn.Hoe kan dat nu? De onderzoekers maakten gebruik van de provinciale inventarisatie van aardkundige waarden en op die kaart figuur 3.9 ontbreekt de Rietsloot als restgeul van een oude Rijnloop. Zie zonodig ook het ontwerp bestemmingsplan Buitengebied van de gemeente Bunnik, p.50. De auteurs kunnen in hun rapport de foto’s bekijken van de kruising van het Rijsbruggerweg tracé met de Achterdijk. Dezelfde Rietsloot wordt evenmin als natte ecologisch verbinding genoemd terwijl hij stroomopwaarts door een gebied met veel heikikkers loopt. Zo wordt de barrièrewerking van een weg wel erkend, maar vooral als een hindernis voor voedselzoekende dassen of bij het kruisen van een ecologische verbinding. Maar planten en dieren hebben bij hun migratie over de volle lengte hinder van zo’n drukke weg, ook al doorsnijdt deze niet hun eigenlijke leefgebied. De dassen leggen op zoek naar voedsel kilometers af, zegt het rapport. Het Rijsbruggerweg tracé ligt op minder dan een kilometer van hun burcht. Zo isoleert het Rijsbruggerweg tracé het Bos Nieuw Wulven en Fort Vechten van de rest van het Kromme Rijngebied.Het Rijsbruggerweg tracé maakt meer kapot dan ons lief is.Het Rijsbruggerweg tracé kent ook het risico van de salamitactiek. Als de weg er eenmaal ligt valt aan een verbinding met de Koningsweg moeilijk te ontkomen en het is ook heel verleidelijk om de weg maar meteen door te trekken naar de Uithof. Ik hoor de bestuurders al roepen, dat dit zeker nooit zal gebeuren. In het rapport wordt al geopperd de N229 door te trekken naar dezelfde aansluiting en ook verkeer vanuit Houten naar de oprit bij Bunnik richting Arnhem mogelijk te maken. Tenslotte zal het moeilijk worden weerstand te bieden aan de grondspeculanten en bedrijven, die zich graag op deze schitterende snelweglocatie willen vestigen. Dat geldt overigens ook voor het Houtense deel van het tracé. Dag mooi Kromme Rijnlandschap. Waren huizen eerst nodig om de weg te betalen, nu vormt de weg een breekijzer om toch tot ongewenste bebouwing met woningen en/of kantoren te komen in een gebied, dat nationaal landschap wordt.In een voorlopig ontwerp van de weg wordt bij de aansluiting op de A12 duidelijk GEEN rekening gehouden met een mogelijke spoorverdubbeling op de lijn Utrecht – Arnhem. 

Het Mereveldseweg tracé

 

Dit tracé begint bij de uitgang De Haag iets oostelijk van de kruising van de spoorlijn met de Rondweg. Dat kan door middel van verkeerslichten, maar er is ook ruimte voor een rotonde. Het tracé loopt parallel aan de Rondweg naar de spoorlijn en buigt dan af naar het Noorden. Hier wordt een strook van het Bos Nieuw Wulven opgeofferd en dat kan gecompenseerd worden door een brede berm met struiken en bomen in het open gebied tot de Marsdijk. Zo wordt de schade van de spoorverbreding aan deze ecologische verbinding, de spoorlijn gecompenseerd. Na het passeren van de Marsdijk gaat de rijbaan vanuit Houten onder de rijbaan naar Houten door en vervolgens via de bestaande onderdoorgang van de spoorlijn onder de A12 door, gaat dan naar rechts en vervolgens met een boog naar de A12. In het stuk noordelijk van de Marsdijk zijn archeologische vondsten te verwachten, in de rest van het tracé niet. Daar loopt de weg op de grens van een kom en een smalle stroomrug. De weg moet er opgehoogd worden en er kunnen zettingsverschijnselen van de komklei optreden. Klei op veen komt verder oostelijk voor. De A12 ligt hier op een oude bedding en er komen dunne veenlagen en lagen humeuze klei voor in de bovenste meter. Het grote voordeel van dit tracé is, dat het geen nieuwe doorsnijding van het landschap oplevert. De weg kruist de Mastwetering, een ecologische verbinding en daar en onder de spoorlijn is een speciale duiker nodig. De weg loopt door een vrijwel onbewoond gebied en geeft dus alleen voor enkele woningen aan de Marsdijk overlast. De weg komt dicht bij Utrecht uit en de A12 wordt tussen Bunnik en Lunetten dus niet extra belast. Het is een zeer korte en zeer rechtstreekse verbinding met Utrecht. Zolang de capaciteit van de Ring niet verhoogd is vallen er in de spits vertragingen te verwachten, maar buiten de spits verwacht ik, dat men zo het snelst van het Rond in Houten in Utrecht is.De kruising Marsdijk/Mereveldseweg – Fortweg/Oud Wulfseweg met de weg en het spoor kan in samenhang met de spoorverbreding geregeld worden. Er moet toch al een ongelijkvloerse kruising voor het fietsverkeer naar de Noordelijk van de spoorlijn gelegen Mereveldseweg komen. Realisatie van het Mereveldseweg tracé maakt dit niet onmogelijk.  

Het Meerpaal tracé

 

De Startnotitie voor de verbreding van de A27 zuidelijk van het knooppunt Lunetten noemt in de nulvariant een nieuwe brug over het Amsterdam-Rijnkanaal zuidelijk van Houten en een regionale verbinding daarover tussen Houten en Nieuwegein. Zo’n brug ontlast de Utrechtse weg en de Staart. Kennelijk gaat Rijkswaterstaat ervan uit, dat die brug er komt. Alle reden om daar bij alle plannen voor de ontsluiting rekening mee te houden. 

MER derde fase

 

In het bovenstaande zijn voor de raden van Bunnik en Houten tal van redenen genoemd om de conclusies in dit MER Eindrapport niet te aanvaarden en voortgezet onderzoek te eisen. Zij vormen in deze zaak het bevoegde gezag en Rijkswaterstaat en het projectteam bij het BRU verwijzen dan ook naar de raden van Bunnik en Houten. Dat afwijzing van de plannen betekent dat het fietspad langs het Oostroms/Oostrumsdijkje niet doorgaat is ordinaire chantage. Als het BRU enig politiek fatsoen kent, wordt dit dreigement snel ingeslikt. Je chanteert twee gemeenten niet ten koste van mensenlevens.In een apart document worden de twee echt kanshebbende tracés met elkaar vergeleken. Odijk, 20 november 2007/ in 2e versie 20 februari 2008  

Bijlagen

 

Kaart met de twee tracésVergelijking van de twee tracésModel 1 Mereveld met nieuw viaductModel 2 Mereveld via huidig viaductModel 3 Als 1 zonder wevenModel 4 Als 2 zonder weven 

vrijdag, maart 7th, 2008

SALTO-A12: Ergerlijke koppelverkoop

 

De boodschap, die de gemeente Bunnik heeft gekregen komt er op neer, dat er best wat geld af kan voor fietspad langs het Oostroms/Oostrumsdijkje, maar dan moet Bunnik wel genoegen nemen met blijvende narigheid in het buitengebied en op de Julianalaan en nog meer geluidsoverlast en smerige lucht voor de kern Bunnik.

Houten krijgt in ruil voor wat minder congestie bij de Staart de mogelijkheid op het Rijsbruggerweg tracé en op de A12 richting Utrecht in de file te staan. Tot troost voor de Houtenaren, achter hen is de file nog veel langer. De oorzaak is het flessenhalseffect van de Utrechtse Ring. Daarover lopen nu onderzoeken.

Het is jammer, dat het Mereveldseweg tracé niet in de MER-procedure is meegenomen. Allerlei aanvankelijke problemen blijken oplosbaar. Prompt werd een nieuw probleem opgeworpen. De combinatie van een 500 m lange invoeg vanuit Houten met een uitvoeg naar Hilversum blijkt te snel vol te lopen. De oorzaak is de grote drukte op de A27-Noord. De oplossing, die bij Bunnik ook wel noodzakelijk zal blijken is toeritdosering tijdens de spits.

Als men dit tracé wel had onderzocht zou gebleken zijn, dat dit het best is voor het landschap, want geen nieuwe doorsnijding, het best voor de landbouw, want minder bedrijven aangetast, het best  voor het milieu, want minder hinder voor minder bewoners en het best voor het internationale en interlokale verkeer, want het tracé komt uit op de parallelbaan en last but not least het beste voor Houten, want je komt dichter bij Utrecht uit en de congestie bij de Staart neemt net zo goed af.

Daarom vroeg ik een eerlijke kans voor het Mereveldseweg tracé, maar voorzitter de Weger sprak het machtswoord: Daarmee zullen de andere 8 partners niet instemmen. De raden van Bunnik en Houten kunnen nu maar beter rustig wachten tot duidelijk is of de capaciteit van de Utrechtse Ring kan worden vergroot. Zo niet, dat loopt het verkeer, snel volkomen vast. Ik wens de raden van Bunnik en Houten veel sterkte.

 

John Jorna, Odijk

Ingezonden stuk voor Bunniks Nieuws

vrijdag, maart 7th, 2008

SALTO mortale: De conclusie van 8 oktober 2007

 

Door John Jorna 

 Voorzitter de Weger gaf deze avond toelichting bij het besluit van de Stuurgroep SALTO-A12 om het Rijsbruggerweg tracé als meest geschikt bij de bevoegde gezagen, de Raden van de gemeenten Bunnik en Houten aan te bevelen. Het tracé zou niet al te milieuonvriendelijk zijn en het zou zo zijn te situeren, dat niet al te veel bedrijven zouden worden doorsneden. Waarschijnlijk betekent dat een tracé direct langs de Rietsloot, want die vormt een achtergrens van veel bedrijven. Dat daarmee een fraaie restgeul met oud rivierdal van een voormalige Rijnloop nog verder wordt aangetast besefte de spreker waarschijnlijk niet eens. De doorslag gaf, dat bij de Staart, de oprit naar de A27 aanzienlijk minder congestie zou optreden. En ja, werd er nonchalant aan toegevoegd, op de A12 zou de file in de ochtendspits wel wat langer worden. Die begint nu al tussen Veenendaal en Maarsbergen. En vanzelfsprekend krijg je ook filevorming op het Rijsbruggerwegtracé als de A12 dicht zit.Om een plaatselijk probleem op te lossen wordt de doorstroming op een internationale verbinding nog ernstiger verstoord. Is verbreding van de A12 dan de oplossing. Neen , het is slechts een deel van de oplossing. Tussen Bunnik en Knooppunt Lunetten kan nu al aan beide zijden een vierde rijstrook in gebruik worden genomen. Het eigenlijke probleem is de beperkte capaciteit van de wegen, die de Ring van Utrecht vormen. In dit geval gaat het met name om de A12 tussen de knooppunten Lunetten en Oude Rijn en de A27 Tussen Vianen en Utrecht Noord. Hierover lopen nog onderzoeken.Wat gaan we dus doen? We sturen per etmaal 20.000 motorvoertuigen naar de A12 bij Bunnik om de problemen nog te verergeren. Daar mogen de Houtenaren in de richting Utrecht kruipen en intussen de juiste baan kiezen. Volgens Rijkswaterstaat een kleine drie kilometer voor nodig. Achter al die Houtenaren aan sukkelen nog veel meer auto’s die vanuit Duitsland, Gelderland en Zuid-Oost Utrecht op weg zijn naar de Randstad.Als het Mereveldseweg tracé een eerlijke kans had gekregen, zou het overige verkeer minder last gehad hebben van de toestroom vanuit Houten, want dat tracé komt uit op de parallelbaan en het verkeer naar de A27 Noord en de A28 komt eigenlijk niet op de A12. Alleen zou de 500 meter lange combinatie van invoeg en uitvoeg niet lang genoeg zijn om invoegers en uitvoegers te laten ritsen. De oorzaak daarvan is vooral het feit, dat het verkeer niet vlot kan doorrijden naar de A27 Noord. De kern van het probleem is de onvoldoende capaciteit van de Ring van Utrecht. Odijk, 9 oktober 2007